Geluk gaat niet over hoeveel we hebben, maar over hoeveel we ervan genieten.
Charles Spurgeon
Sebastiaan de Graaf [1974] is getrouwd en heeft twee dochters. In het dagelijks leven is hij werkzaam in de Jeugdzorg.
Daarnaast verzorgt hij in diverse gemeenten zondagse spreekbeurten en schrijft voor het Bijbelmagazine Amen.
In zijn vrije tijd zit hij graag op de racefiets. Daarnaast houdt hij van lezen.

Loading Player...

Bestanden:
pdf.png Geloofsverantwoording - powerpoint POPULAIR
(1 stem)
De powerpoint van de Bijbelstudiedag "geloofsverantwoording" op 14/01/2017.
Datum 2017-01-14 Bestandsgrootte 5.63 MB Download 118 Download

pdf.png Geloofsverantwoording - uitwerking van de studie POPULAIR
(1 stem)
De volledige uitwerking van de Bijbelstudiedag "geloofsverantwoording" op 14/01/2017.
Datum 2017-01-14 Bestandsgrootte 446.52 KB Download 109 Download


3.1. De bijbel is uniek in zijn ontstaan [DIA 21.0]

 

 

  • De bijbel is een verzameling boeken met grote onderlinge samenhang en geschreven door verschillende auteurs over een grote periode van tijd. Dit maakt het boek geloofwaardig;
  • De bijbel is door maar liefst 40 verschillende auteurs geschreven in een periode van 1.500 jaar;
  • Onder de auteurs van de bijbel waren de volgende personen die in verschillende tijden, omstandigheden en milieus opgroeiden:

          Mozes (opgegroeid aan het Egyptische hof);
          Jozua (een krijger);
          Salomo (koning en filosoof);
          Amos (herder);
          Daniël (in ballingschap bestuurder aan het hof);
          Ezra (priester die uit ballingschap terug keerde);
          Lucas (meereizend arts van Paulus);
          Mattheüs (belastingambtenaar);
          Johannes (visser);
          Paulus (farizeeër

 

 

  • Er was geen voorop gezet plan om de bijbel te schrijven. Het is door de tijden heen als samenhangend geheel ontstaan. Dit geldt zowel voor het OT als NT. Pas later zijn de verschillende boeken als geheel samengevoegd;
  • De bijbel is in drie talen geschreven: OT > Hebreeuws + fragmenten Aramees, NT > Grieks;
  • Het Oude Testament was zo'n 400 v. Chr. klaar en er is nadien niets aan veranderd, toegevoegd of verwijderd. Het is in de eeuwen erna telkens zeer nauwkeurig gekopieerd;
  • Vanaf 250 tot 130 v. Chr. is het OT in Grieks vertaald: de Septuaginta. Uit deze vertaling werd in de tijd van de Here Jezus geciteerd (ook in het NT);
  • Het Nieuwe Testament is 20 jaar na de dood van Christus beginnen te ontstaan;
  • In beide boeken (met hun eigen taal en ruim 400 jaar tussen tot stand komen) staat één persoon centraal: Jezus Christus;
  • De kracht van de bijbel is de samenhang van alle verschillende delen. Sterker nog: men kan de bijbel slechts begrijpen in zijn samenhang;
  • De canonvorming in 397 AD (Concilie van Hippo te Carthago) is zorgvuldig en in grote onderlinge overeenstemming gebeurd. Geloofsconflicten zijn er enkel over hoe men het boek moet interpreteren, nooit over het boek zelf.

 
3.2. De overlevering van de bijbel is uniek [DIA 22.0]

 

  • Van de klassieke werken zijn hooguit tientallen manuscripten bewaard gebleven;
  • Van het complete NT: 4.000, delen: 13.000, andere klassieke talen: 9.000. De NT tekst is 99,5% betrouwbaar;
  • Van het OT zijn minder manuscripten, maar er werd wel zorgvuldiger mee omgegaan: alle letters werden na kopiëren geteld > Mat. 5:18: "Want, voorwaar, Ik zeg u: Totdat de hemel en de aarde voorbijgaan, zal er niet één jota of één tittel van de Wet voorbijgaan, totdat het alles geschied is.". Teksten uit 500-1000 AD werden vergeleken met de Dode Zeerollen (250-70 v. Chr.) en bleken voor 95% overeen te komen, de overige 5% betreft variaties in schrijfwijzen en schoonheidsfoutjes;
  • De Bijbelse tekst is zeer nauwkeurig overgeleverd, zelfs nauwkeuriger dan Shakespeare (400 jaar geleden);
  • Het boek is afkomstig vanuit het meest gehate volk ter wereld: Israël;
  • Door alle eeuwen en verdrukking heen bestaan boek en volk nog steeds en zijn de profetieën in het boek nog steeds actueel;
  • Bijv. keizer Diocletianus (AD 303) gaf de christenen het bevel al hun heilige boeken te vernietigen. Bijna alle handschriften werden vernield. 22 Jaar later werd de bijbel door Constantijn tot onfeilbare autoriteit verheven;
  • In de Middeleeuwen verbood de RK-kerk mensen de bijbel te lezen. De hervorming en de opkomst van de boekdrukkunst brachten verandering en sindsdien is de bijbelverspreiding in een stroomversnelling gekomen;
  • De eerste Nederlandse bijbelvertaling was de Delftse Bijbel (rond 1360, alleen OT zonder Psalmen);
  • De meest bekende Nederlandse vertaling is de Statenvertaling (1637) die veel invloed heeft gehad op de Nederlandse taal en die (met aanpassingen) nog steeds gebruikt wordt.


3.3. Profetieën zijn uitgekomen [DIA 22.1]

 

 

 

  • Expliciete voorzeggingen over de Here Jezus in Jesaja;
  • Expliciete voorzeggingen over wereldrijken in Daniël. Daniël kan niet laat (165 v. Chr.) gedateerd worden omdat:

          Er wordt een vroege vorm van het Aramees gebruikt;
          Er is erg expliciete kennis van de politieke toestand in die tijd;
          Overeenkomsten met andere OT-geschriften uit eerdere tijd;
         Ezechiël verwijst naar Daniël in zijn profetie.

3.4. Compleet getuigenis over Christus [DIA 23.0]

 

 

 

 

  • Vier Evangeliën met een verschillende invalshoek;
  • Een vervolg op de Evangeliën, nl. Handelingen;
  • Verschillende apostolische brieven die de opstanding van Christus bevestigen.
  •  Expliciet getuigenis over de opstanding: "Want zij kenden de Schrift nog niet dat Hij uit de doden moest opstaan." (Joh. 20:9), "Hij heeft Zichzelf, nadat Hij geleden had, ook levend aan hen vertoond, met veel onmiskenbare bewijzen, veertig dagen lang, waarbij Hij door hen gezien werd en over de dingen sprak die het Koninkrijk van God betreffen." (Hand. 1:3), "Want ik heb u ten eerste overgeleverd wat ik ook ontvangen heb, dat Christus gestorven is voor onze zonden, overeenkomstig de Schriften, en dat Hij begraven is, en dat Hij opgewekt is op de derde dag, overeenkomstig de Schriften, en dat Hij verschenen is aan Kefas, daarna aan de twaalf. Daarna is Hij verschenen aan meer dan vijfhonderd broeders tegelijk, van wie de meesten nu nog in leven zijn, maar sommigen ook zijn ontslapen." (1 Kor. 15:3-6);

 
3.5. En nog meer… [DIA 24.0]

 

 

 

 

  • De wetten in het Oude Testament waar hun tijd ver vooruit:

          Besnijdenis en reiniging voorkwam (geslachts)ziekten evenals seksuele wetten;
          Besnijdenis op de 8e dag zorgde ervoor dat bloedingen het snelste stopten en was voor de pijnbeleving het minst traumatisch;
          Toiletten buiten de legerplaats voorkwamen ontstaan/verspreiding van ziekten;
          Afzondering bij melaatsheid voorkwam verspreiding (vgl. de pest in de Middeleeuwen);
          Afzondering van andere volken voorkwam verspreiding van hun ziekten;
          Voedselwetten voorkwamen ziekten en een slechte gezondheid > bijv. afvaleters als varkens (veroorzaakten varkenslintworm) en schelpdieren werden niet gegeten.

 

 

 

 

  • Een heel aantal apocriefe boeken ondersteunen de Bijbelse boodschap;
  • Archeologische vondsten ondersteunen Bijbelse geschiedschrijving: verwoesting van Sodom <afgebrande stad gevonden bij Dode Zee Delta>, verwoesting van Jericho <ruïnes van omgevallen muren>, koningen van Israël <inscripties>, bad van Bethesda <opgraving>, bestaan van Pilatus <inscriptie>;
  • Het optreden van Jezus is in de wereld weliswaar omstreden, zijn bestaan is onomstreden. Zowel de geschiedschrijvers Flavius Josephus, Tacitus als Plinius de Jongere en Lucianus van Samosata beschrijven in hun werken zijn bestaan.


3.6. De bijbel is nog steeds actueel [DIA 24.1]

 

 

 

  • Tot op heden (bijna 2.000 jaar na zijn definitieve tot stand komen) bestaat de bijbel nog in zijn oorspronkelijke staat en is dit het meest gelezen boek ter wereld (100-en miljoenen verkocht, schat men);
  • De bijbel is in ruim 500 talen geheel vertaald en in ruim 2.000 talen gedeeltelijk;
  • De bijbel wordt nog steeds geroemd om zijn hoogstaande literaire gehalte;
  • De bijbel vormt de basis voor een grote literaire stroming, namelijk die van Bijbelse boeken;Maar het kent ook muziekstromingen: berijmde psalmen, geestelijke liederen, gospelmuziek, gospelrock, etc.
  • De bijbel is door alle eeuwen heen vele mensen uit alle klassen en leeftijdsgroepen tot steun geweest. Denk bijv. aan Psalm 23.

3.7. Besluit [DIA 25.0]

 

 

 

  • De bijbel is uniek in zijn ontstaan, overlevering en soort;
  •  De boodschap van de bijbel is nog steeds actueel;
  •  Toch komt het uiteindelijk altijd op geloof aan…;
  •  Afsluiten met Hand. 17:22-34 (Lezen).

Bronvermelding
-          Andrews, Edgar; Wie heeft God gemaakt?;
-          Glashouwer, W.J.J. en Ouweneel, W.J.; Het ontstaan van de Bijbel;
-          Hobrink, Ben; Moderne wetenschap in de bijbel;
-          McGrath, Alister; Handboek apologetiek;
-          Strobel, Lee; Feiten genoeg…;
-          Weghe, Rob van der; Gefundeerd geloof.

