Gebruik eerst je hoofd en dan pas je tong

Gebruikerswaardering: 0 / 5

Ster inactiefSter inactiefSter inactiefSter inactiefSter inactief
 
Zacharia – inleiding van Stuart Allen

Bestanden:
De kleine profeten door Stuart Allen - uitgewerkte studies POPULAIR
(0 stemmen)
Dit bestand bevat alle uitgewerkte preken van Stuart Allen over 'de kleine profeten'.

Stuart Allen was 25 jaar leidinggevende in "the Chapel of the Opened Book" waar hij een bediening als prediker, leraar en auteur had. Zijn doel was om de Schrift te openen voor hen die geen theologische opleiding hadden. Zowel zijn boeken als zijn preken zijn eenvoudig te volgen, maar met zijn preken boorde hij altijd de diepten van de Schrift aan. Veel mensen getuigen ervan dat zij veel vreugde en zegen hebben ontvangen van zijn geschreven werken en preken voor meer dan 40 jaar lang.
Stuart Allen werd in 1998 bevorderd tot heerlijkheid.
Datum 2015-02-26 Bestandsgrootte 1.51 MB Download 311 Download


Het Bijbelboek Zacharia lijkt op het Bijbelboek Haggai, de datering scheelt maar een paar maanden. Het volk Israël is 70 jaar in Babel vanwege hun zonden en afgoderij en ze gaan nu weer terug om Jeruzalem en de tempel te herbouwen. Er zijn twee profeten Haggai en Zacharia, er zijn twee leiders Jozua, de hogepriester en Zerubbabel en in de boeken Ezra en Nehemia wordt ook over deze periode geschreven.


Door de werking van God ging een deel van het volk (ca. 50.000) weer terug, de tempel en Jeruzalem waren ruïnes en ze moesten het gaan herbouwen (Ezra en 2 Kron. 36). Het werk stopte 16 jaar door tegenslagen en teleurstellingen. Ze waren hun eigen huizen mooi en comfortabel aan het maken en ze vergaten Gods huis, daardoor kon er geen zegen komen.

Zacharia roept het volk en hun leiders op tot gehoorzaamheid, zodat er wel zegen zal volgen.

Het boek gaat over het herstel van Jeruzalem na de verwoesting door Nebukadnessar en het oordeel over Babylon. Een sleutelwoord is 'Jeruzalem' want het komt meer dan 40x voor.
Degenen die dit vergeestelijken, snappen het dan niet meer.

In dit Bijbelboek zien we:
Jeruzalem is de stad van God.
Babel is de stad van satan.
De Heere Jezus is de Spruit (Deze naam komt vier keer voor in het Oude Testament en verwijzen naar de vier Evangeliën).

Er worden 8 visioenen beschreven die de profeet in 1 nacht krijgt en de 1e hoort bij de 8e, de 2e bij de 7e, de 3e bij de 6e en de 4e bij de 5e.
1e visioen: de Man op het rode paard.
.... De vier paarden zijn Gods engelen.
.... De valse priester is onverschillig.
.... De aarde is stil, want God oordeelt.
...... 2e visioen: de horens en de smeden.
...... De vier horens (heidense machten).
......... 3e visioen: de Man met het meetsnoer.
.............. 4e visioen: de hogepriester Jozua.
.............. Jozua is de vertegenwoordiger van het volk.
.............. 5e visioen: de gouden kandelaar en de twee olijfbomen.
......... 6e visioen: de vliegende boekrol.
...... 7e visioen: de vrouw in de efa.
8e visioen: de vier wagens.
Twee vrouwen en een efa.
Twee maten - meten Jeruzalem en de boekrol
Twee getuigen - Jozua en Zerubbabel en herinneren ons aan de twee getuigen uit het boek Openbaring.

Na de 8 visioenen komen 4 boodschappen, die beginnen met het Woord van de Heer kwam tot Zacharia. Daarna volgen twee lasten, waarvan de 1e gaat over de 1e komst van de Heer en de 2e over de 2e komst van de Heer.

Het boek is een boodschap voor die tijd, maar alles is nog niet volledig vervuld. Als alles toekomst zou zijn, dan had het geen zin voor die tijd, maar het is duidelijk dat niet alles vervuld is.

