Het leven is een reis, geen eindbestemming
Job Pradhan - India
Sebastiaan de Graaf [1974] is getrouwd en heeft twee dochters. In het dagelijks leven is hij werkzaam in de Jeugdzorg.
Daarnaast verzorgt hij in diverse gemeenten zondagse spreekbeurten en schrijft voor het Bijbelmagazine Amen.
In zijn vrije tijd zit hij graag op de racefiets. Daarnaast houdt hij van lezen.

Loading Player...

De preek is te beluisteren via de speler onder aan deze pagina.
Het onderstaande verslag en het schema zijn hier te downloaden
Bestanden:
pdf.png Bijbelstudiedag het dilemma van de scheppingsgeschiedenis 1.0 POPULAIR
(1 stem)
Het verslag van de Bijbelstudiedag van 9 januari 2015 van Sebastiaan de Graaf.
Datum 2016-01-12 Bestandsgrootte 123.93 KB Download 350 Download

pdf.png Schema behorend bij de bijbelstudiedag het dilemma van de scheppingsgeschiedenis 1.0 POPULAIR
(2 stemmen)
Het schema behorend bij de Bijbelstudiedag van 9 januari 2016 van Sebastiaan de Graaf.
Datum 2016-01-12 Bestandsgrootte 9.26 KB Download 289 Download


Bijbelstudiedag – Het Scheppingsdilemma – Deel 1/4


Oud Beijerland 9 & 10 januari 2016

Opzet

• Niet alles zal aan de orde komen, daarvoor is het onderwerp te breed.

Studie 1 (9-1) > Inleiding

1.       Het is en het zal een dilemma blijven
2.       Een paar belangrijke uitgangspunten

Studie 2 (9-1) > Genesis 1

1.       De verschillen tussen Genesis 1 en 2
2.       Genesis 1 – Het begin

Studie 3 (9-1) > Genesis 1

1.       Structuur en duale karakter van Genesis 1
2.       De kwestie van het licht
3.       De kwestie van het uitspansel
4.       Slotsom & Conclusie

Studie 4 (10-1) > Genesis 2

1.      Het is en het zal een dilemma blijven

• In de afgelopen tweehonderd jaar is men zich in toenemende mate af gaan vragen of God verantwoordelijk is voor het ontstaan van de kosmos en hoe dit dan gebeurd is:

·         Het heelal zou spontaan ontstaan zijn door een Big Bang, waarbij materie en antimaterie uit elkaar getrokken zijn > Haaks op Genesis 1;
·         Onderzoeken stellen dat de aarde miljarden jaren oud is > Haaks op 7.000 jaar van de Bijbel;
·         Leven is door evolutie ontstaan > Haaks op Genesis 1, waar God de Schepper wordt genoemd;
·         Mensen bestaan honderdduizenden jaren > Haaks op 7.000 jaar van de Bijbel.

• Christenen pogen – al dan niet beïnvloed door de tijdgeest – om Genesis (opnieuw) te verklaren:

1.       Absoluut Creatonistische theorie > God schiep hemel en aarde in 6 dagen van 24 uur;
2.       Concordistische theorie > De 6 dagen van Genesis 1 kunnen dagen van miljoenen jaren zijn geweest, waarin dan de evolutie plaats vond;
3.       Diluviale theorie > De aarde heeft ingeschapen ouderdom meegekregen en de zondvloed heeft e.e.a. ook drastisch veranderd;
4.       Restitutietheorie > Er is nog een (verwoeste) schepping voor de onze geweest (scheiding tussen Gen. 1:1 en Gen. 1:2);
5.       Ideale theorie > Het gaat niet om de letterlijkheid, maar om de logische ordening welke poëtisch wordt weergegeven;
6.       Kadertheorie > De structuur van de Israëlitische week wordt gebruikt om Gods scheppende werk in te verankeren;
7.       Complementaire theorie > Bijbel en wetenschap beschrijven ieder een eigen terrein van de werkelijkheid.

• Het Darwinisme lijkt een betere en gemakkelijkere oplossing. Echter:

·         Er is tussen de verschillende onderzoekers veel verschil van mening over dateringen;
·         Men heeft het proces tot het creëren van het eerste leven nooit na kunnen bootsen;
·         Er zijn missing links tussen de soorten;
·         Wetenschappelijk gezien zijn de samenvallende toevalligheden waardoor de aarde is ontstaan onmogelijk;
·         Het is de Evolutie 'theorie';
·         De vraag is: Kunnen wij überhaupt wel  wetenschappelijk duiden hoe de kosmos is ontstaan?Lezen: Job. 38:1-7 [HSV 773].

• Het is belangrijk dat wij beseffen dat zowel gelovigen als niet gelovigen vanuit de huidige  tijdgeest naar dit onderwerp kijken. Genesis 1 en 2 zijn echter overgeleverd rekening houdend met de tijdgeest van toen.

• In onze tijd willen wij absolute en feitelijke antwoorden; een kant en klaar overzicht van hoe de schepping is ontstaan, hoe Gods Plan is en wanneer Christus terug komt. Van hieruit ontstaan ook de verschillende interpretaties van hoe God de kosmos heeft geschapen:

·         Miljoenen jaren versus zes dagen;
·         Bolle versus holle aarde;
·         Darwinisme versus Intelligent Design versus creationisme;
·         God heeft losgelaten versus God bestuurd.

• Het is niet erg dat wij vanuit onze tijdgeest denken en redeneren, als wij dit maar wel beseffen en de tijdgeest niet aan de Bijbel opleggen. Dat wil zeggen: Geen absolute antwoorden eisen > Lezen: 2 Pet. 1:20-21 [HSV 1894] en 1 Kor. 13:12-13 [HSV 1794]. 

• Laten wij zo onbevooroordeeld mogelijk de Bijbel benaderen vanuit het besef dat wij niet op alles een antwoord hoeven te krijgen en ook zullen krijgen.

2.      Een paar belangrijke uitgangspunten

• God is hoe dan ook de Schepper van hemel en aarde: Lezen:Wet: Gen. 1:1 + Gen. 2:4b, Profeten:  Jes. 40:28 [HSV 1124] + Jer. 10:12 [HSV 1202], Geschriften: Neh. 9:6 [HSV 695]+ Ps. 121:2 [HSV 932], NT: Hand. 14:15 [HSV 1731] + Opb. 4:11 [HSV 1911].

• Aan de schepping kunnen wij zien Wie de Schepper is: Lezen:Rom. 1:20 [HSV 1758] + Ps. 19:2-5 [HSV 800].

• God schiep de wereld door Christus: Lezen:Kol. 1:15-16 [HSV 1835] en Opb. 3:14 [HSV 1910].

• God past zich aan de (belevingswereld van de) mens aan in Zijn openbaring:

·         Gods hemelse wijsheid gaat ons aardse denken te boven. God moet Zich daarom aan ons aanpassen;

·         OT is Hebreeuws + Aramees, NT is Grieks (terwijl Here Jezus Aramees sprak);

·         Gelijkenis over de rijke man en de arme Lazarus sluit aan bij beeld wat men toen van het dodenrijk had (Luk. 16);

·         Voor dood (thanatos) en dodenrijk (hades) worden termen gebruikt uit de Griekse mythologie, wat aansluit bij de taal en het denken van de mensen uit die tijd. 

·         De zon staat stil (Joz. 10:12-13), de hemel is rond (Jes. 40:22) en sterren vallen uit de hemel (Opb. 6:13);

·         God openbaart niet alles (tegelijkertijd) > Deut. 29:29, Dan. 12:9 + Opb. 10:4.

&bull  Heeft God hemel en aarde voor zeker in 6 dagen gemaakt?Lezen: Ex. 20:9-11 > Het gaat er hier niet om te bewijzen in hoeveel dagen God de hemel en de aarde gemaakt heeft, maar dat Israël op de 7e dag zijn rust neemt. Vgl. met Efe. 6:1-3 (Lezen) [HSV 1828]. Zie ook Gen. 2:4b (Lezen) > "de dag dat"

• Kan God hemel en aarde in 6 dagen maken? Lezen: Ps. 33:6-9 [HSV 816]. Belangrijk punt is niet zo zeer hoe God hemel en aarde gemaakt heeft, maar dat Hij dit heeft gedaan en dat de Scheppingswerken van Hem getuigen en dat wij hiervan mogen genieten! (vb. hoe natuurfilm vaak in elkaar gezet wordt).


Bijbelstudiedag – Het Scheppingsdilemma – Deel 2/4

1.      De verschillen tussen Genesis 1 en 2

• Twee scheppingsbeschrijvingen met ieder een eigen karakter:

·         Genesis 1 (1:1-2:3):
-          7 dagen;
-          Eerst de leefomgeving, dan de mens;
-          Gestructureerde beschrijving; 
-          God wordt 'Elohim' genoemd;
-          Scheppingsopdracht aan de mens (1:28-31);
-          Het gaat om de kosmos en de plaats van de mens hierin.

·         Genesis 2 (2:4-2:25):

-          1 dag;
-          Eerst de mens, dan de leefomgeving;
-          Verhalende beschrijving;
-          God wordt 'JHWH Elohim' genoemd;
-          Vrouw aan de mens gegeven (2:21-25);
-          Het gaat om de mens en hoe de kosmos hem als leefomgeving gegeven is.