 

 

pdf.png Geloofsverantwoording - powerpoint POPULAIR
(1 stem)
De powerpoint van de Bijbelstudiedag "geloofsverantwoording" op 14/01/2017.
Datum 2017-01-14 Bestandsgrootte 5.63 MB Download 118 Download

pdf.png Geloofsverantwoording - uitwerking van de studie POPULAIR
(1 stem)
De volledige uitwerking van de Bijbelstudiedag "geloofsverantwoording" op 14/01/2017.
Datum 2017-01-14 Bestandsgrootte 446.52 KB Download 109 Download


DEEL 2a – De aannemelijkheid van het christelijk geloof
[DIA 11.0]

2a.1. Rationalisme tegenover geloof 2a.2. Besluit

2a.1. Rationalisme tegenover geloof [DIA 12.0]

 

 

  • [DIA 12.1] Iedere denkwijze vraagt uiteindelijk geloof
  • De evolutietheorie pretendeert wetenschappelijk te zijn. Er is echter ook geloof voor nodig. De bijbel is daarentegen eerlijker: het baseert zich volledig op geloof > Lezen: Heb. 11:1-3.
  • Voor alles is uiteindelijk in de basis geloof nodig, ook t.a.v. de Big Bang, dat God niet zou bestaan, dat er geen leven na de dood zou zijn, dat religie slecht is en God niet goed, etc.
  • Wij ontkomen er niet aan dat wij zonder duidelijke, ondubbelzinnige, absolute en zuiver rationele waarheden moeten leven. Wij kunnen niet alles rationeel verklaren.
  • [DIA 12.2] De evolutietheorie kent evengoed onbeantwoorde vragen
  • Onbeantwoorde vragen van de evolutietheorie zijn: 'Hoe kon het leven ontstaan?', 'Waar komt de eerste materie vandaan?', 'Wat veroorzaakte de oerknal?', 'Wat was er voor tijd en ruimte?'. Dat terwijl de evolutietheorie stelt dat het bestaan van het heelal een begin heeft.
  • De evolutietheorie geeft geen antwoorden op morele en ethische vraagstukken. Het leert ons niet waar bijv. rechtvaardigheid, goedheid, liefde, trouw en zelfopoffering vandaan komen. De evolutietheorie kan ook niet bewijzen dat diefstal, moord en verkrachting slecht zijn. Morele en ethische opvattingen moeten wij redelijkerwijs aannemen, omdat zij niet te bewijzen zijn.
  • [DIA 12.3] Consequent de evolutietheorie aanhangen heeft grote gevolgen
  • Er is geen bewijs voor het bestaan van God;
  • Er is geen leven na de dood;
  • Er is geen absolute norm van goed en kwaad;
  • Het leven heeft geen zin dan enkel zichzelf in stand te houden;
  • De mens heeft geen vrije wil.
  • [DIA 12.4] Het christelijk geloof geeft wel antwoorden
  • Het christelijk geloof geeft wel antwoorden op onbeantwoorde vragen van de evolutietheorie.
  • Het christelijk geloof gaat uiteindelijk verder dan 'Dit houd ik voor waar', het is relationeel en van belang voor het bestaan: 'Ik vertrouw deze Persoon'. Lezen: Heb. 11:8-10+13.
  • Het rationalistische denken (alles valt rationeel te verklaren) beschuldigt het religieus geloof van onredelijkheid. Daar tegenover kan het geloof stellen dat het rationalistische denken de mens gevangen houdt tussen de koude muren van verstandelijk dogmatisme.
  • [DIA 13.0] Het christelijk geloof overstijgt het rationalisme
  • Tegenwoordig is men het er over het algemeen over eens dat absoluut rationalisme geen basis biedt voor een betekenisvol leven; het biedt te weinig antwoorden. Dante zei in de 14e eeuw: 'De rede heeft korte vleugels', daar kunnen wij Jes. 55:9 op aan laten sluiten: "Want zoals de hemel hoger is dan de aarde, zo zijn Mijn wegen hoger dan uw wegen en Mijn gedachten dan uw gedachten.". Het feit dat wij gebrekkig kennen, laat ruimte voor het bestaan van God. Of zoals in 2 Kor. 5:7 staat: "…want wij wandelen door geloof; niet door aanschouwing.", en in 1 Kor. 13:12: "Nu immers kijken wij door middel van een spiegel in een raadsel, maar dan zullen wij zien van aangezicht tot aangezicht. Nu ken ik ten dele, maar dan zal ik kennen, zoals ik zelf gekend ben.".
  • In de wetenschap hanteert men veelal geen harde rationele bewijsgrond, maar 'abductie', dat is dat men kijkt binnen welk denkraamwerk een waarneming het beste past. Het gaat uit van de menselijke rede en oordeelsgrond. Zo is de evolutietheorie het raamwerk dat men gecreëerd heeft om bepaalde natuurverschijnselen te verklaren. Abductie geeft juist ook ruimte voor het christelijke geloof. De kosmos zit vol verwijzingen naar God die redelijkerwijs Zijn bestaan aannemelijk maken.

 
2a.2. Besluit [DIA 13.1]

 

 

 

 

 

  • Alle wetenschap is beperkt en berust uiteindelijk op geloof. De wetenschap is hier niet altijd eerlijk over;
  • De wetenschap kent nog veel onbeantwoorde vragen en zal op bepaalde vragen ook nooit antwoord kunnen geven;
  • Het christelijk geloof presenteert zich eerlijk en niet anders dan geloof;
  • Het christelijk geloof erkent dat de mens in dit leven niet alle antwoorden krijgt;
  • Het christelijk geloof kent een grotere reikwijdte dan de wetenschap, doordat het niet enkel van het zichtbare, maar ook van het onzichtbare uitgaat.

 
DEEL 2b – God in de kosmos herkennen [DIA 14.0]


2b.1. Inleiding
2b.2. Verschillende aanwijzingen in de schepping 2b.3. Besluit

2b.1. Inleiding [DIA 15.0]

 

 

 

  • Lezen: Rom. 1:18-22.
  • [DIA 15.1] Zie ook Efe. 4:17-18 + 5:8 en Filip. 2:15: "Dit zeg ik dan en getuig ervan in de Heere, dat u niet meer wandelt zoals de andere heidenen wandelen, in de zinloosheid van hun denken, verduisterd in het verstand, vervreemd van het leven dat uit God is, door de onwetendheid die in hen is, door de verharding van hun hart (…) Want u was voorheen duisternis, maar nu bent u licht in de Heere; wandel als kinderen van het licht (…) opdat u onberispelijk en oprecht zult zijn, kinderen van God, smetteloos te midden van een verkeerd en ontaard geslacht."
  • [DIA 16.0] Drie zaken zijn belangrijk in onze tijd:
  • 1.      De huidige mensheid kent God niet en hun denken is verduisterd door andere denkwijzen;
  • 2.      Eerst moet men erkennen dat God bestaat, voordat Christus aanvaard kan worden;
  • 3.      Vanuit de kosmos kan men God herkennen, vanuit de bijbel Christus, vanuit ons getuigenis en onze wandel beiden.
  • [DIA 16.1] T.a.v. het laatste is het van belang niet alleen in woord, maar vooral ook in daad van te getuigen: "Want wij zijn Zijn maaksel, geschapen in Christus Jezus om goede werken te doen, die God tevoren bereid heeft, opdat wij daarin zouden wandelen" (Efe. 2:10).
  • [DIA 16.2] In de Handelingentijd werkte geloofsverantwoording naast woorden met wonderen en tekenen. In de huidige tijd zijn de wonderen en tekenen vervangen door 'goede werken' vanuit genade.2
  • Wij richten ons nu op het herkennen van God in de kosmos.


2b.2. Verschillende aanwijzingen in de schepping [DIA 17.0]


Aanwijzing 1: Het begin van het heelal

 

 

 

 

  • Christelijke overtuiging: Het heelal heeft niet altijd bestaan, maar God heeft het ooit uit het niets gemaakt. Augustinus: God schiep het heelal in een ogenblik en gaf het vermogen zichzelf daarna te ontwikkelen. Anderen stellen dat God de aarde geheel in zijn huidige vorm schiep;
  • Wetenschap: Voor 60-er jaren stelde men dat het heelal altijd bestaan heeft, daarna kwam het besef dat het heelal een begin heeft (Big Bang). Tegen dit idee was eerst veel weerstand bij wetenschappers, maar is nu algemeen aanvaard;

  [DIA 17.1] Volgens abductie:

1.  Alles wat begint te ontstaan heeft een oorzaak.

2.  Het heelal begon te ontstaan.

3.  Conclusie: Dus heeft het heelal een oorzaak.

Daar deze oorzaak niet in het natuurlijke gevonden kan worden, zoeken wij haar in het bovennatuurlijke en dat is God;


[DIA 17.2] Heb. 11:1: "Door het geloof zien wij in dat de wereld tot stand gebracht is door het Woord van God, en wel zo dat de dingen die men ziet, niet ontstaan zijn uit wat zichtbaar is.".


2 Zie Efe. 2:10, Kol. 1:10, 1 Tim. 2:10, 3:1, 5:10, 5:25, 6:18, 2 Tim. 2:21, 3:17, Tit. 1:16, 2:7, 2:14, 3:1, 3:8, 3:14.


Aanwijzing 2: Fijnregeling bij ontstaan [DIA 18.0]

 

 

 

 

  • Voor het ontstaan van het heelal moesten bepaalde natuurlijke constanten heel fijn afgesteld zijn. Het gaat om o.a. een zeer fijne afstelling van zwaartekracht, magnetisme, bouwstenen en gassen afzonderlijk van elkaar. Het is onwaarschijnlijk dat dit bij toeval is ontstaan;
  • Atheïstische wetenschappers lossen dit op door te stellen dat er sprake is van een multiversum: het bestaan van heel veel heelallen, waardoor de kans op toeval verminderd wordt. (vb. van 1 dobbelsteen met een miljoen vlakken en 1 miljoen dobbelstenen met 1 miljoen vlakken);
  • Dit is echter een niet bewijsbare theorie. De vraag is: hoe zijn dan al die heelallen ontstaan?;
  • Feit is dat het heelal voor het bestaan zo'n fijne afstelling nodig heeft dat toeval niet mogelijk is;
  • Vb. cel: meest eenvoudige cel heeft complexe eiwitten nodig die bestaan uit reeksen juist gerangschikte aminozuren (omvatten honderden pagina's tekst). Kan dit bij toeval in elkaar gevallen zijn?;
  • Zonder DNA geen voortplanting, zonder voortplanting geen natuurlijke selectie. Hoe is DNA ontstaan?
  • Darwin stelde zelf dat zijn theorie zou bezwijken als levensvormen zeer complex in elkaar zouden zitten en vele opeenvolgende aanpassingen nodig zouden hebben om te evolueren;
  • Lezen: Job. 38:4-7.


Aanwijzing 3: De structuur van de schepping [DIA 18.1]

 

 

 

 

  • De schepping is geordend opgebouwd en kent natuurwetten. De aanwezigheid van natuurwetten verondersteld ook de aanwezigheid van een Wetgever, in dit geval God;
  • [DIA 18.2] Jes. 45:18: "Want zo zegt de HEERE, Die de hemel geschapen heeft, die God Die de aarde geformeerd en haar gemaakt heeft. Hij heeft haar gegrondvest. Hij heeft haar niet geschapen opdat zij woest zou zijn, maar Hij heeft haar geformeerd opdat men erop zou wonen.";


Aanwijzing 4: De rol van de mens [DIA 18.3]

 

 

 

 

  • De mens is een rationeel wezen en kan wetten ontdekken, maar ook bedenken. De mens kan ook bewust ingrijpen op de Schepping. Het brein van de mens is meer dan een keten van chemische reacties;
  • Lezen: Ps. 8:4-10 + Gen. 9:1-6.


Aanwijzing 5: Het menselijk geweten [DIA 18.4]

 

 

 

 

  • De mens weet intrinsiek dat bepaalde gewoonten en gebruiken goed of fout zijn. De mensheid gaat ook uit van aanwezigheid van objectieve morele waarheden. Vanuit natuurwetten is dit niet te verklaren. Dit moet van buitenaf/bovenaf ingelegd zijn. De meeste van bijv. de 10 geboden zijn ook in deze tijd nog actueel;
  • Lezen: Rom. 2:14-15, daar tegenover staat 1:21-22.