Zacharia 1:1
Er zijn verschillende personen in de Bijbel die Zacharia heten, de naam betekent De Heere herinnert. Het volk Israël was in ballingschap maar de Heere is ze niet vergeten, Hij denkt aan Zijn belofte aan Abraham, Izak en Jakob, want Hij heeft een doel met hen.
In Ezra 5:1 staat de zoon van Iddo, hier staat de zoon van Berechja, de zoon van Iddo. Iddo is dus de grootvader, maar het is niet ongebruikelijk dat de kleinzoon ook de zoon genoemd werd, wellicht was zijn vader vroeg gestorven.

De Heere van de legermachten is een term die rond de 50 keer voorkomt in dit boek. God is niet alleen majestueus maar heeft oneindig veel dienaren tot Zijn beschikking, zoals we zien in Openbaring.

Openbaring 5:11
11 En ik zag, en hoorde een geluid van vele engelen rondom de troon, van de dieren en van de ouderlingen. En hun aantal bedroeg tienduizenden tienduizendtallen en duizenden duizendtallen.

De term tienduizenden tienduizendtallen, geeft ontelbaar aan.
Satan heeft ook dienaren zoals we kunnen lezen in Daniël, waar de engel van God werd tegengehouden door een engel van satan. In de hemel is een strijd bezig.

Zacharia 1:3 is een terugkerende oproep van de Heere: Keer terug naar Mij. Deze roep is voor Israël, niet voor de heidenen, als ze van God afdwalen. Ze moesten terugkeren om door God gebruikt te kunnen worden.

Deuteronomium 4:30
30 Wanneer u in benauwdheid zult zijn en al deze dingen u getroffen hebben, in later tijd, dan zult u terugkeren naar de HEERE, uw God, en Zijn stem gehoorzamen.
2 Kronieken 6:26
26 Als de hemel gesloten is en er geen regen komt, omdat zij tegen U gezondigd hebben, en zij op deze plaats bidden, Uw Naam belijden en zich van hun zonde bekeren, omdat U hen vernederde,
Nehemia 1:8-9
8 Denk toch aan het woord dat U Uw dienaar Mozes geboden hebt: Als u ontrouw bent, zal Ik u overal onder de volken verspreiden. 9 Maar als u zich tot Mij bekeert en Mijn geboden in acht neemt en die houdt – al bevonden uw verdrevenen zich aan het einde van de hemel, vandaar zal Ik hen bijeenbrengen en hen brengen naar de plaats die Ik gekozen heb om daar Mijn Naam te laten wonen.

'Als zij zich bekeren' is een thema wat ook veel voorkomt in Handelingen, zoals bij de toespraak van Petrus. Ze zullen zien Wie ze hebben doorstoken, dan kan God ze gebruiken voor Zijn plan dat Hij had vanaf het begin. Als het volk zich bekeert, zal God Zich tot hen keren (vers 3).

In vers 4 en 5 zien we dat de vaderen niet luisterden.
Dan beschrijft de profeet 8 visioenen of nachtgezichten.

Het eerste visioen is van de Man op het rode paard.
Wat doe je met symbolen? Gokken wat het zou kunnen betekenen of schrift met schrift vergelijken.
De symbolen vertegenwoordigen iets. In openbaring zien we ook een man op een rood paard. Waarom tussen mirten?
De profeet vroeg veel om uitleg en dat helpt ons.
In het eerste visioen zien we verschillende personen die spreken, de Engel, de Heere, de paarden (dit zijn engelen) en de profeet. Engelen zijn boodschappers van de Heere, maar de Engel des Heeren is de Heere zelf.
De Man tussen de mirten is de Engel van de Heere, vgl. vers 10 met vers 11. De Engel van Heere vraagt aan de Heere hoelang het duurt voordat Jeruzalem weer hersteld wordt. Habakuk vraagt ook: hoelang? En Jesaja in 6:11. De profeten waren begaan met hun volk en wilden dat er een einde kwam aan de erbarmelijke situatie waarin ze waren.
De Heere antwoordt met goede, troostrijke woorden.
De mirt is een boom en Israël wordt vaak met bomen vergeleken, zoals de vijgenboom, olijfboom en de wijnstok.
Het woord mirt is in het Hebreeuws hadas, een andere vorm van dit woord Hadassa kennen wij als de Hebreeuwse naam voor Esther (Esther betekent ster).
De mirten stonden in de diepte.