• Verklaring:

·         Genesis 1 en 2 benaderen de schepping ieder vanuit een eigen invalshoek, hebben een eigen thema > In Genesis 1 staat de kosmos centraal, in Genesis 2 de mens. Thematiek lijkt belangrijker dan chronologie te zijn;
·         Vgl. 'onvolledige' geslachtsregisters Mat. 1:1 (3x 14 namen, van Abraham tot Christus) met Luk. 3:23 (77 namen, van Jezus terug naar Adam) > Thematiek: Mattheüs de Abrahamitisch en Koninklijk & Lukas Adamitisch;
·         Vgl. 'Verzoeking in de woestijn' > Mat. 4 eindigt met aanbieden van de Koninkrijken (thematiek: Koningschap), Luk. 4 eindigt op het dak van de tempel (thematiek: Rangorde van de mens; hoger dan de engelen, lager dan God);
·         Belangrijk: Chronologie is in de Bijbel ondergeschikt aan de boodschap van de beschrijving. Wie de Schrift tot in het extreme determineert, loopt het gevaar de boodschap te missen. Onze tijdgeest vormt hierin een gevaar;

• Opmerkelijk: 

·         Begin zgn. 14 'toledot'-passages ("Dit is de geschiedenis van…") pas vanaf 2:4, welke van 2:4 t/m Mat. 1 doorlopen > Lezen: Gen. 2:4 (1e), 5:1 (2e), 6:9 (3e), Mat. 1:1 (14e) [HSV 1529] [zie uitdraai];
·         Genesis 1 valt buiten deze indeling en heeft daardoor een aparte plek in de Bijbel. Volgende mogelijkheden:

-          Genesis 1 vormt een inleiding die de randvoorwaarden voor het bestaan van de mens (nl. de schepping) en het doel van zijn bestaan beschrijven > Lezen: 1:28-31;

-          Genesis 1 legt de nadruk op het grote geheel (de kosmos), Genesis 2 legt de nadruk op directe leefomgeving van de mens > Lezen: 2:4-9+15-17. In Genesis 2 wordt dan als het ware ingezoomd (zie namen van God en creëren van de vrouw);

-          Genesis 1 vormt een typologische samenvatting van Gods plan. Iedere dag beschrijft een fase/bedeling uit God plan [zie uitdraai];

·         In Gen. 2:4 begint de geschiedschrijving, echter al in Gen. 1:1 begint de kosmos, nog voor de mens geschiedenis gaat schrijven.

• Samenvattend: Genesis 1 en 2 verschillen van elkaar en hebben ieder hun eigen thematiek/boodschap, welke ondergeschikt is aan de chronologie. 


2.      Genesis 1 – Het begin (1:1-2)

• Lezen:1:1-2;

• "In het begin" > 'bereshit' > Wanneer dit was? > Toen God de hemelen en de aarde schiep > Vgl. Hos. 1:2-3 (Lezen) [HSV 1414] > God begint feitelijk te spreken als Hosea handelt ( dabar) . Vgl. 1:3 (Lezen).

• "In het begin" geeft een startpunt, uitgangspunt aan, wat niet wil zeggen dat daarvoor niets zou zijn geweest > Lezen:Ps. 90:1-2 [HSV 888], Joh. 1:1-5 [HSV 1667], Spr. 8:22-23 [HSV 970] en 2 Tim. 1:9 [HSV 1854]. 

• Gods heilsplan begint voor de Bijbelbeschrijving, de Bijbelbeschrijving begint met het ontstaan van de kosmos (Gen. 1:1), hierop volgt de geschiedschrijving aangaande de mens/Adam (Gen. 2:4). Johannes 1 beschrijft de oorsprong van het leven, Genesis 1 de conceptie, zwangerschap en geboorte, Genesis 2 het leven vanaf de geboorte.

• Wat schiep God (Elohim in majesteitsmeervoud)? > 'de hemelen' (altijd duaal gebruikt in OT) en de aarde. De hemelen lijkt hier te duiden op alles wat onder de derde hemel is. Deze derde hemel lijkt er al te zijn geweest > Lezen: Job 38:6-7 [HSV 773], 1 Tim. 6:16 [HSV 1853].

• Gods handelen kent volheid: 7 woorden in Gen. 1:1 en 7 dagen in totaal. 

• "De aarde nu was woest en leeg" & "duisternis lag over de diepte" > Dit roept de volgende gedachten op: 

1.       Is er tussen Genesis 1 en 2 een periode geweest waarin de aarde woest en ledig werd?
2.       Heeft God de aarde dan als 'tohoewabohoe' gemaakt en later ingericht? 
3.       Was de aarde reeds in onontwikkelde vorm aanwezig toen God de hemel en aarde ging scheppen?

1.       Is er tussen Genesis 1 en 2 een periode geweest waarin de aarde woest en ledig werd?

·         Deze periode wordt nergens expliciet beschreven in de Bijbel. Als dit belangrijk zou zijn geweest, was dit wel gedaan;
·         Het begrip 'was'wordt dan vertaald of opgevat als 'werd'. Dit is niet onomstreden. Er wordt door vertalers opgemerkt dat als de aarde woest en ledig zou zijn geworden, dit anders was weergegeven in het Hebreeuws. Maar ook met 'was' als vertaling kan er nog steeds sprake zijn van een tussenliggende periode.  
·         De theorie steunt op de typologische toepassing van de profetie over de koning van Tyrus op satan in Ezech. 28. Echter, uitlegkundig kan en mag typologie nooit het fundament vormen van een heilsfeit. 
·         Ment stelt dat de schepping nooit woest en ledig had kunnen beginnen > Lezen: Jes. 45:18 [HSV 1137]. Deze verzen lijken echter eerder betrekking te hebben op de eindsituatie van Gen. 1&2.
·         Het begrip 'katabole' wordt in deze uitleg vaak opgevat als 'nederwerping' i.p.v. 'grondlegging'Katabole kan i.d.d. negatief (Lezen: Opb. 12:10 [HSV 1918]), maar zeker ook positief opgevat worden (Lezen: Heb. 6:1 [HSV 1868] + 11:11 ["zaad te geven"] [HSV 1875]).

·         Conclusie: Wij kunnen niet uitsluiten dat er een kosmos voor de onze is geweest, maar hard bewijs hebben wij niet. Wij weten het niet.

2.       Heeft God de aarde dan als 'tohoewabohoe' gemaakt en later ingericht?

·         Dit kan als de schepping als proces opgevat wordt. "In het begin" geeft een moment in de tijd aan waarop aan iets begonnen wordt, geen absoluut 0-punt.

3.       Was de aarde reeds in onontwikkelde vorm aanwezig toen God hemelen en aarde ging scheppen?

·         De aarde was dan nog niet als aarde herkenbaar, maar in embryonale staat (vgl. het embryo van de mens, dat moeilijk van de dieren te onderscheiden is).

• Het gaat niet om de details maar om de boodschap: Er was chaos, wat God tot een prachtig en goedwerkend systeem maakte, waarbij de mens de kroon op het werk is > Lezen: Ps. 104:24+33-34 [HSV 903].

Bijbelstudiedag – Het Scheppingsdilemma – Deel 3/4

1.      Structuur en duale karakter van Genesis 1

• In Genesis 1 zien wij een duidelijke structuur in Gods handelen terug [Zie uitdraai]:

1e drietal dagen: SCHEIDING BRENGEN

1. Licht en donker gescheiden
        2. Wateren gescheiden (op + boven aarde)                       

                       3. Land en water gescheiden

2e drietal dagen: FORMEREN

4. De hemellichamen geformeerd

        5. De waterdieren + hemeldieren geformeerd 

                       6. De landdieren en de mens geformeerd

• Deze wetmatigheid geeft aan dat God ordelijk te werk gaat en ook orde aanbrengt in de schepping > Het verloop van de tijd, de seizoenen in de natuur, de voedselpiramide, de waterkringloop, de levenscirkel zorgen allemaal voor een evenwicht die de aarde leefbaar maakt en het bestaan structuur geeft > Ideale theorie.

• Duale karakter > Overal in Genesis 1 komen wij het duale karakter tegen (Genesis 1 doornemen), maar ook in Genesis 2 is dit het geval (Lezen: 2:9+18). Het bepaalt ons bij het duale karakter van de schepping en het menselijke bestaan: leven & dood, dag & nacht, licht & donker, hemel & aarde, goed & kwaad, oorlog & vrede, man & vrouw. Zie ook Pred. 3:1:8 (Lezen) [HSV 1024], maar ook 1 Kor. 15:50+53-54 (Lezen) [HSV 1798].

2.      De kwestie van het licht

• Lezen: Gen. 1:3-5+14-18.

• Het licht is er eerder dan de hemellichamen die onze bron van licht vormen > Lezen: 1 Tim. 6:16 [HSV 1853] + Opb. 21:23 [HSV 1929]+ Joh. 1:1-5 [HSV 1667] > De schepping begint met absoluut licht en eindigt met absoluut licht.

• De dagen beginnen naar Joods gebruik met de avond > de Schepping begint met het duister en eindigt in licht. Avond & morgen geven hier een dualiteit aan.

• De eerste drie dagen zijn er geen hemellichamen die met hun licht de tijd bepalen. Het lijkt in Genesis 1 met het begrip 'dag' daarom niet om 24 uur te gaan, maar om de structuur waarin de schepping tot stand komt en de dualiteit tussen avond en morgen > Kadertheorie.