Aanwijzing 6: Verlangen naar God en heelheid [DIA 19.0]

 

 

 

 

  • Een groot deel van de mensheid verlangt naar God, bovennatuurlijk ingrijpen, volkomen liefde of meent voor een betere wereld geschapen te zijn. Wij denken en fantaseren hierover (bijv. films 'Avatar' en 'The Lord of the Rings'). Waar kunnen wij dit verlangen in het atheïstisch wetenschappelijke mensbeeld plaatsen waar de huidige wereld de enige werkelijkheid is?;
  •  Daarbij: de dood is een natuurlijk gegeven, maar wordt door de meesten van ons als ongepast en onwerkelijk ervaren;
  • [DIA 19.1] Ps. 73:25-26: "Wie heb ik behalve U in de hemel? Naast u vind ik nergens vreugde op aarde. Bezwijkt mijn lichaam en mijn hart, dan is God de rots van mijn hart en voor eeuwig mijn deel.".

 
2b.3. Besluit [DIA 19.2]

Al deze aanwijzingen vormen samen een raamwerk dat het aannemelijk maakt te geloven dat God bestaat en bovendien dat de bijbel antwoord geeft ten aanzien van al deze punten. De bijbel geeft:

[DIA 19.3]

1.       Verklaring voor het ontstaan van het heelal;
2.       Verklaring voor de verheven positie van de mens in de schepping;
3.       Verklaring voor de gevallen staat van de mens;
4.       Erkenning en deels antwoord t.a.v. de vragen over lijden en dood;
5.       Zin en richting aan het bestaan;
6.       Een weg tot volkomen liefde en leven.

 

 

 

 

pdf.png Geloofsverantwoording - powerpoint POPULAIR
(1 stem)
De powerpoint van de Bijbelstudiedag "geloofsverantwoording" op 14/01/2017.
Datum 2017-01-14 Bestandsgrootte 5.63 MB Download 118 Download

pdf.png Geloofsverantwoording - uitwerking van de studie POPULAIR
(1 stem)
De volledige uitwerking van de Bijbelstudiedag "geloofsverantwoording" op 14/01/2017.
Datum 2017-01-14 Bestandsgrootte 446.52 KB Download 109 Download


Bijbelstudiedag – Geloofsverantwoording


Oud Beijerland 14 januari 2017
 

[DIA 1.0]
 

Thema: Hoe verantwoorden wij ons geloof?
 

Opzet

Deel 1:  Algemene inleiding

Deel 2a: De aannemelijkheid van het christelijk geloof

Deel 2b: God in de schepping herkennen

Deel 3:  De geloofwaardigheid van de bijbel


DEEL 1 – Algemene inleiding [DIA 2.0]


1.1.  Wat maakt dit onderwerp noodzakelijk?

1.2.  Wat is geloofsverantwoording?

1.3.  Waar ligt onze kracht?

1.4.  Waar kan het geloof aansluiting vinden?

1.5.  Besluit

 
1.1. Wat maakt dit onderwerp noodzakelijk? [DIA 3.0]

 

 

 

  • Denkontwikkeling: De ontwikkeling van het rationalisme, de evolutietheorie, het atheïsme en andere denk-stromingen, waardoor het christelijke geloof onder druk is komen te staan en steeds minder mensen geloven.
  • Individualisering: De individualisering van de mens die in toenemende mate zijn eigen waarheid / religie / spiritualiteit creëert en geen waarheidsgezag meer boven zich tolereert. Men creëert soms zelf een eigen geloof door verschillende elementen uit verschillende religies te mixen. Er is geen absolute waarheid en men verzet zich tegen het idee dat dit bestaat. De ervaring gaat boven de waarheid.
  • Kapitalisme: De toenemende hang naar status, macht en kapitaal, maar ook de beheersbaarheid van het leven, leidend tot zelfvergoddelijking > Lezen: Gen. 11:1-6.
  • Islam: De opkomst van de Islam, waardoor het christelijk geloof steeds minder het leidende geloof wordt.

 

1.2. Wat is geloofsverantwoording? [DIA 4.0]

 

 

 

 

 

 

  • [DIA 4.1] Ook wel apologetiek genoemd > Grieks: apologia, betekent: verdediging / verantwoording.
  • [DIA 4.2] Lezen: 1 Pet. 3:13-16, Hand. 22:1.1
  • Verschil tussen Geloofsverantwoording en Evangelisatie: Geloofsverantwoording overtuigt anderen dat er een deur is naar een betere wereld, Evangelisatie helpt mensen door die deur heen te gaan; je moet eerst de deur zien, voordat je er door heen kan. Of: Geloofsverantwoording overtuigt dat men moet eten, Evangelisatie biedt eten aan. Of (zoals Luther zei): Geloof is als wanneer je aan boord van een schip gaat en over de zee naar een eiland vaart. Geloofsverantwoording kan helpen bij de vaststelling dat je redelijkerwijs kunt geloven dat er een schip bestaat, dat je er waarschijnlijk veilig aan boord kunt gaan, en dat er een eiland achter de horizon ligt. Evangelisatie is de ander overtuigen aan boord te gaan en te gaan reizen. 
  • Doel van geloofsverantwoording: eigen geloofsontwikkeling, geloofsontwikkeling van medegelovigen en ongelovigen attenderen op de rijkdom van het geloof in Christus. Filip. 2:14-16a [DIA 4.3]: "Doe alle dingen zonder morren en meningsverschillen, opdat u onberispelijk en oprecht zult zijn, kinderen van God, smetteloos te midden van een verkeerd en ontaard geslacht, waaronder u schijnt als lichten in de wereld, door vast te houden aan het Woord van het leven…".
  • Geloofsverantwoording bestaat uit: [DIA 4.4]
  • 1.       Verdedigen (belemmeringen rond het geloof wegnemen: 'Is het waar?');
  • 2.       Uitleggen (de Bijbelse boodschap vertalen naar de huidige tijdsgeest: 'Wat houdt het in?', bijv. de begrippen 'zonde', 'rechtvaardiging', 'heiliging');
  • 3.       Aanprijzen (de voordelen van het geloof etaleren: 'Werkt het?') > van groot belang in deze tijd.
  • Geloofsverantwoording verandert door de tijden heen naarmate wetenschap, filosofie en cultuur zich ontwikkelen (de tijd van de Reformatie vraagt een andere benadering dan die van de Wereldoorlogen en de huidige tijd is ook weer anders).
  • Geloofsverantwoording is geen defensieve vijandige reactie, maar een mogelijkheid om de schatten van het christelijk geloof te etaleren. Het geloof mag aanstootgevend zijn (bijv. door te stellen dat alles buiten God om zinloos is), maar de wijze van verdediging hoort dit niet te zijn.
  • Geloofsverantwoording dient te gebeuren uit zowel het hoofd (rationaliteit) als het hart (liefde). In de zin van Mat. 22:37:"U zult de Here, uw God, liefhebben met heel uw hart, met heel uw ziel en met heel uw verstand.".

 

 

 

    • Zie voor geloofsverdediging ook: Luk. 12:11, Luk. 21:14, Hand. 24:10, Hand. 25:8, Hand. 26:1,2,24, Filip. 1:7, 2 Tim. 4:16, zie in andere opzichten: Hand. 19:33, Hand. 25:16, Rom. 2:15, 1 Kor. 9:3, 2 Kor. 7:11, 2 Kor. 12:19. Voorbeelden van redes met geloofsverantwoording: Hand. 2, Hand. 17, Hand. 22., Hand. 24-26.


1.3. Waar ligt onze kracht? [DIA 5.0]

 

      •       


[DIA 5.1] De bijbel als verwoording van Gods heilsplan

 

        • (2 Pet. 1:19: 

"En wij hebben hetprofetische woord, dat vast en zeker is, en u doet er goed aan daarop acht te slaan als op een lamp die schijnt in een duistere plaats, totdat de dag aanbreekt en de morgenster opgaat in uw hart."

        • + 2 Tim. 3:16-17:

"Heel de Schrift is door God ingegeven en is nuttig om daarmee te onderwijzen, te weerleggen, te verbeteren en op te voeden in de rechtvaardigheid, opdat de mens die God toebehoort volmaakt zou zijn, tot elk goed werk volkomen toegerust." 

      • )

[DIA 5.2] De geestelijke wapenrusting

        • (Efe. 6:11: 

"Bekleed u met de hele wapenrusting van God,opdat u stand kunt houden tegen de listige verleidingen van de duivel." 

      • );      


[DIA 6.0] De kracht van heilige geest

        • (2 Kor. 4:7: 

"Maar wij hebben deze schat in aarden kruiken,opdat de allesovertreffende kracht van God zou zijn en niet uit ons." 

      • );

[DIA 6.1] Het gebed

        • (1 Pet. 3:8: 

"Want de ogen van de Heere rusten op de rechtvaardigen, en Zijnoren zijn gericht op hun gebed…" 

      • );

[DIA 6.2] Historie van 2000 jaar christendom

    • (met alle ontwikkelingen) > van Petrus tot Paulus en van Augustinus tot Calvijn, Bullinger en Welch;      

[DIA 6.3] Bijbelstudiemateriaal

    • , preken, naslagwerken, boekjes, etc. O.a. ook het werk van christelijke wetenschappers;      

[DIA 7.0] Medegelovigen vroeger en nu

    • .

Lezen:

    • Heb. 12:1-2a + Kol. 3:16. 

[DIA 7.1] Geloofsopvoeding

        • (ouders, familie + gemeente van herkomst) (2 Tim. 1:5: 

"Daarbijherinner ik mij het ongeveinsde geloof dat in u is en dat eerst gewoond heeft in uw grootmoeder Loïs en in uw moeder Eunice. En ik ben ervan overtuigd dat het ook in u woont." 

      • );

[DIA 7.2] Onze eigen kwaliteiten

        • (doeners en denkers) > vgl. Paulus, 2 Kor. 10:10: 

"Want zijnbrieven – zegt men – zijn wel gewichtig en krachtig, maar zijn lichamelijke aanwezigheid is zwak en zijn spreken is verachtelijk." 

      • ;  

[DIA 8.0] Persoonlijk geloof/relatie/ervaringen met God tijdens ons leven

        • (2 Tim. 4:17: 

"Maarde Heere heeft mij bijgestaan en heeft mij kracht gegeven…" 

 

        • + Filip. 4:5a: 

"De Heere is nabij."

 

        • En van daaruit Filip. 4:5b:

"Uw goedheid zij alle mensen bekend." 

      • ).


1.4. Waar kan het geloof aansluiting vinden? [DIA 9.0] 
      
[DIA 9.1]

        • Schuldgevoel: Veel mensen kampen met schuldgevoelens over wat zij verkeerd gedaan hebben in hun leven > Het evangelie erkent de menselijke schuld en biedt als remedie de vergeving van zonden in Christus. Rom. 3:23-24: 

"Want allen hebben gezondigd en missen deheerlijkheid van God en worden om niet gerechtvaardigd door Zijn genade, door de verlossing in Christus Jezus.";[

DIA 9.2]

      • Vergankelijkheid: Veel mensen zijn angstig voor de dood en de eindigheid en leven in een kramp om hun korte leven succesvol te laten zijn > Het evangelie erkent de eindigheid en onvolkomenheid van het leven en biedt in de opstanding van Christus eeuwig leven. 1 Kor. 15:22: 

"Want zoals allen in Adam sterven, zo zullen ook in Christus allen levend gemaakt worden."