Psalm 69:16
16 Laat de watervloed mij niet overspoelen, de diepte mij niet verslinden, de put zijn mond boven mij niet sluiten.


Israël was in Babylon vanwege een oordeel over hun zonden, maar nu spreekt de Heer troostrijke woorden (vers 13). Jeruzalem zal hersteld worden zie Zacharia 2:12 en 3:2, Jeruzalem is door God verkozen. Jeruzalem zal het centrum zijn van Gods plan, op zowel geografisch, commercieel, religieus en sociaal gebied.
En als God kiest wat kan de mens doen en wat kan satan dan doen. In Zacharia 1 vers 14 en 8:2 staat dat God Zich met grote na-ijver ingezet heeft voor Jeruzalem en Sion. God is niet onverschillig. In hoofdstuk 1:11 staat dat het land stil is, maar eigenlijk wordt er onverschillig mee bedoeld. En de heidenvolken uit vers 15 zijn ook onverschillig (zorgeloos) t.a.v. het lot van Israël. Maar de Heere wil dat Zijn huis herbouwd wordt, want Hij wil daar wonen. Het werk was gestopt, maar ze moesten het afmaken. En Hij zal het meetlint over Jeruzalem uitspannen.


Het tweede visioen gaat over horens
Een hoorn is een teken van een volk met macht, in Openbaring wordt ook gesproken over horens (hoofdstuk 7 en 10).
De vier horens zijn dan vier naties die Juda, Israël en Jeruzalem verstrooid hebben.
Dat zijn de Assyriërs, Babyloniërs, Perzen en Grieken geweest, of Babyloniërs, Perzen, Grieken en Romeinen.
De vier smeden (Engels engravers) uit vers 20 komen met kracht en geweld om de horens van de heidenvolken neer te werpen, want God vervloekt die Israël vervloeken. Dan is elke volgende macht een smid die de voorgaande verslaat.


Het derde visioen gaat over de Man met het meetsnoer.
God claimt Jeruzalem voor Zichzelf. Want Christus zal daar uiteindelijk regeren over heel de aarde, over alle volken voor altijd.
Jeruzalem was verwoest door Nebukadnessar.
De jongeman uit vers 4 is Zacharia. In de toekomst heeft Jeruzalem geen muur meer nodig, want dan zal God Zelf het beschermen. De tempel zal worden herbouwd, een zichtbaar teken van Zijn glorie.
De Heere roept het volk op te vluchten uit het noorden, dat is Babylon, want de handelsroute, de begaanbare weg ging via het noorden.
Hij had gezegd dat het volk verspreid zou worden, maar ze zouden ook weer terug worden gebracht.
In vers 8 zien we dat Gods volk Zijn oogappel is, je oogappel is zeer kostbaar (in de grondtekst staat Mijn).
Deuteronomium 32:9-10
9 Want het deel van de HEERE is Zijn volk, Jakob is het gebied dat Zijn eigendom is. 10 Hij vond hem in een woestijngebied, in een woeste, huilende wildernis. Hij omringde hem, Hij onderwees hem, Hij beschermde hem als Zijn oogappel.


Het is beeldspraak maar een heel mooi beeld. Wie u aanraakt, raakt Mijn oogappel aan, dit is in dezelfde lijn als wie u zegent, zegen Ik, en wie u vervloekt, vervloek Ik.
Saulus vervolgde Gods volk dus God Zelf en daarom zegt de Heer, Saul, Saul, waarom vervolgt u Mij?
In vers 9 "beweeg Mijn hand" is Ik schud Mijn vuist.
Vers 10 gaat dan over het herstel en is een vertroosting. Dit herstel zal pas vervuld worden bij de tweede komst. Als Hij in hun midden woont.
Vers 11 spreekt over vele heidenvolken.


Jesaja 19:23-24
23 Op die dag zal er een gebaande weg zijn van Egypte naar Assyrië. De Assyriërs zullen in Egypte komen en de Egyptenaren in Assyrië. De Egyptenaren zullen samen met de Assyriërs de HEERE dienen. 24 Op die dag zal Israël de derde zijn naast Egypte en Assyrië, een zegen in het midden van de aarde.