• Licht bestaat hier zonder bron en bestaat voor de tijd:

·         Licht is onafhankelijk van tijd;
·         Licht is fundamenteler dan tijd (vb. tijdzones in de wereld);
·         Licht is tijdloos;
·         God is licht en staat daarmee boven de tijd > Lezen:1 Tim. 1:17 (HSV 1849);
·         Alle gebeurtenissen in de schepping vinden voor God parallel aan elkaar plaats > Duizend jaar is voor Hem als één dag (2 Pet. 3:8).

• Het licht wordt 'goed' genoemd, de scheiding tussen licht en duisternis niet. Zou het zo zijn dat in de eerste Scheppingsdagen het alleen licht is als God aanwezig is en handelend optreedt?

&bull  Gods tijdloze licht mag in onze harten schijnen > Lezen:2 Kor. 4:6 [HSV 1803].

3.      De kwestie van het uitspansel

• Lezen:1:6-10

• Bezie de zaken in het licht van de tijd waarin Genesis is opgetekend.

• 'Hemelen' > Universeel en enkel duaal gebruikt woord voor 'hemel' in het OT ('shamayim'), afkomstig van niet gebruikte enkelvoud 'shameh' (betekent: 'hoog zijn' / 'verheven zijn').

• 'Gewelf' (of: 'uitspansel') > 'raqi' > letterlijk: 'uitspreiding'. Het gewelf scheidt de wateren die op dat moment de aarde bedekken en maakt scheiding. Wij zouden het kunnen zien als de blauwe hemelkoepel boven ons > Lezen: Job 37:18 [HSV 773]. 

• De wateren onder het gewelf worden ook weer gescheiden van elkaar in water en land.

• Over de wateren boven het gewelf wordt verder niets meer gemeld in Genesis. Wellicht grote waterreservoirs boven onze dampkring? > Vgl. Gen. 2:5-6+7:11-12+8:2 + Ps. 148:4 ( Lezen) [HSV 954]. Opmerkelijk is dat er pas over wolken gesproken wordt na de zondvloed > vgl. 9:13 (Lezen).

• Lezen: 1:14-18 > Vanuit het oogpunt van de mens op aarde, zijn zon en maan aan de onderzijde van het hemelgewelf bevestigd.

• Samenvattend: Het hemelgewelf lijkt op de blauwe 'koepel' van lucht boven ons te duiden. Waarboven zich dan grote waterreservoirs zouden bevinden en waarbij – vanuit het oogpunt van de mens – de hemellichten aan de blauwe koepel zijn bevestigd.

• Belangrijk: Wat het ook is, als wij maar onthouden wat in Ps. 108:5 staat (Lezen) [912].

4.      Slotsom & Conclusie

• Om de boodschap van Genesis 1&2 goed te verstaan, is het belangrijk dat wij buiten onze tijdgeest denken en redeneren en rekening houden met de tijd waarin Genesis is opgetekend.

• God is hoe dan ook de Almachtige Schepper van hemel en aarde en heeft de schepping op een wonderlijke en ondoorgrondelijke manier tot stand gebracht.

• In Genesis 1 kunnen wij zien hoe God de schepping wetmatig en ordelijk tot stand heeft gebracht.

• In Genesis 2 kunnen wij zien hoe God begint met de mensheid en hem de voorwaarden biedt om op aarde te kunnen leven en zijn taak te doen.

• Genesis 1 is een piramide, waarbij de mens de top is. Genesis 2 een cirkel, waarbij de mens in het midden staat.

• Het is onduidelijk wat er voor de Schepping was; de Bijbel leert ons 'slechts' grofweg wat er tussen de huidige schepping en de nieuwe hemel en de nieuwe aarde gebeurt.

• Lezen: Jes. 55:8-11 [HSV 1155].


Bijbelstudiedag – Het Scheppingsdilemma – Deel 4/4

Lezen: Gen. 2:4-17


1.      Inleiding

• Twee scheppingsbeschrijvingen in Genesis, waarin de chronologie ondergeschikt is aan de thematiek:

·         In Genesis 1 sprake van 7 dagen, in Genesis 2 sprake van 1 dag > Lezen: 2:4b; 
·         In Genesis 1 staat de kosmos centraal, in Genesis 2 staat de mens centraal;
·         Genesis 1 ziet als het ware vanuit de hemel, Genesis 2 als het ware vanaf de aarde;
·         In Genesis 1 is God enkel 'Elohim', In Genesis 2 'JHWH Elohim';
·         Genesis 1 staat de mens aan de top van de piramide, Genesis 2 in het midden van de cirkel.


2.      De situatie op aarde (2:4-7)

• Lezen: 2:4 > In Genesis 2 begint de geschiedenis van de mensheid (toledot-passages beginnen).

• Van "hemelen en aarde" naar "aarde en hemel" koppelt de twee scheppingsgeschiedenissen met elkaar; zij handelen beiden over één en hetzelfde onderwerp, wel vanuit ander perspectief.

• "Op de dag" heeft hier eerder de betekenis van 'moment' dan van 'dag'.

• Lezen: 2:5 > Wij worden nu naar beneden meegenomen en zien dat de aarde leeg is. Waarom?

·         Het heeft niet geregend;
·         Er is geen mens om de aarde te bewerken.

• Waarom zou je een huis inrichten als er niemand in woont?

• Lezen: 2:6 > God laat de aarde tot leven komen; een voorwaarde om er te kunnen leven. 

• Lezen:2:7 > Adam wordt uit de 'adama' gevormd.

• De aarde voorziet zelf in haar bestaansvoorwaarden, waarbij de heerser over de aarde iets Goddelijks meekrijgt > Vgl. Ps. 8:4-10 + Pred. 12:7 (Lezen).

• De naakte mens staat nu op de naakte aarde. Hoe nu verder?

3.      Levensvoorwaarden voor de mens (2:8-17)

• Lezen:2:8 > God plant een hof (LXX: 'paradisos'), een omsloten tuin, in Eden (bet. 'lieflijkheid' / 'heerlijkheid'). Uiteindelijk is dit paradijs niets anders dan een afschaduwing van het hemels Jeruzalem, dat ook paradijs genoemd wordt. Beiden bieden beschutting en veiligheid. In beiden is geen plaats voor de zonde > Lezen: 3:22-23 + Opb. 22:14-15. Hetzelfde geldt overigens voor de tabernakel en tempel, die beiden ook omheind zijn.

• Het oosten staat voor de plek waar de zon op komt en heeft in de Bijbel relatie met de HEERE > De hof van Eden is net als de tabernakel/tempel en het hemels Jeruzalem een plek waar God aanwezig is.

• De mens mag daar wonen waar God aanwezig is > Hij mag in Zijn nabijheid zijn > Vgl. Opb. 21:23-27 (Lezen).

• Lezen: 2:9 > De dauw uit de aardbodem laat fruitbomen uit de aardbodem komen. De 'circle of life'is begonnen, zij het wel in vegetarische vorm > Lezen: 1:29-30.

• Lezen: 2:16-17 > De boom des leven als teken dat God de mens het leven heeft gegeven. De boom van de kennis van goed en kwaad als teken van wie Adam de schepping had ontvangen.

• Eten van de boom van de kennis van goed en kwaad, geeft Adam geen onderscheid tussen goed en kwaad, dit had hij al (hij wist dat hij niet mocht eten van die boom), het geeft Adam de mogelijkheid om zelf te bepalen wat goed en kwaad is. Het vak ethiek is een gevolg van het eten van deze boom.

• Lezen: 2:10-14 > De leefomgeving van de mens is vruchtbaar en rijk; er is overvloed. Het biedt de mens alle mogelijkheden om zich te ontwikkelen.

• Lezen: 2:15 > Vgl. vers 8, nu wordt het levensdoel van de mens er aan toegevoegd: "om die te bewerken en te onderhouden". Als snel gaat dit mis > Zondeval, wat uiteindelijk uitmondt in de Zondvloed > Na de Zondvloed zien wij dat de situatie in de schepping veranderd is > Lezen: Gen. 9:1-7. 

• Toch blijft er een taak van "bewerken"en "onderhouden", en wel voor het volk Israël in de priesterdienst > Lezen: Num. 18:5-7 > vers 7: "waarnemen" = "onderhouden" & "dienen" = "bewerken".

• Ook voor ons gelden deze woorden in zekere zin > "bewerken" is (via LXX) terug te vinden in "goede werken" > Lezen: Tit. 3:8, "onderhouden" is (via LXX) terug te vinden in "bewaren"Lezen:2 Tim. 1:14.

4.      Slotsom & Conclusie

• Genesis 2 leert ons dat de mens er niet voor de schepping is, maar de schepping er voor de mens is. De mens heeft binnen deze schepping een taak. Deze is gedurende het verloop van Gods heilsplan wel veranderd.

• Wat is dan Gods uiteindelijke doel met het bestaan van mens & schepping? Efeze 1 leert ons tot drie keer toe: "Opdat wij tot lof van Zijn heerlijkheid zouden zijn…".