    • ;     

[DIA 9.3]

      • Pijn en verdriet: Veel mensen kampen met trauma's uit het verleden en problemen in het heden > Het evangelie erkent de wonden en problemen van het bestaan en biedt genezing en troost. Ps. 55:23: 

"Werp u zorg op de Heere en Hij zal u onderhouden; Hij zal voor eeuwig niettoelaten dat de rechtvaardige wankelt.";

    •     

[DIA 10.0]

      • Liefdeloosheid: Er is veel haat en liefdeloosheid in de wereld > Het evangelie geeft hier erkenning aan en wijst op de liefde die in Christus te vinden is. Efe. 2:4: 

"Maar God, Die rijk isin barmhartigheid, heeft ons door Zijn grote liefde, waarmee Hij ons liefgehad heeft…"

    • .


[DIA 10.1]

      • Verwrongenheid: Veel mensen zien een verwrongen, onbegrijpelijke en zinloze wereld. De bijbel geeft een helder beeld van hoe de werkelijkheid in elkaar steekt en geeft hoop. Het geeft licht in het duister: 

"Daarom zegt Hij: Ontwaak, u die slaapt en sta op uit de doden, enChristus zal over u lichten." 

    • (Efe. 5:14).


1.5. Besluit [DIA 10.2]

  •  De huidige tijdgeest maakt het extra belangrijk dat wij ons geloof kunnen verantwoorden;
  •  Het is daarbij van belang om aan te sluiten bij onze doelgroep, zonder te vervallen in de huidige harde communicatietrant maar ook weer niet de Bijbelse boodschap tekort te doen;
  •  Daarbij mogen wij steunen op verschillende bronnen van kracht;
  •  Dit mogen wij doen uit de wetenschap dat de bijbel ook voor de mens van nu nog een boodschap heeft. 

 

De preek is te beluisteren via de speler onder aan deze pagina.
Het onderstaande verslag en het schema zijn hier te downloaden
pdf.png Bijbelstudiedag het dilemma van de scheppingsgeschiedenis 1.0 POPULAIR
(1 stem)
Het verslag van de Bijbelstudiedag van 9 januari 2015 van Sebastiaan de Graaf.
Datum 2016-01-12 Bestandsgrootte 123.93 KB Download 350 Download

pdf.png Schema behorend bij de bijbelstudiedag het dilemma van de scheppingsgeschiedenis 1.0 POPULAIR
(2 stemmen)
Het schema behorend bij de Bijbelstudiedag van 9 januari 2016 van Sebastiaan de Graaf.
Datum 2016-01-12 Bestandsgrootte 9.26 KB Download 289 Download


Bijbelstudiedag – Het Scheppingsdilemma – Deel 1/4


Oud Beijerland 9 & 10 januari 2016

Opzet

• Niet alles zal aan de orde komen, daarvoor is het onderwerp te breed.

Studie 1 (9-1) > Inleiding

1.       Het is en het zal een dilemma blijven
2.       Een paar belangrijke uitgangspunten

Studie 2 (9-1) > Genesis 1

1.       De verschillen tussen Genesis 1 en 2
2.       Genesis 1 – Het begin

Studie 3 (9-1) > Genesis 1

1.       Structuur en duale karakter van Genesis 1
2.       De kwestie van het licht
3.       De kwestie van het uitspansel
4.       Slotsom & Conclusie

Studie 4 (10-1) > Genesis 2

1.      Het is en het zal een dilemma blijven

• In de afgelopen tweehonderd jaar is men zich in toenemende mate af gaan vragen of God verantwoordelijk is voor het ontstaan van de kosmos en hoe dit dan gebeurd is:

·         Het heelal zou spontaan ontstaan zijn door een Big Bang, waarbij materie en antimaterie uit elkaar getrokken zijn > Haaks op Genesis 1;
·         Onderzoeken stellen dat de aarde miljarden jaren oud is > Haaks op 7.000 jaar van de Bijbel;
·         Leven is door evolutie ontstaan > Haaks op Genesis 1, waar God de Schepper wordt genoemd;
·         Mensen bestaan honderdduizenden jaren > Haaks op 7.000 jaar van de Bijbel.

• Christenen pogen – al dan niet beïnvloed door de tijdgeest – om Genesis (opnieuw) te verklaren:

1.       Absoluut Creatonistische theorie > God schiep hemel en aarde in 6 dagen van 24 uur;
2.       Concordistische theorie > De 6 dagen van Genesis 1 kunnen dagen van miljoenen jaren zijn geweest, waarin dan de evolutie plaats vond;
3.       Diluviale theorie > De aarde heeft ingeschapen ouderdom meegekregen en de zondvloed heeft e.e.a. ook drastisch veranderd;
4.       Restitutietheorie > Er is nog een (verwoeste) schepping voor de onze geweest (scheiding tussen Gen. 1:1 en Gen. 1:2);
5.       Ideale theorie > Het gaat niet om de letterlijkheid, maar om de logische ordening welke poëtisch wordt weergegeven;
6.       Kadertheorie > De structuur van de Israëlitische week wordt gebruikt om Gods scheppende werk in te verankeren;
7.       Complementaire theorie > Bijbel en wetenschap beschrijven ieder een eigen terrein van de werkelijkheid.

• Het Darwinisme lijkt een betere en gemakkelijkere oplossing. Echter:

·         Er is tussen de verschillende onderzoekers veel verschil van mening over dateringen;
·         Men heeft het proces tot het creëren van het eerste leven nooit na kunnen bootsen;
·         Er zijn missing links tussen de soorten;
·         Wetenschappelijk gezien zijn de samenvallende toevalligheden waardoor de aarde is ontstaan onmogelijk;
·         Het is de Evolutie 'theorie';
·         De vraag is: Kunnen wij überhaupt wel  wetenschappelijk duiden hoe de kosmos is ontstaan?Lezen: Job. 38:1-7 [HSV 773].

• Het is belangrijk dat wij beseffen dat zowel gelovigen als niet gelovigen vanuit de huidige  tijdgeest naar dit onderwerp kijken. Genesis 1 en 2 zijn echter overgeleverd rekening houdend met de tijdgeest van toen.

• In onze tijd willen wij absolute en feitelijke antwoorden; een kant en klaar overzicht van hoe de schepping is ontstaan, hoe Gods Plan is en wanneer Christus terug komt. Van hieruit ontstaan ook de verschillende interpretaties van hoe God de kosmos heeft geschapen:

·         Miljoenen jaren versus zes dagen;
·         Bolle versus holle aarde;
·         Darwinisme versus Intelligent Design versus creationisme;
·         God heeft losgelaten versus God bestuurd.

• Het is niet erg dat wij vanuit onze tijdgeest denken en redeneren, als wij dit maar wel beseffen en de tijdgeest niet aan de Bijbel opleggen. Dat wil zeggen: Geen absolute antwoorden eisen > Lezen: 2 Pet. 1:20-21 [HSV 1894] en 1 Kor. 13:12-13 [HSV 1794]. 

• Laten wij zo onbevooroordeeld mogelijk de Bijbel benaderen vanuit het besef dat wij niet op alles een antwoord hoeven te krijgen en ook zullen krijgen.

2.      Een paar belangrijke uitgangspunten

• God is hoe dan ook de Schepper van hemel en aarde: Lezen:Wet: Gen. 1:1 + Gen. 2:4b, Profeten:  Jes. 40:28 [HSV 1124] + Jer. 10:12 [HSV 1202], Geschriften: Neh. 9:6 [HSV 695]+ Ps. 121:2 [HSV 932], NT: Hand. 14:15 [HSV 1731] + Opb. 4:11 [HSV 1911].

• Aan de schepping kunnen wij zien Wie de Schepper is: Lezen:Rom. 1:20 [HSV 1758] + Ps. 19:2-5 [HSV 800].

• God schiep de wereld door Christus: Lezen:Kol. 1:15-16 [HSV 1835] en Opb. 3:14 [HSV 1910].

• God past zich aan de (belevingswereld van de) mens aan in Zijn openbaring:

·         Gods hemelse wijsheid gaat ons aardse denken te boven. God moet Zich daarom aan ons aanpassen;

·         OT is Hebreeuws + Aramees, NT is Grieks (terwijl Here Jezus Aramees sprak);

·         Gelijkenis over de rijke man en de arme Lazarus sluit aan bij beeld wat men toen van het dodenrijk had (Luk. 16);

·         Voor dood (thanatos) en dodenrijk (hades) worden termen gebruikt uit de Griekse mythologie, wat aansluit bij de taal en het denken van de mensen uit die tijd. 

·         De zon staat stil (Joz. 10:12-13), de hemel is rond (Jes. 40:22) en sterren vallen uit de hemel (Opb. 6:13);

·         God openbaart niet alles (tegelijkertijd) > Deut. 29:29, Dan. 12:9 + Opb. 10:4.

&bull  Heeft God hemel en aarde voor zeker in 6 dagen gemaakt?Lezen: Ex. 20:9-11 > Het gaat er hier niet om te bewijzen in hoeveel dagen God de hemel en de aarde gemaakt heeft, maar dat Israël op de 7e dag zijn rust neemt. Vgl. met Efe. 6:1-3 (Lezen) [HSV 1828]. Zie ook Gen. 2:4b (Lezen) > "de dag dat"

• Kan God hemel en aarde in 6 dagen maken? Lezen: Ps. 33:6-9 [HSV 816]. Belangrijk punt is niet zo zeer hoe God hemel en aarde gemaakt heeft, maar dat Hij dit heeft gedaan en dat de Scheppingswerken van Hem getuigen en dat wij hiervan mogen genieten! (vb. hoe natuurfilm vaak in elkaar gezet wordt).


Bijbelstudiedag – Het Scheppingsdilemma – Deel 2/4

1.      De verschillen tussen Genesis 1 en 2

• Twee scheppingsbeschrijvingen met ieder een eigen karakter:

·         Genesis 1 (1:1-2:3):
-          7 dagen;
-          Eerst de leefomgeving, dan de mens;
-          Gestructureerde beschrijving; 
-          God wordt 'Elohim' genoemd;
-          Scheppingsopdracht aan de mens (1:28-31);
-          Het gaat om de kosmos en de plaats van de mens hierin.

·         Genesis 2 (2:4-2:25):

-          1 dag;
-          Eerst de mens, dan de leefomgeving;
-          Verhalende beschrijving;
-          God wordt 'JHWH Elohim' genoemd;
-          Vrouw aan de mens gegeven (2:21-25);
-          Het gaat om de mens en hoe de kosmos hem als leefomgeving gegeven is.