Op die dag is er nog een bestemming voor Assyrië en Egypte, maar er zijn nog veel meer volken op de aarde.
Het heilige land in vers 12 kun je niet vergeestelijken, het gaat over Israël en Jeruzalem.
Dan klinkt in vers 13 "Wees stil", want God gaat aan het werk, dan moet iedereen stil zijn en zal iedereen het zien.

Het vierde visioen gaat over de hogepriester Jozua die voor de Engel van de Heere staat.
Jozua representeert Israël.
Israël moet gereinigd worden, om bruikbaar te zijn. Wat kan een zondaar doen? Niets, behalve God aanroepen. God laat een stukje zien van de strijd der eeuwen met de tegenstander.
Jozua staat voor de Engel en satan staat er als aanklager. De Heer heeft Zijn legermachten, maar satan heeft ook zijn engelen met kracht van de duisternis, totdat hij vernietigd wordt.
We hebben geen strijd tegen mensen.
We zien hier een glimp van deze strijd. Wij waren vroeger ook in de macht der duisternis, maar Paulus zegt dat wij daaruit verlost zijn en overgebracht in het koninkrijk van de Zoon Zijner liefde.

In dit visioen zien we de tegenstelling.
God verkiest, Hij redt uit het vuur, want Israël was 70 jaar in het vuur van de ballingschap geweest.
In vers 3 de vuile kleren geven aan dat hij niet geschikt was om voor God te werken.
Het bloed van Christus reinigt ons.
In vers 4 blijkt dat Jozua zelf hier niets aan kan veranderen, maar God zegt: Ik zal. God geeft feestkleren, de gerechtigheid van God. 2 Petrus beschrijft ook een nieuwe hemel en aarde waar gerechtigheid heerst.
In vers 5 krijgt de hogepriester een reine tulband. Als het volk zou bekeren, kon God hen gebruiken en zouden ze een kanaal van zegen zijn voor heel de aarde.
In vers 7 duiden de woorden "omgang met die hier staan" op de vrije toegang met de engelen. Het duidt op het betere vaderland (het hemels Jeruzalem) uit Hebreeën 11, dat beloofd is aan de geloofsgetuigen.
In vers 8 wonderteken zijn types van de waarheid.
Een spruit is nieuw leven vanuit een wortel. Spruit komt 4x voor als een openbaring van de Heere Jezus, net als in de 4 evangeliën in het Nieuwe Testament.
Hier wordt gezegd Mijn Knecht, de Spruit = Marcus, hoe en wat Hij deed (niet wat Hij zei).
Jeremia 23:5 heeft het over de Spruit Die als Koning zal heersen, wat overeenkomt met Mattheüs wat geschreven is voor en over Israël, over hun Koning. Deze Koning zal in Jeruzalem rechtvaardig heersen.
Zacharia 6:12 zegt zie de Man, Zijn naam is Spruit. De Man, de mens wordt beschreven in Lukas waarin het geslachtsregister teruggaat tot Adam. De Mens heeft medelijden en gevoel voor de menigte. Hij kent onze zwakheden.
Jesaja 4:2 benadrukt God geopenbaard in het vlees, vergelijk Johannes 1:1: God was het Woord.
In vers 9 gaat het over zeven ogen, als we kijken naar 4:10b zien we dat het de ogen van de Heere zijn en als we dan kijken naar Openbaring dan zijn het de zeven geesten of engelen voor Zijn troon. God ziet alles en Hij wil dat Jeruzalem herbouwd wordt en de ongerechtigheid weggenomen wordt.

Vers 19 onder de vijgenboom geeft een toestand van vrede aan (Micha 4:4), niemand zal hen bang maken. De Joden zijn altijd verstrooid geweest, maar dan zullen ze veilig wonen, dit is maar gedeeltelijk vervuld in de dagen van Zacharias.