• Hoe komt de mens tot dit doel? Door Jezus Christus verlossende werk. De hoop voor Israël en de volken loopt hierbij via herstel en vernieuwing van de schepping. Voor ons geldt > Lezen: Kol. 3:1-3.
De preek is te beluisteren via de speler onder aan deze pagina.
Het onderstaande verslag en het schema zijn hier te downloaden
pdf.png Bijbelstudiedag het dilemma van de scheppingsgeschiedenis 1.0 POPULAIR
(1 stem)
Het verslag van de Bijbelstudiedag van 9 januari 2015 van Sebastiaan de Graaf.
Datum 2016-01-12 Bestandsgrootte 123.93 KB Download 350 Download

pdf.png Schema behorend bij de bijbelstudiedag het dilemma van de scheppingsgeschiedenis 1.0 POPULAIR
(2 stemmen)
Het schema behorend bij de Bijbelstudiedag van 9 januari 2016 van Sebastiaan de Graaf.
Datum 2016-01-12 Bestandsgrootte 9.26 KB Download 289 Download


Bijbelstudiedag – Het Scheppingsdilemma – Deel 1/4


Oud Beijerland 9 & 10 januari 2016

Opzet

• Niet alles zal aan de orde komen, daarvoor is het onderwerp te breed.

Studie 1 (9-1) > Inleiding

1.       Het is en het zal een dilemma blijven
2.       Een paar belangrijke uitgangspunten

Studie 2 (9-1) > Genesis 1

1.       De verschillen tussen Genesis 1 en 2
2.       Genesis 1 – Het begin

Studie 3 (9-1) > Genesis 1

1.       Structuur en duale karakter van Genesis 1
2.       De kwestie van het licht
3.       De kwestie van het uitspansel
4.       Slotsom & Conclusie

Studie 4 (10-1) > Genesis 2

1.      Het is en het zal een dilemma blijven

• In de afgelopen tweehonderd jaar is men zich in toenemende mate af gaan vragen of God verantwoordelijk is voor het ontstaan van de kosmos en hoe dit dan gebeurd is:

·         Het heelal zou spontaan ontstaan zijn door een Big Bang, waarbij materie en antimaterie uit elkaar getrokken zijn > Haaks op Genesis 1;
·         Onderzoeken stellen dat de aarde miljarden jaren oud is > Haaks op 7.000 jaar van de Bijbel;
·         Leven is door evolutie ontstaan > Haaks op Genesis 1, waar God de Schepper wordt genoemd;
·         Mensen bestaan honderdduizenden jaren > Haaks op 7.000 jaar van de Bijbel.

• Christenen pogen – al dan niet beïnvloed door de tijdgeest – om Genesis (opnieuw) te verklaren:

1.       Absoluut Creatonistische theorie > God schiep hemel en aarde in 6 dagen van 24 uur;
2.       Concordistische theorie > De 6 dagen van Genesis 1 kunnen dagen van miljoenen jaren zijn geweest, waarin dan de evolutie plaats vond;
3.       Diluviale theorie > De aarde heeft ingeschapen ouderdom meegekregen en de zondvloed heeft e.e.a. ook drastisch veranderd;
4.       Restitutietheorie > Er is nog een (verwoeste) schepping voor de onze geweest (scheiding tussen Gen. 1:1 en Gen. 1:2);
5.       Ideale theorie > Het gaat niet om de letterlijkheid, maar om de logische ordening welke poëtisch wordt weergegeven;
6.       Kadertheorie > De structuur van de Israëlitische week wordt gebruikt om Gods scheppende werk in te verankeren;
7.       Complementaire theorie > Bijbel en wetenschap beschrijven ieder een eigen terrein van de werkelijkheid.

• Het Darwinisme lijkt een betere en gemakkelijkere oplossing. Echter:

·         Er is tussen de verschillende onderzoekers veel verschil van mening over dateringen;
·         Men heeft het proces tot het creëren van het eerste leven nooit na kunnen bootsen;
·         Er zijn missing links tussen de soorten;
·         Wetenschappelijk gezien zijn de samenvallende toevalligheden waardoor de aarde is ontstaan onmogelijk;
·         Het is de Evolutie 'theorie';
·         De vraag is: Kunnen wij überhaupt wel  wetenschappelijk duiden hoe de kosmos is ontstaan?> Lezen: Job. 38:1-7 [HSV 773].

• Het is belangrijk dat wij beseffen dat zowel gelovigen als niet gelovigen vanuit de huidige  tijdgeest naar dit onderwerp kijken. Genesis 1 en 2 zijn echter overgeleverd rekening houdend met de tijdgeest van toen.

• In onze tijd willen wij absolute en feitelijke antwoorden; een kant en klaar overzicht van hoe de schepping is ontstaan, hoe Gods Plan is en wanneer Christus terug komt. Van hieruit ontstaan ook de verschillende interpretaties van hoe God de kosmos heeft geschapen:

·         Miljoenen jaren versus zes dagen;
·         Bolle versus holle aarde;
·         Darwinisme versus Intelligent Design versus creationisme;
·         God heeft losgelaten versus God bestuurd.

• Het is niet erg dat wij vanuit onze tijdgeest denken en redeneren, als wij dit maar wel beseffen en de tijdgeest niet aan de Bijbel opleggen. Dat wil zeggen: Geen absolute antwoorden eisen > Lezen: 2 Pet. 1:20-21 [HSV 1894] en 1 Kor. 13:12-13 [HSV 1794].

• Laten wij zo onbevooroordeeld mogelijk de Bijbel benaderen vanuit het besef dat wij niet op alles een antwoord hoeven te krijgen en ook zullen krijgen.

2.      Een paar belangrijke uitgangspunten

God is hoe dan ook de Schepper van hemel en aarde: Lezen:Wet: Gen. 1:1 + Gen. 2:4b, Profeten:  Jes. 40:28 [HSV 1124] + Jer. 10:12 [HSV 1202], Geschriften: Neh. 9:6 [HSV 695]+ Ps. 121:2 [HSV 932], NT: Hand. 14:15 [HSV 1731] + Opb. 4:11 [HSV 1911].

Aan de schepping kunnen wij zien Wie de Schepper is: Lezen:Rom. 1:20 [HSV 1758] + Ps. 19:2-5 [HSV 800].

God schiep de wereld door Christus: Lezen:Kol. 1:15-16 [HSV 1835] en Opb. 3:14 [HSV 1910].

God past zich aan de (belevingswereld van de) mens aan in Zijn openbaring:

·         Gods hemelse wijsheid gaat ons aardse denken te boven. God moet Zich daarom aan ons aanpassen;

·         OT is Hebreeuws + Aramees, NT is Grieks (terwijl Here Jezus Aramees sprak);

·         Gelijkenis over de rijke man en de arme Lazarus sluit aan bij beeld wat men toen van het dodenrijk had (Luk. 16);

·         Voor dood (thanatos) en dodenrijk (hades) worden termen gebruikt uit de Griekse mythologie, wat aansluit bij de taal en het denken van de mensen uit die tijd.

·         De zon staat stil (Joz. 10:12-13), de hemel is rond (Jes. 40:22) en sterren vallen uit de hemel (Opb. 6:13);

·         God openbaart niet alles (tegelijkertijd) > Deut. 29:29, Dan. 12:9 + Opb. 10:4.

&bull  Heeft God hemel en aarde voor zeker in 6 dagen gemaakt?> Lezen: Ex. 20:9-11 > Het gaat er hier niet om te bewijzen in hoeveel dagen God de hemel en de aarde gemaakt heeft, maar dat Israël op de 7e dag zijn rust neemt. Vgl. met Efe. 6:1-3 (Lezen) [HSV 1828]. Zie ook Gen. 2:4b (Lezen) > "de dag dat".

Kan God hemel en aarde in 6 dagen maken? > Lezen: Ps. 33:6-9 [HSV 816]. Belangrijk punt is niet zo zeer hoe God hemel en aarde gemaakt heeft, maar dat Hij dit heeft gedaan en dat de Scheppingswerken van Hem getuigen en dat wij hiervan mogen genieten! (vb. hoe natuurfilm vaak in elkaar gezet wordt).


Bijbelstudiedag – Het Scheppingsdilemma – Deel 2/4

1.      De verschillen tussen Genesis 1 en 2

• Twee scheppingsbeschrijvingen met ieder een eigen karakter:

·         Genesis 1 (1:1-2:3):
-          7 dagen;
-          Eerst de leefomgeving, dan de mens;
-          Gestructureerde beschrijving;
-          God wordt 'Elohim' genoemd;
-          Scheppingsopdracht aan de mens (1:28-31);
-          Het gaat om de kosmos en de plaats van de mens hierin.

·         Genesis 2 (2:4-2:25):

-          1 dag;
-          Eerst de mens, dan de leefomgeving;
-          Verhalende beschrijving;
-          God wordt 'JHWH Elohim' genoemd;
-          Vrouw aan de mens gegeven (2:21-25);
-          Het gaat om de mens en hoe de kosmos hem als leefomgeving gegeven is.