• Verklaring:

·         Genesis 1 en 2 benaderen de schepping ieder vanuit een eigen invalshoek, hebben een eigen thema > In Genesis 1 staat de kosmos centraal, in Genesis 2 de mens. Thematiek lijkt belangrijker dan chronologie te zijn;
·         Vgl. 'onvolledige' geslachtsregisters Mat. 1:1 (3x 14 namen, van Abraham tot Christus) met Luk. 3:23 (77 namen, van Jezus terug naar Adam) > Thematiek: Mattheüs de Abrahamitisch en Koninklijk & Lukas Adamitisch;
·         Vgl. 'Verzoeking in de woestijn' > Mat. 4 eindigt met aanbieden van de Koninkrijken (thematiek: Koningschap), Luk. 4 eindigt op het dak van de tempel (thematiek: Rangorde van de mens; hoger dan de engelen, lager dan God);
·         Belangrijk: Chronologie is in de Bijbel ondergeschikt aan de boodschap van de beschrijving. Wie de Schrift tot in het extreme determineert, loopt het gevaar de boodschap te missen. Onze tijdgeest vormt hierin een gevaar;

• Opmerkelijk: 

·         Begin zgn. 14 'toledot'-passages ("Dit is de geschiedenis van…") pas vanaf 2:4, welke van 2:4 t/m Mat. 1 doorlopen > Lezen: Gen. 2:4 (1e), 5:1 (2e), 6:9 (3e), Mat. 1:1 (14e) [HSV 1529] [zie uitdraai];
·         Genesis 1 valt buiten deze indeling en heeft daardoor een aparte plek in de Bijbel. Volgende mogelijkheden:

-          Genesis 1 vormt een inleiding die de randvoorwaarden voor het bestaan van de mens (nl. de schepping) en het doel van zijn bestaan beschrijven > Lezen: 1:28-31;

-          Genesis 1 legt de nadruk op het grote geheel (de kosmos), Genesis 2 legt de nadruk op directe leefomgeving van de mens > Lezen: 2:4-9+15-17. In Genesis 2 wordt dan als het ware ingezoomd (zie namen van God en creëren van de vrouw);

-          Genesis 1 vormt een typologische samenvatting van Gods plan. Iedere dag beschrijft een fase/bedeling uit God plan [zie uitdraai];

·         In Gen. 2:4 begint de geschiedschrijving, echter al in Gen. 1:1 begint de kosmos, nog voor de mens geschiedenis gaat schrijven.

• Samenvattend: Genesis 1 en 2 verschillen van elkaar en hebben ieder hun eigen thematiek/boodschap, welke ondergeschikt is aan de chronologie. 


2.      Genesis 1 – Het begin (1:1-2)

• Lezen:1:1-2;

• "In het begin" > 'bereshit' > Wanneer dit was? > Toen God de hemelen en de aarde schiep > Vgl. Hos. 1:2-3 (Lezen) [HSV 1414] > God begint feitelijk te spreken als Hosea handelt ( dabar) . Vgl. 1:3 (Lezen).

• "In het begin" geeft een startpunt, uitgangspunt aan, wat niet wil zeggen dat daarvoor niets zou zijn geweest > Lezen:Ps. 90:1-2 [HSV 888], Joh. 1:1-5 [HSV 1667], Spr. 8:22-23 [HSV 970] en 2 Tim. 1:9 [HSV 1854]. 

• Gods heilsplan begint voor de Bijbelbeschrijving, de Bijbelbeschrijving begint met het ontstaan van de kosmos (Gen. 1:1), hierop volgt de geschiedschrijving aangaande de mens/Adam (Gen. 2:4). Johannes 1 beschrijft de oorsprong van het leven, Genesis 1 de conceptie, zwangerschap en geboorte, Genesis 2 het leven vanaf de geboorte.

• Wat schiep God (Elohim in majesteitsmeervoud)? > 'de hemelen' (altijd duaal gebruikt in OT) en de aarde. De hemelen lijkt hier te duiden op alles wat onder de derde hemel is. Deze derde hemel lijkt er al te zijn geweest > Lezen: Job 38:6-7 [HSV 773], 1 Tim. 6:16 [HSV 1853].

• Gods handelen kent volheid: 7 woorden in Gen. 1:1 en 7 dagen in totaal. 

• "De aarde nu was woest en leeg" & "duisternis lag over de diepte" > Dit roept de volgende gedachten op: 

1.       Is er tussen Genesis 1 en 2 een periode geweest waarin de aarde woest en ledig werd?
2.       Heeft God de aarde dan als 'tohoewabohoe' gemaakt en later ingericht? 
3.       Was de aarde reeds in onontwikkelde vorm aanwezig toen God de hemel en aarde ging scheppen?

1.       Is er tussen Genesis 1 en 2 een periode geweest waarin de aarde woest en ledig werd?

·         Deze periode wordt nergens expliciet beschreven in de Bijbel. Als dit belangrijk zou zijn geweest, was dit wel gedaan;
·         Het begrip 'was'wordt dan vertaald of opgevat als 'werd'. Dit is niet onomstreden. Er wordt door vertalers opgemerkt dat als de aarde woest en ledig zou zijn geworden, dit anders was weergegeven in het Hebreeuws. Maar ook met 'was' als vertaling kan er nog steeds sprake zijn van een tussenliggende periode.  
·         De theorie steunt op de typologische toepassing van de profetie over de koning van Tyrus op satan in Ezech. 28. Echter, uitlegkundig kan en mag typologie nooit het fundament vormen van een heilsfeit. 
·         Ment stelt dat de schepping nooit woest en ledig had kunnen beginnen > Lezen: Jes. 45:18 [HSV 1137]. Deze verzen lijken echter eerder betrekking te hebben op de eindsituatie van Gen. 1&2.
·         Het begrip 'katabole' wordt in deze uitleg vaak opgevat als 'nederwerping' i.p.v. 'grondlegging'Katabole kan i.d.d. negatief (Lezen: Opb. 12:10 [HSV 1918]), maar zeker ook positief opgevat worden (Lezen: Heb. 6:1 [HSV 1868] + 11:11 ["zaad te geven"] [HSV 1875]).

·         Conclusie: Wij kunnen niet uitsluiten dat er een kosmos voor de onze is geweest, maar hard bewijs hebben wij niet. Wij weten het niet.

2.       Heeft God de aarde dan als 'tohoewabohoe' gemaakt en later ingericht?

·         Dit kan als de schepping als proces opgevat wordt. "In het begin" geeft een moment in de tijd aan waarop aan iets begonnen wordt, geen absoluut 0-punt.

3.       Was de aarde reeds in onontwikkelde vorm aanwezig toen God hemelen en aarde ging scheppen?

·         De aarde was dan nog niet als aarde herkenbaar, maar in embryonale staat (vgl. het embryo van de mens, dat moeilijk van de dieren te onderscheiden is).

• Het gaat niet om de details maar om de boodschap: Er was chaos, wat God tot een prachtig en goedwerkend systeem maakte, waarbij de mens de kroon op het werk is > Lezen: Ps. 104:24+33-34 [HSV 903].

Bijbelstudiedag – Het Scheppingsdilemma – Deel 3/4

1.      Structuur en duale karakter van Genesis 1

• In Genesis 1 zien wij een duidelijke structuur in Gods handelen terug [Zie uitdraai]:

1e drietal dagen: SCHEIDING BRENGEN

1. Licht en donker gescheiden
        2. Wateren gescheiden (op + boven aarde)                       

                       3. Land en water gescheiden

2e drietal dagen: FORMEREN

4. De hemellichamen geformeerd

        5. De waterdieren + hemeldieren geformeerd 

                       6. De landdieren en de mens geformeerd

• Deze wetmatigheid geeft aan dat God ordelijk te werk gaat en ook orde aanbrengt in de schepping > Het verloop van de tijd, de seizoenen in de natuur, de voedselpiramide, de waterkringloop, de levenscirkel zorgen allemaal voor een evenwicht die de aarde leefbaar maakt en het bestaan structuur geeft > Ideale theorie.

• Duale karakter > Overal in Genesis 1 komen wij het duale karakter tegen (Genesis 1 doornemen), maar ook in Genesis 2 is dit het geval (Lezen: 2:9+18). Het bepaalt ons bij het duale karakter van de schepping en het menselijke bestaan: leven & dood, dag & nacht, licht & donker, hemel & aarde, goed & kwaad, oorlog & vrede, man & vrouw. Zie ook Pred. 3:1:8 (Lezen) [HSV 1024], maar ook 1 Kor. 15:50+53-54 (Lezen) [HSV 1798].

2.      De kwestie van het licht

• Lezen: Gen. 1:3-5+14-18.

• Het licht is er eerder dan de hemellichamen die onze bron van licht vormen > Lezen: 1 Tim. 6:16 [HSV 1853] + Opb. 21:23 [HSV 1929]+ Joh. 1:1-5 [HSV 1667] > De schepping begint met absoluut licht en eindigt met absoluut licht.

• De dagen beginnen naar Joods gebruik met de avond > de Schepping begint met het duister en eindigt in licht. Avond & morgen geven hier een dualiteit aan.

• De eerste drie dagen zijn er geen hemellichamen die met hun licht de tijd bepalen. Het lijkt in Genesis 1 met het begrip 'dag' daarom niet om 24 uur te gaan, maar om de structuur waarin de schepping tot stand komt en de dualiteit tussen avond en morgen > Kadertheorie.

• Licht bestaat hier zonder bron en bestaat voor de tijd:

·         Licht is onafhankelijk van tijd;
·         Licht is fundamenteler dan tijd (vb. tijdzones in de wereld);
·         Licht is tijdloos;
·         God is licht en staat daarmee boven de tijd > Lezen:1 Tim. 1:17 (HSV 1849);
·         Alle gebeurtenissen in de schepping vinden voor God parallel aan elkaar plaats > Duizend jaar is voor Hem als één dag (2 Pet. 3:8).

• Het licht wordt 'goed' genoemd, de scheiding tussen licht en duisternis niet. Zou het zo zijn dat in de eerste Scheppingsdagen het alleen licht is als God aanwezig is en handelend optreedt?

&bull  Gods tijdloze licht mag in onze harten schijnen > Lezen:2 Kor. 4:6 [HSV 1803].

3.      De kwestie van het uitspansel

• Lezen:1:6-10

• Bezie de zaken in het licht van de tijd waarin Genesis is opgetekend.

• 'Hemelen' > Universeel en enkel duaal gebruikt woord voor 'hemel' in het OT ('shamayim'), afkomstig van niet gebruikte enkelvoud 'shameh' (betekent: 'hoog zijn' / 'verheven zijn').

• 'Gewelf' (of: 'uitspansel') > 'raqi' > letterlijk: 'uitspreiding'. Het gewelf scheidt de wateren die op dat moment de aarde bedekken en maakt scheiding. Wij zouden het kunnen zien als de blauwe hemelkoepel boven ons > Lezen: Job 37:18 [HSV 773]. 

• De wateren onder het gewelf worden ook weer gescheiden van elkaar in water en land.

• Over de wateren boven het gewelf wordt verder niets meer gemeld in Genesis. Wellicht grote waterreservoirs boven onze dampkring? > Vgl. Gen. 2:5-6+7:11-12+8:2 + Ps. 148:4 ( Lezen) [HSV 954]. Opmerkelijk is dat er pas over wolken gesproken wordt na de zondvloed > vgl. 9:13 (Lezen).

• Lezen: 1:14-18 > Vanuit het oogpunt van de mens op aarde, zijn zon en maan aan de onderzijde van het hemelgewelf bevestigd.

• Samenvattend: Het hemelgewelf lijkt op de blauwe 'koepel' van lucht boven ons te duiden. Waarboven zich dan grote waterreservoirs zouden bevinden en waarbij – vanuit het oogpunt van de mens – de hemellichten aan de blauwe koepel zijn bevestigd.

• Belangrijk: Wat het ook is, als wij maar onthouden wat in Ps. 108:5 staat (Lezen) [912].

4.      Slotsom & Conclusie

• Om de boodschap van Genesis 1&2 goed te verstaan, is het belangrijk dat wij buiten onze tijdgeest denken en redeneren en rekening houden met de tijd waarin Genesis is opgetekend.

• God is hoe dan ook de Almachtige Schepper van hemel en aarde en heeft de schepping op een wonderlijke en ondoorgrondelijke manier tot stand gebracht.

• In Genesis 1 kunnen wij zien hoe God de schepping wetmatig en ordelijk tot stand heeft gebracht.

• In Genesis 2 kunnen wij zien hoe God begint met de mensheid en hem de voorwaarden biedt om op aarde te kunnen leven en zijn taak te doen.