Het vijfde visioen over de gouden kandelaar en de twee olijfbomen.
Eerst moet er reiniging zijn en dan licht. Licht betekent getuigenis. De Heere Jezus Christus is het licht van de wereld. Wij dragen het licht, Hij "is" het licht.
Wij zijn een getuige, in de tempel wordt dat uitgebeeld door de kandelaar. De centrale buis geeft de olie, God Zelf, de armen zijn het volk. In Openbaring wordt gesproken over 7 kandelaren, de 7 gemeenten, Israël is dus nog verspreid. Als er 1 kandelaar is met 7 armen is Israël verenigd.
De olijfbomen (vers 3) zien we ook in Openbaring, de twee getuigen. Het zijn de leiders Jozua en Zerubbabel. Wanneer satan heerst zullen twee getuigen door God opgewekt worden, zodat de wereld geen excuus heeft.
In vers 4 vraagt de profeet weer naar de betekenis.
Vers 6: Zerubbabel is een olijfboom en alle kracht komt van de Heer, door Zijn Geest.
De grote berg uit vers 7 die symbool staat voor problemen, wordt een vlakte, God rekent er mee af.
Ondanks alle tegenstand zal de tempel herbouwd worden. Eerst gereinigd en dan krachtig gemaakt.
Er was maar een gedeelte van het volk teruggegaan om Jeruzalem te herbouwen. Nu is er ook een klein groepje die God gelooft en volgt, maar het is Zijn werk, Hij geeft de wasdom en vrucht. God ziet hen en bemoedigt hen.
In vers 11 en 12 zien we dat de profeet steeds weer vraagt wat de betekenis is. Wat zijn de olijfbomen (vers 13)? Het zijn de twee gezalfden en dat zijn Jozua en Zerubbabel, de twee leiders. Zij staan de Heere van heel de aarde bij.

In Zacharia 14:9 zien we dat de Heere Koning zal worden over heel de aarde en de Heere de Enige zal zijn, namelijk de Heere Jezus Christus. Hij zal Koning over de hele aarde zijn omdat de Heere van de legermachten het heeft gezegd. Het kan lang duren, maar het gebeurt. Hij doet het via Zijn volk, dat niet altijd luistert, maar Hij heeft geduld, Hij is dezelfde toen en nu en voor altijd.

In hoofdstuk vijf zien we het zesde (de vliegende boekrol) visioen en zevende visioen.
De boekrol is 20 el lang en 10 el breed. Deze zelfde maten zien we terug in de tempel bij de voorhal. Er wordt in dit visioen een vloek uitgesproken over ieder die steelt. Er werd in die tijd namelijk niet goed gezorgd voor de weduwen, de wezen en de armen en dat wordt stelen genoemd. En men legt een valse eed af. Deze twee dingen komen voor in de tien woorden, dus waarschijnlijk staan die in de boekrol. Weggevaagd worden (vers 3) is het Hebreeuwse woord naqah, dat in Jeremia 49:12 vertaald wordt met onschuldig houden:

Jeremia 49:12
12 Want zo zegt de HEERE: Zie, zij die niet verdienden om de beker te moeten drinken, moeten hem beslist drinken. Zou u dan in enig opzicht voor onschuldig gehouden worden ? U zult niet voor onschuldig gehouden worden , maar u moet hem beslist drinken!
Zacharia 5:3
3 Toen zei Hij tegen mij: Dit is de vloek die zal uitgaan over heel het land. Volgens deze vloek zal namelijk ieder die steelt, vanhier weggevaagd worden , en volgens deze vloek zal ieder die een valse eed aflegt, vanhier weggevaagd worden .

Hij die steelt en hij die een valse eed aflegt blijft onschuldig, maar dat is tegen Gods wet. God zal de zonden straffen (vers 4).

Het zevende visioen gaat over de vrouw in de efa.
Ooievaren zijn onrein.
Het land Sinear is Babylon. Het land waar het volk in ballingschap was (geweest). De vrouw krijgt een huis daar, een permanente plaats. Maar Israël mocht zich daar niet settelen, want dat was niet het beloofde land. Maar er waren er van het volk die in Babel wilden blijven, vanwege de handel en de welvaart.
In het boek Openbaring zien we dat Babel zal herleven, het gaat niet alleen om de stad maar ook waar het voor staat, de tegenstand tegen God. De stad zal in de toekomst letterlijk herbouwd worden, het is onderdeel van het grote conflict der eeuwen. We kunnen dat niet vergeestelijken. Ook Paulus waarschuwt voor de machten van de duisternis. Onze enige verdediging is het Woord van God.
Vrouwe Goddeloosheid uit vers 8 kunnen we vergelijken met de hoer Babylon uit Openbaring. Er zijn twee steden belangrijk Jeruzalem, de stad van God en Babylon de stad van satan. In het einde der tijden komt alles openbaar en tot een climax.