• Verklaring:

·         Genesis 1 en 2 benaderen de schepping ieder vanuit een eigen invalshoek, hebben een eigen thema > In Genesis 1 staat de kosmos centraal, in Genesis 2 de mens. Thematiek lijkt belangrijker dan chronologie te zijn;
·         Vgl. 'onvolledige' geslachtsregisters Mat. 1:1 (3x 14 namen, van Abraham tot Christus) met Luk. 3:23 (77 namen, van Jezus terug naar Adam) > Thematiek: Mattheüs de Abrahamitisch en Koninklijk & Lukas Adamitisch;
·         Vgl. 'Verzoeking in de woestijn' > Mat. 4 eindigt met aanbieden van de Koninkrijken (thematiek: Koningschap), Luk. 4 eindigt op het dak van de tempel (thematiek: Rangorde van de mens; hoger dan de engelen, lager dan God);
·         Belangrijk: Chronologie is in de Bijbel ondergeschikt aan de boodschap van de beschrijving. Wie de Schrift tot in het extreme determineert, loopt het gevaar de boodschap te missen. Onze tijdgeest vormt hierin een gevaar;

• Opmerkelijk:

·         Begin zgn. 14 'toledot'-passages ("Dit is de geschiedenis van…") pas vanaf 2:4, welke van 2:4 t/m Mat. 1 doorlopen > Lezen: Gen. 2:4 (1e), 5:1 (2e), 6:9 (3e), Mat. 1:1 (14e) [HSV 1529] [zie uitdraai];
·         Genesis 1 valt buiten deze indeling en heeft daardoor een aparte plek in de Bijbel. Volgende mogelijkheden:

-          Genesis 1 vormt een inleiding die de randvoorwaarden voor het bestaan van de mens (nl. de schepping) en het doel van zijn bestaan beschrijven > Lezen: 1:28-31;

-          Genesis 1 legt de nadruk op het grote geheel (de kosmos), Genesis 2 legt de nadruk op directe leefomgeving van de mens > Lezen: 2:4-9+15-17. In Genesis 2 wordt dan als het ware ingezoomd (zie namen van God en creëren van de vrouw);

-          Genesis 1 vormt een typologische samenvatting van Gods plan. Iedere dag beschrijft een fase/bedeling uit God plan [zie uitdraai];

·         In Gen. 2:4 begint de geschiedschrijving, echter al in Gen. 1:1 begint de kosmos, nog voor de mens geschiedenis gaat schrijven.

• Samenvattend: Genesis 1 en 2 verschillen van elkaar en hebben ieder hun eigen thematiek/boodschap, welke ondergeschikt is aan de chronologie.


2.      Genesis 1 – Het begin (1:1-2)

Lezen:1:1-2;

"In het begin" > 'bereshit' > Wanneer dit was? > Toen God de hemelen en de aarde schiep > Vgl. Hos. 1:2-3 (Lezen) [HSV 1414] > God begint feitelijk te spreken als Hosea handelt ( dabar) . Vgl. 1:3 (Lezen).

"In het begin" geeft een startpunt, uitgangspunt aan, wat niet wil zeggen dat daarvoor niets zou zijn geweest > Lezen:Ps. 90:1-2 [HSV 888], Joh. 1:1-5 [HSV 1667], Spr. 8:22-23 [HSV 970] en 2 Tim. 1:9 [HSV 1854].

• Gods heilsplan begint voor de Bijbelbeschrijving, de Bijbelbeschrijving begint met het ontstaan van de kosmos (Gen. 1:1), hierop volgt de geschiedschrijving aangaande de mens/Adam (Gen. 2:4). Johannes 1 beschrijft de oorsprong van het leven, Genesis 1 de conceptie, zwangerschap en geboorte, Genesis 2 het leven vanaf de geboorte.

• Wat schiep God (Elohim in majesteitsmeervoud)? > 'de hemelen' (altijd duaal gebruikt in OT) en de aarde. De hemelen lijkt hier te duiden op alles wat onder de derde hemel is. Deze derde hemel lijkt er al te zijn geweest > Lezen: Job 38:6-7 [HSV 773], 1 Tim. 6:16 [HSV 1853].

• Gods handelen kent volheid: 7 woorden in Gen. 1:1 en 7 dagen in totaal.

"De aarde nu was woest en leeg" & "duisternis lag over de diepte" > Dit roept de volgende gedachten op:

1.       Is er tussen Genesis 1 en 2 een periode geweest waarin de aarde woest en ledig werd?
2.       Heeft God de aarde dan als 'tohoewabohoe' gemaakt en later ingericht?
3.       Was de aarde reeds in onontwikkelde vorm aanwezig toen God de hemel en aarde ging scheppen?

1.       Is er tussen Genesis 1 en 2 een periode geweest waarin de aarde woest en ledig werd?

·         Deze periode wordt nergens expliciet beschreven in de Bijbel. Als dit belangrijk zou zijn geweest, was dit wel gedaan;
·         Het begrip 'was'wordt dan vertaald of opgevat als 'werd'. Dit is niet onomstreden. Er wordt door vertalers opgemerkt dat als de aarde woest en ledig zou zijn geworden, dit anders was weergegeven in het Hebreeuws. Maar ook met 'was' als vertaling kan er nog steeds sprake zijn van een tussenliggende periode. 
·         De theorie steunt op de typologische toepassing van de profetie over de koning van Tyrus op satan in Ezech. 28. Echter, uitlegkundig kan en mag typologie nooit het fundament vormen van een heilsfeit.
·         Ment stelt dat de schepping nooit woest en ledig had kunnen beginnen > Lezen: Jes. 45:18 [HSV 1137]. Deze verzen lijken echter eerder betrekking te hebben op de eindsituatie van Gen. 1&2.
·         Het begrip 'katabole' wordt in deze uitleg vaak opgevat als 'nederwerping' i.p.v. 'grondlegging'. Katabole kan i.d.d. negatief (Lezen: Opb. 12:10 [HSV 1918]), maar zeker ook positief opgevat worden (Lezen: Heb. 6:1 [HSV 1868] + 11:11 ["zaad te geven"] [HSV 1875]).

·         Conclusie: Wij kunnen niet uitsluiten dat er een kosmos voor de onze is geweest, maar hard bewijs hebben wij niet. Wij weten het niet.

2.       Heeft God de aarde dan als 'tohoewabohoe' gemaakt en later ingericht?

·         Dit kan als de schepping als proces opgevat wordt. "In het begin" geeft een moment in de tijd aan waarop aan iets begonnen wordt, geen absoluut 0-punt.

3.       Was de aarde reeds in onontwikkelde vorm aanwezig toen God hemelen en aarde ging scheppen?

·         De aarde was dan nog niet als aarde herkenbaar, maar in embryonale staat (vgl. het embryo van de mens, dat moeilijk van de dieren te onderscheiden is).

• Het gaat niet om de details maar om de boodschap: Er was chaos, wat God tot een prachtig en goedwerkend systeem maakte, waarbij de mens de kroon op het werk is > Lezen: Ps. 104:24+33-34 [HSV 903].

Bijbelstudiedag – Het Scheppingsdilemma – Deel 3/4

1.      Structuur en duale karakter van Genesis 1

• In Genesis 1 zien wij een duidelijke structuur in Gods handelen terug [Zie uitdraai]:

1e drietal dagen: SCHEIDING BRENGEN

1. Licht en donker gescheiden
        2. Wateren gescheiden (op + boven aarde)                      

                       3. Land en water gescheiden

2e drietal dagen: FORMEREN

4. De hemellichamen geformeerd

        5. De waterdieren + hemeldieren geformeerd

                       6. De landdieren en de mens geformeerd

• Deze wetmatigheid geeft aan dat God ordelijk te werk gaat en ook orde aanbrengt in de schepping > Het verloop van de tijd, de seizoenen in de natuur, de voedselpiramide, de waterkringloop, de levenscirkel zorgen allemaal voor een evenwicht die de aarde leefbaar maakt en het bestaan structuur geeft > Ideale theorie.

Duale karakter > Overal in Genesis 1 komen wij het duale karakter tegen (Genesis 1 doornemen), maar ook in Genesis 2 is dit het geval (Lezen: 2:9+18). Het bepaalt ons bij het duale karakter van de schepping en het menselijke bestaan: leven & dood, dag & nacht, licht & donker, hemel & aarde, goed & kwaad, oorlog & vrede, man & vrouw. Zie ook Pred. 3:1:8 (Lezen) [HSV 1024], maar ook 1 Kor. 15:50+53-54 (Lezen) [HSV 1798].

2.      De kwestie van het licht

Lezen: Gen. 1:3-5+14-18.

• Het licht is er eerder dan de hemellichamen die onze bron van licht vormen > Lezen: 1 Tim. 6:16 [HSV 1853] + Opb. 21:23 [HSV 1929]+ Joh. 1:1-5 [HSV 1667] > De schepping begint met absoluut licht en eindigt met absoluut licht.

• De dagen beginnen naar Joods gebruik met de avond > de Schepping begint met het duister en eindigt in licht. Avond & morgen geven hier een dualiteit aan.

• De eerste drie dagen zijn er geen hemellichamen die met hun licht de tijd bepalen. Het lijkt in Genesis 1 met het begrip 'dag' daarom niet om 24 uur te gaan, maar om de structuur waarin de schepping tot stand komt en de dualiteit tussen avond en morgen > Kadertheorie.

• Licht bestaat hier zonder bron en bestaat voor de tijd:

·         Licht is onafhankelijk van tijd;
·         Licht is fundamenteler dan tijd (vb. tijdzones in de wereld);
·         Licht is tijdloos;
·         God is licht en staat daarmee boven de tijd > Lezen:1 Tim. 1:17 (HSV 1849);
·         Alle gebeurtenissen in de schepping vinden voor God parallel aan elkaar plaats > Duizend jaar is voor Hem als één dag (2 Pet. 3:8).