• Genesis 1 is een piramide, waarbij de mens de top is. Genesis 2 een cirkel, waarbij de mens in het midden staat.

• Het is onduidelijk wat er voor de Schepping was; de Bijbel leert ons 'slechts' grofweg wat er tussen de huidige schepping en de nieuwe hemel en de nieuwe aarde gebeurt.

• Lezen: Jes. 55:8-11 [HSV 1155].


Bijbelstudiedag – Het Scheppingsdilemma – Deel 4/4

Lezen: Gen. 2:4-17


1.      Inleiding

• Twee scheppingsbeschrijvingen in Genesis, waarin de chronologie ondergeschikt is aan de thematiek:

·         In Genesis 1 sprake van 7 dagen, in Genesis 2 sprake van 1 dag > Lezen: 2:4b; 
·         In Genesis 1 staat de kosmos centraal, in Genesis 2 staat de mens centraal;
·         Genesis 1 ziet als het ware vanuit de hemel, Genesis 2 als het ware vanaf de aarde;
·         In Genesis 1 is God enkel 'Elohim', In Genesis 2 'JHWH Elohim';
·         Genesis 1 staat de mens aan de top van de piramide, Genesis 2 in het midden van de cirkel.


2.      De situatie op aarde (2:4-7)

• Lezen: 2:4 > In Genesis 2 begint de geschiedenis van de mensheid (toledot-passages beginnen).

• Van "hemelen en aarde" naar "aarde en hemel" koppelt de twee scheppingsgeschiedenissen met elkaar; zij handelen beiden over één en hetzelfde onderwerp, wel vanuit ander perspectief.

• "Op de dag" heeft hier eerder de betekenis van 'moment' dan van 'dag'.

• Lezen: 2:5 > Wij worden nu naar beneden meegenomen en zien dat de aarde leeg is. Waarom?

·         Het heeft niet geregend;
·         Er is geen mens om de aarde te bewerken.

• Waarom zou je een huis inrichten als er niemand in woont?

• Lezen: 2:6 > God laat de aarde tot leven komen; een voorwaarde om er te kunnen leven. 

• Lezen:2:7 > Adam wordt uit de 'adama' gevormd.

• De aarde voorziet zelf in haar bestaansvoorwaarden, waarbij de heerser over de aarde iets Goddelijks meekrijgt > Vgl. Ps. 8:4-10 + Pred. 12:7 (Lezen).

• De naakte mens staat nu op de naakte aarde. Hoe nu verder?

3.      Levensvoorwaarden voor de mens (2:8-17)

• Lezen:2:8 > God plant een hof (LXX: 'paradisos'), een omsloten tuin, in Eden (bet. 'lieflijkheid' / 'heerlijkheid'). Uiteindelijk is dit paradijs niets anders dan een afschaduwing van het hemels Jeruzalem, dat ook paradijs genoemd wordt. Beiden bieden beschutting en veiligheid. In beiden is geen plaats voor de zonde > Lezen: 3:22-23 + Opb. 22:14-15. Hetzelfde geldt overigens voor de tabernakel en tempel, die beiden ook omheind zijn.

• Het oosten staat voor de plek waar de zon op komt en heeft in de Bijbel relatie met de HEERE > De hof van Eden is net als de tabernakel/tempel en het hemels Jeruzalem een plek waar God aanwezig is.

• De mens mag daar wonen waar God aanwezig is > Hij mag in Zijn nabijheid zijn > Vgl. Opb. 21:23-27 (Lezen).

• Lezen: 2:9 > De dauw uit de aardbodem laat fruitbomen uit de aardbodem komen. De 'circle of life'is begonnen, zij het wel in vegetarische vorm > Lezen: 1:29-30.

• Lezen: 2:16-17 > De boom des leven als teken dat God de mens het leven heeft gegeven. De boom van de kennis van goed en kwaad als teken van wie Adam de schepping had ontvangen.

• Eten van de boom van de kennis van goed en kwaad, geeft Adam geen onderscheid tussen goed en kwaad, dit had hij al (hij wist dat hij niet mocht eten van die boom), het geeft Adam de mogelijkheid om zelf te bepalen wat goed en kwaad is. Het vak ethiek is een gevolg van het eten van deze boom.

• Lezen: 2:10-14 > De leefomgeving van de mens is vruchtbaar en rijk; er is overvloed. Het biedt de mens alle mogelijkheden om zich te ontwikkelen.

• Lezen: 2:15 > Vgl. vers 8, nu wordt het levensdoel van de mens er aan toegevoegd: "om die te bewerken en te onderhouden". Als snel gaat dit mis > Zondeval, wat uiteindelijk uitmondt in de Zondvloed > Na de Zondvloed zien wij dat de situatie in de schepping veranderd is > Lezen: Gen. 9:1-7. 

• Toch blijft er een taak van "bewerken"en "onderhouden", en wel voor het volk Israël in de priesterdienst > Lezen: Num. 18:5-7 > vers 7: "waarnemen" = "onderhouden" & "dienen" = "bewerken".

• Ook voor ons gelden deze woorden in zekere zin > "bewerken" is (via LXX) terug te vinden in "goede werken" > Lezen: Tit. 3:8, "onderhouden" is (via LXX) terug te vinden in "bewaren"Lezen:2 Tim. 1:14.

4.      Slotsom & Conclusie

• Genesis 2 leert ons dat de mens er niet voor de schepping is, maar de schepping er voor de mens is. De mens heeft binnen deze schepping een taak. Deze is gedurende het verloop van Gods heilsplan wel veranderd.

• Wat is dan Gods uiteindelijke doel met het bestaan van mens & schepping? Efeze 1 leert ons tot drie keer toe: "Opdat wij tot lof van Zijn heerlijkheid zouden zijn…".

• Hoe komt de mens tot dit doel? Door Jezus Christus verlossende werk. De hoop voor Israël en de volken loopt hierbij via herstel en vernieuwing van de schepping. Voor ons geldt > Lezen: Kol. 3:1-3.
De preek is te beluisteren via de speler onder aan deze pagina.
Het onderstaande verslag en het schema zijn hier te downloaden
pdf.png Bijbelstudiedag het dilemma van de scheppingsgeschiedenis 1.0 POPULAIR
(1 stem)
Het verslag van de Bijbelstudiedag van 9 januari 2015 van Sebastiaan de Graaf.
Datum 2016-01-12 Bestandsgrootte 123.93 KB Download 350 Download

pdf.png Schema behorend bij de bijbelstudiedag het dilemma van de scheppingsgeschiedenis 1.0 POPULAIR
(2 stemmen)
Het schema behorend bij de Bijbelstudiedag van 9 januari 2016 van Sebastiaan de Graaf.
Datum 2016-01-12 Bestandsgrootte 9.26 KB Download 289 Download


Bijbelstudiedag – Het Scheppingsdilemma – Deel 1/4


Oud Beijerland 9 & 10 januari 2016

Opzet

• Niet alles zal aan de orde komen, daarvoor is het onderwerp te breed.

Studie 1 (9-1) > Inleiding

1.       Het is en het zal een dilemma blijven
2.       Een paar belangrijke uitgangspunten

Studie 2 (9-1) > Genesis 1

1.       De verschillen tussen Genesis 1 en 2
2.       Genesis 1 – Het begin

Studie 3 (9-1) > Genesis 1

1.       Structuur en duale karakter van Genesis 1
2.       De kwestie van het licht
3.       De kwestie van het uitspansel
4.       Slotsom & Conclusie

Studie 4 (10-1) > Genesis 2

1.      Het is en het zal een dilemma blijven

• In de afgelopen tweehonderd jaar is men zich in toenemende mate af gaan vragen of God verantwoordelijk is voor het ontstaan van de kosmos en hoe dit dan gebeurd is:

·         Het heelal zou spontaan ontstaan zijn door een Big Bang, waarbij materie en antimaterie uit elkaar getrokken zijn > Haaks op Genesis 1;
·         Onderzoeken stellen dat de aarde miljarden jaren oud is > Haaks op 7.000 jaar van de Bijbel;
·         Leven is door evolutie ontstaan > Haaks op Genesis 1, waar God de Schepper wordt genoemd;
·         Mensen bestaan honderdduizenden jaren > Haaks op 7.000 jaar van de Bijbel.

• Christenen pogen – al dan niet beïnvloed door de tijdgeest – om Genesis (opnieuw) te verklaren:

1.       Absoluut Creatonistische theorie > God schiep hemel en aarde in 6 dagen van 24 uur;
2.       Concordistische theorie > De 6 dagen van Genesis 1 kunnen dagen van miljoenen jaren zijn geweest, waarin dan de evolutie plaats vond;
3.       Diluviale theorie > De aarde heeft ingeschapen ouderdom meegekregen en de zondvloed heeft e.e.a. ook drastisch veranderd;
4.       Restitutietheorie > Er is nog een (verwoeste) schepping voor de onze geweest (scheiding tussen Gen. 1:1 en Gen. 1:2);
5.       Ideale theorie > Het gaat niet om de letterlijkheid, maar om de logische ordening welke poëtisch wordt weergegeven;
6.       Kadertheorie > De structuur van de Israëlitische week wordt gebruikt om Gods scheppende werk in te verankeren;
7.       Complementaire theorie > Bijbel en wetenschap beschrijven ieder een eigen terrein van de werkelijkheid.

• Het Darwinisme lijkt een betere en gemakkelijkere oplossing. Echter:

·         Er is tussen de verschillende onderzoekers veel verschil van mening over dateringen;
·         Men heeft het proces tot het creëren van het eerste leven nooit na kunnen bootsen;
·         Er zijn missing links tussen de soorten;
·         Wetenschappelijk gezien zijn de samenvallende toevalligheden waardoor de aarde is ontstaan onmogelijk;
·         Het is de Evolutie 'theorie';
·         De vraag is: Kunnen wij überhaupt wel  wetenschappelijk duiden hoe de kosmos is ontstaan?Lezen: Job. 38:1-7 [HSV 773].

• Het is belangrijk dat wij beseffen dat zowel gelovigen als niet gelovigen vanuit de huidige  tijdgeest naar dit onderwerp kijken. Genesis 1 en 2 zijn echter overgeleverd rekening houdend met de tijdgeest van toen.

• In onze tijd willen wij absolute en feitelijke antwoorden; een kant en klaar overzicht van hoe de schepping is ontstaan, hoe Gods Plan is en wanneer Christus terug komt. Van hieruit ontstaan ook de verschillende interpretaties van hoe God de kosmos heeft geschapen:

·         Miljoenen jaren versus zes dagen;
·         Bolle versus holle aarde;
·         Darwinisme versus Intelligent Design versus creationisme;
·         God heeft losgelaten versus God bestuurd.

• Het is niet erg dat wij vanuit onze tijdgeest denken en redeneren, als wij dit maar wel beseffen en de tijdgeest niet aan de Bijbel opleggen. Dat wil zeggen: Geen absolute antwoorden eisen > Lezen: 2 Pet. 1:20-21 [HSV 1894] en 1 Kor. 13:12-13 [HSV 1794]. 

• Laten wij zo onbevooroordeeld mogelijk de Bijbel benaderen vanuit het besef dat wij niet op alles een antwoord hoeven te krijgen en ook zullen krijgen.

2.      Een paar belangrijke uitgangspunten

• God is hoe dan ook de Schepper van hemel en aarde: Lezen:Wet: Gen. 1:1 + Gen. 2:4b, Profeten:  Jes. 40:28 [HSV 1124] + Jer. 10:12 [HSV 1202], Geschriften: Neh. 9:6 [HSV 695]+ Ps. 121:2 [HSV 932], NT: Hand. 14:15 [HSV 1731] + Opb. 4:11 [HSV 1911].

• Aan de schepping kunnen wij zien Wie de Schepper is: Lezen:Rom. 1:20 [HSV 1758] + Ps. 19:2-5 [HSV 800].

• God schiep de wereld door Christus: Lezen:Kol. 1:15-16 [HSV 1835] en Opb. 3:14 [HSV 1910].

• God past zich aan de (belevingswereld van de) mens aan in Zijn openbaring:

·         Gods hemelse wijsheid gaat ons aardse denken te boven. God moet Zich daarom aan ons aanpassen;

·         OT is Hebreeuws + Aramees, NT is Grieks (terwijl Here Jezus Aramees sprak);

·         Gelijkenis over de rijke man en de arme Lazarus sluit aan bij beeld wat men toen van het dodenrijk had (Luk. 16);

·         Voor dood (thanatos) en dodenrijk (hades) worden termen gebruikt uit de Griekse mythologie, wat aansluit bij de taal en het denken van de mensen uit die tijd. 

·         De zon staat stil (Joz. 10:12-13), de hemel is rond (Jes. 40:22) en sterren vallen uit de hemel (Opb. 6:13);

·         God openbaart niet alles (tegelijkertijd) > Deut. 29:29, Dan. 12:9 + Opb. 10:4.

&bull  Heeft God hemel en aarde voor zeker in 6 dagen gemaakt?Lezen: Ex. 20:9-11 > Het gaat er hier niet om te bewijzen in hoeveel dagen God de hemel en de aarde gemaakt heeft, maar dat Israël op de 7e dag zijn rust neemt. Vgl. met Efe. 6:1-3 (Lezen) [HSV 1828]. Zie ook Gen. 2:4b (Lezen) > "de dag dat"

• Kan God hemel en aarde in 6 dagen maken? Lezen: Ps. 33:6-9 [HSV 816]. Belangrijk punt is niet zo zeer hoe God hemel en aarde gemaakt heeft, maar dat Hij dit heeft gedaan en dat de Scheppingswerken van Hem getuigen en dat wij hiervan mogen genieten! (vb. hoe natuurfilm vaak in elkaar gezet wordt).


Bijbelstudiedag – Het Scheppingsdilemma – Deel 2/4

1.      De verschillen tussen Genesis 1 en 2

• Twee scheppingsbeschrijvingen met ieder een eigen karakter:

·         Genesis 1 (1:1-2:3):
-          7 dagen;
-          Eerst de leefomgeving, dan de mens;
-          Gestructureerde beschrijving; 
-          God wordt 'Elohim' genoemd;
-          Scheppingsopdracht aan de mens (1:28-31);
-          Het gaat om de kosmos en de plaats van de mens hierin.

·         Genesis 2 (2:4-2:25):

-          1 dag;
-          Eerst de mens, dan de leefomgeving;
-          Verhalende beschrijving;
-          God wordt 'JHWH Elohim' genoemd;
-          Vrouw aan de mens gegeven (2:21-25);
-          Het gaat om de mens en hoe de kosmos hem als leefomgeving gegeven is.

• Verklaring:

·         Genesis 1 en 2 benaderen de schepping ieder vanuit een eigen invalshoek, hebben een eigen thema > In Genesis 1 staat de kosmos centraal, in Genesis 2 de mens. Thematiek lijkt belangrijker dan chronologie te zijn;
·         Vgl. 'onvolledige' geslachtsregisters Mat. 1:1 (3x 14 namen, van Abraham tot Christus) met Luk. 3:23 (77 namen, van Jezus terug naar Adam) > Thematiek: Mattheüs de Abrahamitisch en Koninklijk & Lukas Adamitisch;
·         Vgl. 'Verzoeking in de woestijn' > Mat. 4 eindigt met aanbieden van de Koninkrijken (thematiek: Koningschap), Luk. 4 eindigt op het dak van de tempel (thematiek: Rangorde van de mens; hoger dan de engelen, lager dan God);
·         Belangrijk: Chronologie is in de Bijbel ondergeschikt aan de boodschap van de beschrijving. Wie de Schrift tot in het extreme determineert, loopt het gevaar de boodschap te missen. Onze tijdgeest vormt hierin een gevaar;

• Opmerkelijk: 

·         Begin zgn. 14 'toledot'-passages ("Dit is de geschiedenis van…") pas vanaf 2:4, welke van 2:4 t/m Mat. 1 doorlopen > Lezen: Gen. 2:4 (1e), 5:1 (2e), 6:9 (3e), Mat. 1:1 (14e) [HSV 1529] [zie uitdraai];
·         Genesis 1 valt buiten deze indeling en heeft daardoor een aparte plek in de Bijbel. Volgende mogelijkheden:

-          Genesis 1 vormt een inleiding die de randvoorwaarden voor het bestaan van de mens (nl. de schepping) en het doel van zijn bestaan beschrijven > Lezen: 1:28-31;

-          Genesis 1 legt de nadruk op het grote geheel (de kosmos), Genesis 2 legt de nadruk op directe leefomgeving van de mens > Lezen: 2:4-9+15-17. In Genesis 2 wordt dan als het ware ingezoomd (zie namen van God en creëren van de vrouw);

-          Genesis 1 vormt een typologische samenvatting van Gods plan. Iedere dag beschrijft een fase/bedeling uit God plan [zie uitdraai];

·         In Gen. 2:4 begint de geschiedschrijving, echter al in Gen. 1:1 begint de kosmos, nog voor de mens geschiedenis gaat schrijven.

• Samenvattend: Genesis 1 en 2 verschillen van elkaar en hebben ieder hun eigen thematiek/boodschap, welke ondergeschikt is aan de chronologie. 


2.      Genesis 1 – Het begin (1:1-2)

• Lezen:1:1-2;

• "In het begin" > 'bereshit' > Wanneer dit was? > Toen God de hemelen en de aarde schiep > Vgl. Hos. 1:2-3 (Lezen) [HSV 1414] > God begint feitelijk te spreken als Hosea handelt ( dabar) . Vgl. 1:3 (Lezen).

• "In het begin" geeft een startpunt, uitgangspunt aan, wat niet wil zeggen dat daarvoor niets zou zijn geweest > Lezen:Ps. 90:1-2 [HSV 888], Joh. 1:1-5 [HSV 1667], Spr. 8:22-23 [HSV 970] en 2 Tim. 1:9 [HSV 1854]. 

• Gods heilsplan begint voor de Bijbelbeschrijving, de Bijbelbeschrijving begint met het ontstaan van de kosmos (Gen. 1:1), hierop volgt de geschiedschrijving aangaande de mens/Adam (Gen. 2:4). Johannes 1 beschrijft de oorsprong van het leven, Genesis 1 de conceptie, zwangerschap en geboorte, Genesis 2 het leven vanaf de geboorte.

• Wat schiep God (Elohim in majesteitsmeervoud)? > 'de hemelen' (altijd duaal gebruikt in OT) en de aarde. De hemelen lijkt hier te duiden op alles wat onder de derde hemel is. Deze derde hemel lijkt er al te zijn geweest > Lezen: Job 38:6-7 [HSV 773], 1 Tim. 6:16 [HSV 1853].

• Gods handelen kent volheid: 7 woorden in Gen. 1:1 en 7 dagen in totaal. 

• "De aarde nu was woest en leeg" & "duisternis lag over de diepte" > Dit roept de volgende gedachten op: 

1.       Is er tussen Genesis 1 en 2 een periode geweest waarin de aarde woest en ledig werd?
2.       Heeft God de aarde dan als 'tohoewabohoe' gemaakt en later ingericht? 
3.       Was de aarde reeds in onontwikkelde vorm aanwezig toen God de hemel en aarde ging scheppen?

1.       Is er tussen Genesis 1 en 2 een periode geweest waarin de aarde woest en ledig werd?

·         Deze periode wordt nergens expliciet beschreven in de Bijbel. Als dit belangrijk zou zijn geweest, was dit wel gedaan;
·         Het begrip 'was'wordt dan vertaald of opgevat als 'werd'. Dit is niet onomstreden. Er wordt door vertalers opgemerkt dat als de aarde woest en ledig zou zijn geworden, dit anders was weergegeven in het Hebreeuws. Maar ook met 'was' als vertaling kan er nog steeds sprake zijn van een tussenliggende periode.  
·         De theorie steunt op de typologische toepassing van de profetie over de koning van Tyrus op satan in Ezech. 28. Echter, uitlegkundig kan en mag typologie nooit het fundament vormen van een heilsfeit. 
·         Ment stelt dat de schepping nooit woest en ledig had kunnen beginnen > Lezen: Jes. 45:18 [HSV 1137]. Deze verzen lijken echter eerder betrekking te hebben op de eindsituatie van Gen. 1&2.
·         Het begrip 'katabole' wordt in deze uitleg vaak opgevat als 'nederwerping' i.p.v. 'grondlegging'Katabole kan i.d.d. negatief (Lezen: Opb. 12:10 [HSV 1918]), maar zeker ook positief opgevat worden (Lezen: Heb. 6:1 [HSV 1868] + 11:11 ["zaad te geven"] [HSV 1875]).

·         Conclusie: Wij kunnen niet uitsluiten dat er een kosmos voor de onze is geweest, maar hard bewijs hebben wij niet. Wij weten het niet.

2.       Heeft God de aarde dan als 'tohoewabohoe' gemaakt en later ingericht?

·         Dit kan als de schepping als proces opgevat wordt. "In het begin" geeft een moment in de tijd aan waarop aan iets begonnen wordt, geen absoluut 0-punt.

3.       Was de aarde reeds in onontwikkelde vorm aanwezig toen God hemelen en aarde ging scheppen?

·         De aarde was dan nog niet als aarde herkenbaar, maar in embryonale staat (vgl. het embryo van de mens, dat moeilijk van de dieren te onderscheiden is).

• Het gaat niet om de details maar om de boodschap: Er was chaos, wat God tot een prachtig en goedwerkend systeem maakte, waarbij de mens de kroon op het werk is > Lezen: Ps. 104:24+33-34 [HSV 903].

Bijbelstudiedag – Het Scheppingsdilemma – Deel 3/4

1.      Structuur en duale karakter van Genesis 1

• In Genesis 1 zien wij een duidelijke structuur in Gods handelen terug [Zie uitdraai]:

1e drietal dagen: SCHEIDING BRENGEN

1. Licht en donker gescheiden
        2. Wateren gescheiden (op + boven aarde)                       

                       3. Land en water gescheiden

2e drietal dagen: FORMEREN

4. De hemellichamen geformeerd

        5. De waterdieren + hemeldieren geformeerd 

                       6. De landdieren en de mens geformeerd

• Deze wetmatigheid geeft aan dat God ordelijk te werk gaat en ook orde aanbrengt in de schepping > Het verloop van de tijd, de seizoenen in de natuur, de voedselpiramide, de waterkringloop, de levenscirkel zorgen allemaal voor een evenwicht die de aarde leefbaar maakt en het bestaan structuur geeft > Ideale theorie.

• Duale karakter > Overal in Genesis 1 komen wij het duale karakter tegen (Genesis 1 doornemen), maar ook in Genesis 2 is dit het geval (Lezen: 2:9+18). Het bepaalt ons bij het duale karakter van de schepping en het menselijke bestaan: leven & dood, dag & nacht, licht & donker, hemel & aarde, goed & kwaad, oorlog & vrede, man & vrouw. Zie ook Pred. 3:1:8 (Lezen) [HSV 1024], maar ook 1 Kor. 15:50+53-54 (Lezen) [HSV 1798].