• Het licht wordt 'goed' genoemd, de scheiding tussen licht en duisternis niet. Zou het zo zijn dat in de eerste Scheppingsdagen het alleen licht is als God aanwezig is en handelend optreedt?

&bull  Gods tijdloze licht mag in onze harten schijnen > Lezen:2 Kor. 4:6 [HSV 1803].

3.      De kwestie van het uitspansel

Lezen:1:6-10

• Bezie de zaken in het licht van de tijd waarin Genesis is opgetekend.

'Hemelen' > Universeel en enkel duaal gebruikt woord voor 'hemel' in het OT ('shamayim'), afkomstig van niet gebruikte enkelvoud 'shameh' (betekent: 'hoog zijn' / 'verheven zijn').

'Gewelf' (of: 'uitspansel') > 'raqi' > letterlijk: 'uitspreiding'. Het gewelf scheidt de wateren die op dat moment de aarde bedekken en maakt scheiding. Wij zouden het kunnen zien als de blauwe hemelkoepel boven ons > Lezen: Job 37:18 [HSV 773].

• De wateren onder het gewelf worden ook weer gescheiden van elkaar in water en land.

• Over de wateren boven het gewelf wordt verder niets meer gemeld in Genesis. Wellicht grote waterreservoirs boven onze dampkring? > Vgl. Gen. 2:5-6+7:11-12+8:2 + Ps. 148:4 ( Lezen) [HSV 954]. Opmerkelijk is dat er pas over wolken gesproken wordt na de zondvloed > vgl. 9:13 (Lezen).

Lezen: 1:14-18 > Vanuit het oogpunt van de mens op aarde, zijn zon en maan aan de onderzijde van het hemelgewelf bevestigd.

• Samenvattend: Het hemelgewelf lijkt op de blauwe 'koepel' van lucht boven ons te duiden. Waarboven zich dan grote waterreservoirs zouden bevinden en waarbij – vanuit het oogpunt van de mens – de hemellichten aan de blauwe koepel zijn bevestigd.

• Belangrijk: Wat het ook is, als wij maar onthouden wat in Ps. 108:5 staat (Lezen) [912].

4.      Slotsom & Conclusie

• Om de boodschap van Genesis 1&2 goed te verstaan, is het belangrijk dat wij buiten onze tijdgeest denken en redeneren en rekening houden met de tijd waarin Genesis is opgetekend.

• God is hoe dan ook de Almachtige Schepper van hemel en aarde en heeft de schepping op een wonderlijke en ondoorgrondelijke manier tot stand gebracht.

• In Genesis 1 kunnen wij zien hoe God de schepping wetmatig en ordelijk tot stand heeft gebracht.

• In Genesis 2 kunnen wij zien hoe God begint met de mensheid en hem de voorwaarden biedt om op aarde te kunnen leven en zijn taak te doen.

• Genesis 1 is een piramide, waarbij de mens de top is. Genesis 2 een cirkel, waarbij de mens in het midden staat.

• Het is onduidelijk wat er voor de Schepping was; de Bijbel leert ons 'slechts' grofweg wat er tussen de huidige schepping en de nieuwe hemel en de nieuwe aarde gebeurt.

Lezen: Jes. 55:8-11 [HSV 1155].


Bijbelstudiedag – Het Scheppingsdilemma – Deel 4/4

Lezen: Gen. 2:4-17


1.      Inleiding

• Twee scheppingsbeschrijvingen in Genesis, waarin de chronologie ondergeschikt is aan de thematiek:

·         In Genesis 1 sprake van 7 dagen, in Genesis 2 sprake van 1 dag > Lezen: 2:4b;
·         In Genesis 1 staat de kosmos centraal, in Genesis 2 staat de mens centraal;
·         Genesis 1 ziet als het ware vanuit de hemel, Genesis 2 als het ware vanaf de aarde;
·         In Genesis 1 is God enkel 'Elohim', In Genesis 2 'JHWH Elohim';
·         Genesis 1 staat de mens aan de top van de piramide, Genesis 2 in het midden van de cirkel.


2.      De situatie op aarde (2:4-7)

Lezen: 2:4 > In Genesis 2 begint de geschiedenis van de mensheid (toledot-passages beginnen).

• Van "hemelen en aarde" naar "aarde en hemel" koppelt de twee scheppingsgeschiedenissen met elkaar; zij handelen beiden over één en hetzelfde onderwerp, wel vanuit ander perspectief.

"Op de dag" heeft hier eerder de betekenis van 'moment' dan van 'dag'.

Lezen: 2:5 > Wij worden nu naar beneden meegenomen en zien dat de aarde leeg is. Waarom?

·         Het heeft niet geregend;
·         Er is geen mens om de aarde te bewerken.

• Waarom zou je een huis inrichten als er niemand in woont?

Lezen: 2:6 > God laat de aarde tot leven komen; een voorwaarde om er te kunnen leven.

Lezen:2:7 > Adam wordt uit de 'adama' gevormd.

• De aarde voorziet zelf in haar bestaansvoorwaarden, waarbij de heerser over de aarde iets Goddelijks meekrijgt > Vgl. Ps. 8:4-10 + Pred. 12:7 (Lezen).

• De naakte mens staat nu op de naakte aarde. Hoe nu verder?

3.      Levensvoorwaarden voor de mens (2:8-17)

Lezen:2:8 > God plant een hof (LXX: 'paradisos'), een omsloten tuin, in Eden (bet. 'lieflijkheid' / 'heerlijkheid'). Uiteindelijk is dit paradijs niets anders dan een afschaduwing van het hemels Jeruzalem, dat ook paradijs genoemd wordt. Beiden bieden beschutting en veiligheid. In beiden is geen plaats voor de zonde > Lezen: 3:22-23 + Opb. 22:14-15. Hetzelfde geldt overigens voor de tabernakel en tempel, die beiden ook omheind zijn.

• Het oosten staat voor de plek waar de zon op komt en heeft in de Bijbel relatie met de HEERE > De hof van Eden is net als de tabernakel/tempel en het hemels Jeruzalem een plek waar God aanwezig is.

• De mens mag daar wonen waar God aanwezig is > Hij mag in Zijn nabijheid zijn > Vgl. Opb. 21:23-27 (Lezen).

Lezen: 2:9 > De dauw uit de aardbodem laat fruitbomen uit de aardbodem komen. De 'circle of life'is begonnen, zij het wel in vegetarische vorm > Lezen: 1:29-30.

Lezen: 2:16-17 > De boom des leven als teken dat God de mens het leven heeft gegeven. De boom van de kennis van goed en kwaad als teken van wie Adam de schepping had ontvangen.

• Eten van de boom van de kennis van goed en kwaad, geeft Adam geen onderscheid tussen goed en kwaad, dit had hij al (hij wist dat hij niet mocht eten van die boom), het geeft Adam de mogelijkheid om zelf te bepalen wat goed en kwaad is. Het vak ethiek is een gevolg van het eten van deze boom.

Lezen: 2:10-14 > De leefomgeving van de mens is vruchtbaar en rijk; er is overvloed. Het biedt de mens alle mogelijkheden om zich te ontwikkelen.

Lezen: 2:15 > Vgl. vers 8, nu wordt het levensdoel van de mens er aan toegevoegd: "om die te bewerken en te onderhouden". Als snel gaat dit mis > Zondeval, wat uiteindelijk uitmondt in de Zondvloed > Na de Zondvloed zien wij dat de situatie in de schepping veranderd is > Lezen: Gen. 9:1-7.

• Toch blijft er een taak van "bewerken"en "onderhouden", en wel voor het volk Israël in de priesterdienst > Lezen: Num. 18:5-7 > vers 7: "waarnemen" = "onderhouden" & "dienen" = "bewerken".

• Ook voor ons gelden deze woorden in zekere zin > "bewerken" is (via LXX) terug te vinden in "goede werken" > Lezen: Tit. 3:8, "onderhouden" is (via LXX) terug te vinden in "bewaren"> Lezen:2 Tim. 1:14.

4.      Slotsom & Conclusie

• Genesis 2 leert ons dat de mens er niet voor de schepping is, maar de schepping er voor de mens is. De mens heeft binnen deze schepping een taak. Deze is gedurende het verloop van Gods heilsplan wel veranderd.

• Wat is dan Gods uiteindelijke doel met het bestaan van mens & schepping? Efeze 1 leert ons tot drie keer toe: "Opdat wij tot lof van Zijn heerlijkheid zouden zijn…".

• Hoe komt de mens tot dit doel? Door Jezus Christus verlossende werk. De hoop voor Israël en de volken loopt hierbij via herstel en vernieuwing van de schepping. Voor ons geldt > Lezen: Kol. 3:1-3.
Bijbelstudiedag Hooglied

Voorwoord

Ø  Hooglied behoort samen met Openbaring tot de moeilijkste boeken van de Bijbel.
Ø  Wij doen vandaag een poging om zicht op het boek te krijgen.
Ø  Geholpen door: Commentaar van Pauptit (toegezonden door Jaap), gebaseerd op werk van Bullinger en Van Andel (1909), Bullinger weer gebaseerd op werk van Dr. Ginsburg. Van Andel op het werk van de Franse hoogleraar Godet. Gaat in ieder geval terug op Ibn Ezra (rond  AD 1100).
Ø  Les: Niet één iemand kan de waarheid ontdekken, maar met elkaar kunnen wij steeds meer van de veelkleurige wijsheid van God gaan zien.