2.      De kwestie van het licht

• Lezen: Gen. 1:3-5+14-18.

• Het licht is er eerder dan de hemellichamen die onze bron van licht vormen > Lezen: 1 Tim. 6:16 [HSV 1853] + Opb. 21:23 [HSV 1929]+ Joh. 1:1-5 [HSV 1667] > De schepping begint met absoluut licht en eindigt met absoluut licht.

• De dagen beginnen naar Joods gebruik met de avond > de Schepping begint met het duister en eindigt in licht. Avond & morgen geven hier een dualiteit aan.

• De eerste drie dagen zijn er geen hemellichamen die met hun licht de tijd bepalen. Het lijkt in Genesis 1 met het begrip 'dag' daarom niet om 24 uur te gaan, maar om de structuur waarin de schepping tot stand komt en de dualiteit tussen avond en morgen > Kadertheorie.

• Licht bestaat hier zonder bron en bestaat voor de tijd:

·         Licht is onafhankelijk van tijd;
·         Licht is fundamenteler dan tijd (vb. tijdzones in de wereld);
·         Licht is tijdloos;
·         God is licht en staat daarmee boven de tijd > Lezen:1 Tim. 1:17 (HSV 1849);
·         Alle gebeurtenissen in de schepping vinden voor God parallel aan elkaar plaats > Duizend jaar is voor Hem als één dag (2 Pet. 3:8).

• Het licht wordt 'goed' genoemd, de scheiding tussen licht en duisternis niet. Zou het zo zijn dat in de eerste Scheppingsdagen het alleen licht is als God aanwezig is en handelend optreedt?

&bull  Gods tijdloze licht mag in onze harten schijnen > Lezen:2 Kor. 4:6 [HSV 1803].

3.      De kwestie van het uitspansel

• Lezen:1:6-10

• Bezie de zaken in het licht van de tijd waarin Genesis is opgetekend.

• 'Hemelen' > Universeel en enkel duaal gebruikt woord voor 'hemel' in het OT ('shamayim'), afkomstig van niet gebruikte enkelvoud 'shameh' (betekent: 'hoog zijn' / 'verheven zijn').

• 'Gewelf' (of: 'uitspansel') > 'raqi' > letterlijk: 'uitspreiding'. Het gewelf scheidt de wateren die op dat moment de aarde bedekken en maakt scheiding. Wij zouden het kunnen zien als de blauwe hemelkoepel boven ons > Lezen: Job 37:18 [HSV 773]. 

• De wateren onder het gewelf worden ook weer gescheiden van elkaar in water en land.

• Over de wateren boven het gewelf wordt verder niets meer gemeld in Genesis. Wellicht grote waterreservoirs boven onze dampkring? > Vgl. Gen. 2:5-6+7:11-12+8:2 + Ps. 148:4 ( Lezen) [HSV 954]. Opmerkelijk is dat er pas over wolken gesproken wordt na de zondvloed > vgl. 9:13 (Lezen).

• Lezen: 1:14-18 > Vanuit het oogpunt van de mens op aarde, zijn zon en maan aan de onderzijde van het hemelgewelf bevestigd.

• Samenvattend: Het hemelgewelf lijkt op de blauwe 'koepel' van lucht boven ons te duiden. Waarboven zich dan grote waterreservoirs zouden bevinden en waarbij – vanuit het oogpunt van de mens – de hemellichten aan de blauwe koepel zijn bevestigd.

• Belangrijk: Wat het ook is, als wij maar onthouden wat in Ps. 108:5 staat (Lezen) [912].

4.      Slotsom & Conclusie

• Om de boodschap van Genesis 1&2 goed te verstaan, is het belangrijk dat wij buiten onze tijdgeest denken en redeneren en rekening houden met de tijd waarin Genesis is opgetekend.

• God is hoe dan ook de Almachtige Schepper van hemel en aarde en heeft de schepping op een wonderlijke en ondoorgrondelijke manier tot stand gebracht.

• In Genesis 1 kunnen wij zien hoe God de schepping wetmatig en ordelijk tot stand heeft gebracht.

• In Genesis 2 kunnen wij zien hoe God begint met de mensheid en hem de voorwaarden biedt om op aarde te kunnen leven en zijn taak te doen.

• Genesis 1 is een piramide, waarbij de mens de top is. Genesis 2 een cirkel, waarbij de mens in het midden staat.

• Het is onduidelijk wat er voor de Schepping was; de Bijbel leert ons 'slechts' grofweg wat er tussen de huidige schepping en de nieuwe hemel en de nieuwe aarde gebeurt.

• Lezen: Jes. 55:8-11 [HSV 1155].


Bijbelstudiedag – Het Scheppingsdilemma – Deel 4/4

Lezen: Gen. 2:4-17


1.      Inleiding

• Twee scheppingsbeschrijvingen in Genesis, waarin de chronologie ondergeschikt is aan de thematiek:

·         In Genesis 1 sprake van 7 dagen, in Genesis 2 sprake van 1 dag > Lezen: 2:4b; 
·         In Genesis 1 staat de kosmos centraal, in Genesis 2 staat de mens centraal;
·         Genesis 1 ziet als het ware vanuit de hemel, Genesis 2 als het ware vanaf de aarde;
·         In Genesis 1 is God enkel 'Elohim', In Genesis 2 'JHWH Elohim';
·         Genesis 1 staat de mens aan de top van de piramide, Genesis 2 in het midden van de cirkel.


2.      De situatie op aarde (2:4-7)

• Lezen: 2:4 > In Genesis 2 begint de geschiedenis van de mensheid (toledot-passages beginnen).

• Van "hemelen en aarde" naar "aarde en hemel" koppelt de twee scheppingsgeschiedenissen met elkaar; zij handelen beiden over één en hetzelfde onderwerp, wel vanuit ander perspectief.

• "Op de dag" heeft hier eerder de betekenis van 'moment' dan van 'dag'.

• Lezen: 2:5 > Wij worden nu naar beneden meegenomen en zien dat de aarde leeg is. Waarom?

·         Het heeft niet geregend;
·         Er is geen mens om de aarde te bewerken.

• Waarom zou je een huis inrichten als er niemand in woont?

• Lezen: 2:6 > God laat de aarde tot leven komen; een voorwaarde om er te kunnen leven. 

• Lezen:2:7 > Adam wordt uit de 'adama' gevormd.

• De aarde voorziet zelf in haar bestaansvoorwaarden, waarbij de heerser over de aarde iets Goddelijks meekrijgt > Vgl. Ps. 8:4-10 + Pred. 12:7 (Lezen).

• De naakte mens staat nu op de naakte aarde. Hoe nu verder?

3.      Levensvoorwaarden voor de mens (2:8-17)

• Lezen:2:8 > God plant een hof (LXX: 'paradisos'), een omsloten tuin, in Eden (bet. 'lieflijkheid' / 'heerlijkheid'). Uiteindelijk is dit paradijs niets anders dan een afschaduwing van het hemels Jeruzalem, dat ook paradijs genoemd wordt. Beiden bieden beschutting en veiligheid. In beiden is geen plaats voor de zonde > Lezen: 3:22-23 + Opb. 22:14-15. Hetzelfde geldt overigens voor de tabernakel en tempel, die beiden ook omheind zijn.

• Het oosten staat voor de plek waar de zon op komt en heeft in de Bijbel relatie met de HEERE > De hof van Eden is net als de tabernakel/tempel en het hemels Jeruzalem een plek waar God aanwezig is.

• De mens mag daar wonen waar God aanwezig is > Hij mag in Zijn nabijheid zijn > Vgl. Opb. 21:23-27 (Lezen).

• Lezen: 2:9 > De dauw uit de aardbodem laat fruitbomen uit de aardbodem komen. De 'circle of life'is begonnen, zij het wel in vegetarische vorm > Lezen: 1:29-30.

• Lezen: 2:16-17 > De boom des leven als teken dat God de mens het leven heeft gegeven. De boom van de kennis van goed en kwaad als teken van wie Adam de schepping had ontvangen.

• Eten van de boom van de kennis van goed en kwaad, geeft Adam geen onderscheid tussen goed en kwaad, dit had hij al (hij wist dat hij niet mocht eten van die boom), het geeft Adam de mogelijkheid om zelf te bepalen wat goed en kwaad is. Het vak ethiek is een gevolg van het eten van deze boom.

• Lezen: 2:10-14 > De leefomgeving van de mens is vruchtbaar en rijk; er is overvloed. Het biedt de mens alle mogelijkheden om zich te ontwikkelen.

• Lezen: 2:15 > Vgl. vers 8, nu wordt het levensdoel van de mens er aan toegevoegd: "om die te bewerken en te onderhouden". Als snel gaat dit mis > Zondeval, wat uiteindelijk uitmondt in de Zondvloed > Na de Zondvloed zien wij dat de situatie in de schepping veranderd is > Lezen: Gen. 9:1-7. 

• Toch blijft er een taak van "bewerken"en "onderhouden", en wel voor het volk Israël in de priesterdienst > Lezen: Num. 18:5-7 > vers 7: "waarnemen" = "onderhouden" & "dienen" = "bewerken".

• Ook voor ons gelden deze woorden in zekere zin > "bewerken" is (via LXX) terug te vinden in "goede werken" > Lezen: Tit. 3:8, "onderhouden" is (via LXX) terug te vinden in "bewaren"Lezen:2 Tim. 1:14.

4.      Slotsom & Conclusie

• Genesis 2 leert ons dat de mens er niet voor de schepping is, maar de schepping er voor de mens is. De mens heeft binnen deze schepping een taak. Deze is gedurende het verloop van Gods heilsplan wel veranderd.

• Wat is dan Gods uiteindelijke doel met het bestaan van mens & schepping? Efeze 1 leert ons tot drie keer toe: "Opdat wij tot lof van Zijn heerlijkheid zouden zijn…".

• Hoe komt de mens tot dit doel? Door Jezus Christus verlossende werk. De hoop voor Israël en de volken loopt hierbij via herstel en vernieuwing van de schepping. Voor ons geldt > Lezen: Kol. 3:1-3.
Geluidsbestanden van de gehouden bijbelstudiedagen in samenwerking met Stichting Het Morgenrood.
Genesis is het eerste boek van de Bijbel, maar ook het eerste boek van de Thora. Bij de Thora denken wij aan wetten een voorschriften.
Toch bestaat een groot deel van de Thora uit de geschiedenis van de voorvaderen en Israël.
Daarom biedt de Thora niet alleen onderwijs over wat men behoort te doen, maar vooral ook hoe men behoort te leven, waarbij de voorvaderen en Israël ons tot voorbeeld dienen. Genesis is daarbij in de Thora het boek van het begin, waarbij het uiteindelijk verwijst naar het nieuwe begin zoals dat in Christus te vinden is.

Deze studies zijn door Sebastiaan de Graaf verzorgd.
Een 4 delige serie van het boek Prediker door Sebastiaan de Graaf.
  • Het Bijbelse wereldbeeld (01)

    In het seculiere wereldbeeld is de aarde een planeet, behorend tot een zonnestelsel, dat weer onderdeel is van een schier oneindig heelal. Komt dat beeld overeen met wat de Bijbel zegt? In deze serie houden we geen ´wetenschappelijk´ betoog over hemel en aarde, maar zetten eenvoudig bijbelteksten op een rij. Daaruit moet dan vanzelf het bijbels wereldbeeld ontstaan.   Genesis 1 We beginnen bij het...