Opzet

1.       Plaats, Naam, Schrijver & Tijd
2.       Boodschap van Hooglied
3.       Inhoud van Hooglied
4.       Conclusie

1.      Plaats, Naam, Schrijver & Tijd

1.1.Plaats in de Bijbel

Ø  Behorend tot de vijf Megillot (feestrollen) uit de Ketubim (Geschriften) > Ruth (Wekenfeest), Prediker(Loofhuttenfeest), Klaagliederen (Verwoesting tempel)  en Esther (Purim).

Ø  Hooglied wordt op de 8e dag van het Paasfeest gelezen, als de verlossing uit Egypte wordt gevierd > Hooglied wordt gezien als afspiegeling van Gods liefdesverklaring aan en het verbond tussen Hem en Zijn volk > Lezen: Jer. 2:1-2 + Hoogl. 8:5.

Ø  Hooglied wordt ook wel geplaatst in een rij van Wijsheidsboeken (LXX) > Job – Spr. – Pred. – Hoogl., deze zouden de weg van de enkeling tonen van leed naar vreugde.

Ø  Net als Esther en Prediker bevat Hooglied niet de naam van de HEERE > Lezen: Hoogl. 8:6 > Hier staat niet Jahweh, maar 'Jah' (uitleg onzeker).

1.2.Naam van het boek

Ø  Lezen: Hoogl. 1:1a > "Hooglied" > Afgeleid van het Duitse 'das Hohelied' (Luther), verwant aan 'Hochzeit' (bet. bruiloft). Engels: 'Song of Solomon'.

Ø  Hebreeuws > 'sir hassirim' > Lied van de Liederen' > het allermooiste/beste/belangrijkste lied > het hoogste lied/Hooglied. Een rabbijn stelde dat de wereld de dag niet waard was waarop Hooglied aan Israël was gegeven.

Ø  'Lied' > Houdt niet noodzakelijk in dat het boek gezongen werd, reciteren kan ook.

Ø  Rabbijnse literatuur > Hooglied is het beste van alle boeken van Salomo.

Ø  Vroeger werd de jongemannen geadviseerd het boek niet voor het 30e levensjaar te lezen > vanwege de moeilijke boodschap of de seksuele strekking?

Ø  In ieder geval zijn er in de loop van de geschiedenis mensen geweest die de seksueel getinte passages uit Hooglied wilden verwijderen.

1.3.De schrijver

Ø  Lezen: Hoogl. 1:1b > "dat van Salomo is" > beter is: "aangaande Salomo".

Ø  Dit kan inhouden dat:
-          Het lied door Salomo is (hij is de auteur).
-          Het lied Salomonisch is (passend in de wijsheidtraditie van Salomo).
-          Het lied voor Salomo is (gewijd aan hem is).
-          Het lied over Salomo is (hij is het onderwerp).

Ø  Er zijn argumenten voor en tegen het auteurschap van Salomo:

+     Uit Hooglied blijkt veel kennis van internationale handel en spijzen > Lezen: Hoogl. 4:13-14.
+     Uit Hooglied blijkt veel kennis van de natuur > 22 plantensoorten, 15 diersoorten genoemd >
        Lezen: Hoogl. 1:12-14 + 4:1-2.
+     Egyptische invloeden merkbaar > Lezen: Hoogl. 1:9.
+     Hooglied staat in het rijtje met Spreuken en Prediker.
-      Salomo wordt soms negatief afgeschilderd > Lezen: Hoogl. 8:11-12.
-      Salomo speelt feitelijk een bijrol in het boek > Lezen: Hoogl. 1:7 > De geliefde van de Sulammitische is een herder.
-      Er wordt een exclusief huwelijk beschreven, iets wat Salomo zeker niet had > Lezen: Hoogl.

        2:16 + 6:3.

Ø  Conclusie: Wij kunnen niet met zekerheid vaststellen dat Salomo de auteur is van Hooglied. Wij zullen het boek vooral beschouwen als "Lied van de liederen aangaande Salomo".

1.4.Tijd van schrijven

Ø  Feiten:
-          Salomo wordt genoemd (Hoogl. 1:5,  3:7-11 + 8:11-12).
-          De tekst veronderstelt een groot verenigd Israël > Lezen: Hoogl. 1:14 (Zuiden) en Hoogl. 4:8 (Noorden).
-          Salomo wordt als 'womanizer' afgeschilderd > Lezen: Hoogl. 1:9-11.
-          Jeruzalem en Tirza (eerste hoofdsteden van verdeelde rijk) worden in één adem genoemd > Lezen: Hoogl. 6:4.

Ø  Conclusie: Geschreven in het tweede deel van Salomo zijn regeerperiode, toen hij een enorme harem vergaarde en hem voorspeld werd dat zijn rijk in twee delen uiteen zou vallen (1 Kon. 11).

Ø  Liefdesliederen waren in die tijd in de Oosterse cultuur niet ongewoon. Uit Egypte zijn verschillend collecties liefdesliederen overgeleverd die gelijkenis hebben met Hooglied. Al deze liederen waren vaak monologen. Hooglied laat een samenspel van betogen horen. Toch een vb. uit het Egyptische 'Spreuken van de grote hartsvreugde':

De ene, geliefde, onvergelijkbaar.

Mooier dan de hele wereld.

Kijk, ze is als de glanzende Nieuwjaarssterren

voor een mooi jaar.
 

De van deugd lichtende,

met een stralende huid,

met ogen die helder blikken,

met lippen die zoet spreken.

Zij heeft geen woord teveel.
 

Met hoge hals en stralende borst

heeft zij echt lazuursteen op het haar.

Haar armen overtreffen het goud,

haar vingers zijn als lotuskelken.

et zware lendenen en smalle heupen,

zij van wie de dijen om haar schoonheid strijden,

met een edele gang, wanneer ze op de aarde treedt,

zij rooft mijn hart met haar groet.

 

Zij geeft dat de halzen van alle mannen

zich keren om naar haar te kijken.

Iedereen die zij groet, verheugt zich.

Hij voelt zich als de eerste van de jonge mannen.

Wanneer zij uit huis gaat, is het

alsof men naar haar, de ene, kijkt. 

Ø  Ook in deze tijd bezingen wij nog vaak onze geliefden: 'Daar gaat ze…' (Clouseau, 1989), 'Julia' (Henk Westbroek, 1998), 'Zij' (Marco Borsato, 2002), 'Rosanne' (Nick en Simon, 2008), 'What makes you Beautiful' (One Direction, 2011).
Ø  Hooglied bevat dus thema's die universeel en tijdloos zijn.

2.      Boodschap van Hooglied

2.1.Verschillende boodschappen van het boek

Verschillende opvattingen aangaande de boodschap:
Ø  Verzameling losse liefdesliederen die de huwelijksgang in het Midden Oosten beschrijven.

Ø 
Allegorie van Gods handelen met Israël > Lezen: Hoogl. 4:5 > De borsten zijn de eerste leiders van Israël zo wordt gesuggereerd: "Zoals de borsten de schoonheid en sier van een vrouw vormen, zo zijn Mozes en Aäron de schoonheid en versiering van Israël." Vanuit de kerkgeschiedenis: Overgang van oude naar nieuwe verbond waarbij de twee borsten de twee verbonden betreffen.

Ø  Hooglied beschrijft verschillende perioden van Israëls heilsgeschiedenis.

Ø  Hooglied beschrijft het individuele verlangen van de ziel naar God > Lezen: Hoogl. 1:13 > Boodschap: De mens die Gods Woord in Zijn hart ontvangt is gelukkig te prijzen.

Ø  Liefdeslied over Gods/Christus' liefde voor/huwelijk met de kerk.

Ø  Laatste eeuw wordt door Bijbeluitleggers steeds meer waarde gehecht aan de historische duiding van het boek. Beschrijft daarbij het proces van: verloving > bruiloft > huwelijksleven.

Wij onderscheiden drie boodschappen:

Ø  Historische > Een liefdesverhaal zoals zich dit in het verleden zou hebben afgespeeld.

Ø  Zedelijke > Trouw in de liefde, weerstand tegen onzedelijkheid, genieten van elkaar en de liefde

Ø  Mogelijk Typologische/Profetische > De 'acteurs' in het stuk vormen typen binnen Gods plan.

2.2.Het mogelijke verhaal van Hooglied

2.2.1.        Verhaal

De Sulammitische is verliefd geworden op een Herder. De liefde is wederzijds. De broers van de Sulammitische willen echter haar eer beschermen en proberen aanvankelijk de liefde te beletten. De Sulammitische is ongewild in contact met koning Salomo gekomen. Hij wil haar inpalmen en in zijn harem opnemen. De Dochters van Jeruzalem (de harem) helpen de Sulammitische te overreden. Zij blijft echter trouw aan haar Herder.

2.2.2.        Hoofdpersonen

1.       De Sulammitische (bet.: 'vreedzaam') > Lezen: Hoogl. 6:13 > uit Sulam,  waarsch. hetzelfde als Sunem (noordelijk van Jeruzalem, tegen Galilea aan) > Lezen: Hoogl. 1:5-6+1:8+7:1.
2.       De Herder > de ware geliefde van de Sulammitische > Lezen: Hoogl. 1:7a, 2:16, 6:3.
3.       Salomo > met het karakter van een casanova > Lezen: Hoogl. 1:9-11, 6:8-9.
4.       De dochters van Jeruzalem > harem van Salomo > Lezen: Hoogl. 1:2-4a+4c + 5:9 + 3:5.
5.       De broers van de Sulammitische > zij willen haar eer bewaren > Lezen: Hoogl. 8:8-9.
6.       Inwoners van Jeruzalem > zij prijzen Salomo > Lezen: Hoogl. 3:6-11.
7.       De vrienden van de herder > Lezen: Hoogl. 8:5a.

2.2.3.        Doel van het verhaal

-          Echte liefde boven zedeloosheid waarderen.

-          Salomo zijn veelwijverij en de gevolgen hiervan aan de kaak stellen?

-          Een beeld schetsen van het ideale Israël > Trouw aan de HEERE > Vrede (naambetekenis Sulammitische) vindt dit slechts door de Ene Herder aan te hangen.

-          Typologische/Profetische boodschap > De Sulammitische is een beeld van het gelovig overblijfsel dat zich niet laat meeslepen door de rijkdom en begeerte van de antichrist, maar dat vasthoudt aan haar 'eerste liefde', namelijk Christus, die uitgebeeld wordt door de Herder. Zie ook Ps. 45.

2.2.4.        Indeling van Hooglied

-          Naar Van Andel & De Companion Bible.

-          Zie uitdraai.

3.      Aantal gedeelten uit Hooglied

3.1.Behandelen Hooglied 1:2-11

1:2-4a > De dochters van Jeruzalem loven Salomo en willen tot zijn harem behoren.

1:4b > De Sulammitische verklaart dat ook zij meegenomen is tot in de hoven van de Koning.

1:4c > De dochters van Jeruzalem roemen Salomo

1:5-6 > De Sulammitische beschrijft haar afkomst, haar taak en het niet goed letten op zichzelf. Het gevolg is dat zij nu tegen haar wil in de harem van Salomo is

1:7 > De Sulammitische spreekt haar verlangen uit naar hem die zij werkelijk liefheeft > de Herder.

1:8 > De dochters van Jeruzalem bespotten als het ware de Sulammitische.

1:9-11 > Salomo verschijnt ten tonele en wil de Sulammitische inpalmen met sieraden.

1:12-14 > De Sulammitische geeft aan dat haar gedachten niet bij de koning zijn, die haar verlaten heeft voor de maaltijd, maar dat haar gedachten bij haar geliefde zijn.

1:15 > De herder spreekt bewonderend tegen de Sulammitische.

1:16-17 > De Sulammitische spreekt de duurzaamheid van hun liefde uit.

3.2.Behandelen Hooglied 2:8-3:5

2:8-14 > De Sulammitische ziet verwachtend uit naar haar Herder.

2:15 > De broers van de Sulammitische stellen haar aan als bewaakster van de wijngaarden, zodat zij niet meer rond kan gaan en haar eerbaarheid kan verliezen.

2:16-17 > De Sulammitische is het contact met haar geliefde verloren en vraagt hem terug te keren.

3:1-4 > De Sulammitische gaat op zoek naar haar geliefde.

3:5 > De Sulammitische leert de dochters van Jeruzalem dat de liefde niet gevonden kan worden, maar dat de liefde iets is wat je overkomt (zie ook 8:4, Lezen).

3.3.Behandelen Hooglied 8:5-14

8:5a > De vrienden van de Herder zijn als herauten die de komst van de Herder en de Sulammitische.

8:5b-7 > De liefde wordt vergeleken met een tweede leven dat niet teniet gedaan kan worden.

8:6 > Woorden die de broers van de Sulammitische ooit spraken worden genoemd: Als zij volwassen en standvastig is mag zij trouwen, als zij onvolwassen en wankelmoedig is nog niet.

8:10-12 > De Sulammitische toont haar volwassenheid. Daarbij wil zij vrij zijn van Salomo en haar eer bewaren voor haar geliefde.

8:13 > De Herder roept de Sulammitische tot zich.

8:14 > De Sulammitische roept de herder tot zich (vgl. met Opb. 22:17+20, Lezen).

4.      Conclusie

Ø  Hooglied is een moeilijk boek dat niet eenvoudig eenduidig te verklaren valt.

Ø  De belangrijkste lessen zijn:             

-          Liefde tussen man en vrouw is iets wat heel mooi is en wat geuit mag worden.

-          Liefde is iets wat voor ons mensen moeilijk grijpbaar is en het is belangrijk  om er verstandig mee om te gaan.

-          Het Bijbelboek Hooglied biedt ons hierin een Historische, Zedelijke en Typologische/Profetische les.

Ø  Afsluiten met Hoogl. 8:7 (Lezen).

Indeling van Hooglied, Het Lied van de Liederen

1:1-11

I. Inleiding

1:1

Opschrift

1:2-4a

De Dochters van Jeruzalem over Salomo

1:4b

De Sulammitische over haar verblijf bij de koning

1:4c

De Dochters van Jeruzalem over Salomo

1:5-6

De Sulammitische tegen de Dochters van Jeruzalem

1:7

De Sulammitische over de Herder

1:8

De Dochters van Jeruzalem tegen de Sulammitische

1:9-11

Salomo tegen de Sulammitische

1:12-2-7

IIa. Sulammitische en haar geliefde samen

1:12-14

De Sulammitische over de HerderHerderH

1:15

De Herder over de Sulammitische

1:16-1:17

De Sulammitische tegen de Herder

2:1

De Sulammitische over zichzelf

2:2

De Herder over de Sulammitische

2:3-4

De Sulammitische over de Herder

2:5-6

De Sulammitische tegen de dochters van Jeruzalem

2:8-3:5

IIb. Sulammitische en haar geliefde gescheiden

2:8-14

De Sulammitische over de Herder

2:15

De Broers van de Sulammitische

2:16-3:4

De Sulammitische over de Herder

3:4-3:5

De Sulammitische tegen de Dochters van Jeruzalem

3:6-5:1

IIIa. Sulammitische en haar geliefde samen

3:6-11

De Inwoners van Jeruzalem over Salomo

4:1-5

De Herder tegen de Sulammitische

4:6

De Sulammitische tegen de Herder

4:7-15

De Herder tegen de Sulammitische

4:16

De Sulammitische over de Herder

5:1

De Herder tegen de Sulammitische

5:2-8:4

IIIb. Sulammitische en haar geliefde gescheiden

5:2-7

De Sulammitische over de Herder

5:8

De Sulammitische tegen de Dochters van Jeruzalem

5:9

De Dochters van Jeruzalem tegen de Sulammitische

5:10-16

De Sulammitische tegen de Dochters van Jeruzalem

6:1

De Dochters van Jeruzalem tegen de Sulammitische

6:2-3

De Sulammitische tegen de Dochters van Jeruzalem

6:4-9

Salomo tegen de Sulammitische

6:10

De Dochters van Jeruzalem over de Sulammitische

6:11-12

De Sulammitische tegen Salomo

6:13a

De Dochters van Jeruzalem tegen de Sulammitische

6:13b

Sulammitische tegen Salomo en de Dochters van Jeruzalem

6:13c

De Dochters van Jeruzalem over de Sulammitische

7:1-5

De Dochters van Jeruzalem over de Sulammitische

7:6-9

Salomo tot de Sulammitische

7:10-8:3

De Sulammitische over de Herder

8:4

De Sulammitische tegen de Dochters van Jeruzalem

8:5-14

IV. De Sulammitische keert terug

8:5a

Vrienden van de HHHerder tegen elkaar

8:5b-7

De Sulammitische tegen de Herder

8:8-9

De Broers van de Sulammitische tegen elkaar

8:10-12

De Sulammitische tegen haar broers

8:13

De Herder tegen de Sulammitische

8:14

De Sulammitische tegen de Herder

 Hoofdrolspelers

1.       De Sulammitische
2.       De Herder
3.       Salomo
4.       De dochters van Jeruzalem
5.       De broers van de Sulammitische
6.       De inwoners van Jeruzalem
7.       De vrienden van de herder
Geluidsbestanden van de gehouden bijbelstudiedagen in samenwerking met Stichting Het Morgenrood.
Genesis is het eerste boek van de Bijbel, maar ook het eerste boek van de Thora. Bij de Thora denken wij aan wetten een voorschriften.
Toch bestaat een groot deel van de Thora uit de geschiedenis van de voorvaderen en Israël.
Daarom biedt de Thora niet alleen onderwijs over wat men behoort te doen, maar vooral ook hoe men behoort te leven, waarbij de voorvaderen en Israël ons tot voorbeeld dienen. Genesis is daarbij in de Thora het boek van het begin, waarbij het uiteindelijk verwijst naar het nieuwe begin zoals dat in Christus te vinden is.

Deze studies zijn door Sebastiaan de Graaf verzorgd.
Een 4 delige serie van het boek Prediker door Sebastiaan de Graaf.
  • Zacharia's nachtgezichten (06)

    Het boek Zacharia Het zevende en achtste gezicht uit: AMEN 46, pagina 34 Sebastiaan de Graaf Het zevende gezicht: de vrouw in de efa Het achtste gezicht: de vier wagens Wij zijn aangeland bij het zevende gezicht dat de HERE door middel van een engel aan Zacharia openbaart. De profeet ziet een efa naar voren komen.1 Er blijkt een vrouw verborgen te zijn in dit vaatwerk. Deze vrouw symboliseert de...