In Jeremia 50 en 51 wordt een profetie over Babel uitgesproken. In vers 4 staat dat de Israëlieten de Heere, hun God zullen zoeken, dit is nog maar gedeeltelijk vervuld. Dus het zal nog gebeuren in die dagen en in die tijd. Je moet verlost zijn om deel te hebben aan een deel van het Koninkrijk.
In vers 18-20 zegt de Heere dat Hij Babel zal straffen en het volk terug zal brengen en hun zonden niet meer gevonden zullen worden, dit is ook nog niet het geval, want het volk is nog steeds Lo-Ammi. Maar als ze onder het nieuwe verbond zijn gebracht, zullen ze vergeving ontvangen. Het offer van de Heere Jezus is voldoende om alle zonden te vergeven.

Openbaring 18:9
9 En de koningen van de aarde die hoererij met haar bedreven hebben en losbandig geleefd hebben, zullen huilen en rouw over haar bedrijven, wanneer zij de rook van haar verbranding zullen zien.
Openbaring 18:18
18 en zij riepen toen zij de rook van haar verbranding zagen: Welke stad was aan deze grote stad gelijk?
Jeremia 51:8
8 Plotseling is Babel gevallen en stukgebroken. Weeklaag erover. Haal balsem tegen zijn pijn, misschien zal het genezen.
Jesaja 47:9
9 Maar deze beide dingen zullen u overkomen in een ogenblik, op één dag: verlies van kinderen en weduwschap. Ze zullen in volle omvang over u komen, vanwege uw vele toverijen en uw zeer talrijke bezweringen.
Jeremia 51:25
25 Zie, Ik zál u, berg die te gronde richt, spreekt de HEERE, u, die heel de aarde te gronde richt! Ik zal Mijn hand tegen u uitstrekken, Ik zal u van de rotsen afrollen en Ik zal u maken tot een berg die in brand staat.
Jeremia 51:58
58 Zo zegt de HEERE van de legermachten: De brede muur van Babel zal zeker geslecht worden, en zijn hoge poorten zullen met vuur aangestoken worden. Zo hebben de volken zich voor niets moe gemaakt, de natiën voor vuur – en zij zijn afgemat.

Als je Openbaring vergelijkt met Jesaja en Jeremia, zie je dat het niet symbolisch wordt bedoeld. Ook is dit alles nog niet met Babel gebeurd, in 1 uur zal het verwoest worden.

Jesaja 13 vers 6, 9, 11 en 19 zegt dat Babel verwoest zal worden en niet meer bewoond. Dit is ook nooit gebeurd, want Petrus schreef vanuit Babel. Het is dus nog niet vervuld.
Babel zal vernietigd worden in 1 dag door vuur op de dag des Heeren en nooit meer bewoond worden. Israël zal terugkeren naar het beloofde land.
De stad Babel moet dus nog hersteld worden om in de toekomst vernietigd te kunnen worden. Als Bagdad iets uitgebreid wordt dan ligt het op het grondgebied van Babel, het hoeft niet zo te zijn, maar het kan.
Symbolen zijn niet letterlijk, maar wat ze betekenen is wel letterlijk.
God heeft het zo geschreven dat de nieuwsgierigen niet weten wat de toekomst is. Wij zouden het graag willen weten.

Het achtste visioen gaat over vier wagens.
De vier wagens (vers 5) zijn de vier winden, de vier engelen. God is de Heere van de legermachten en legermachten zijn engelen. Winden en engelen zijn nooit een mens.
Ze trekken het land door, ze bewaken het plan van God, het zijn de 4 paarden uit Openbaring 6.
Jozua vertegenwoordigt het volk met alle zonden en werd gereinigd. Ze konden God niet dienen door eigen kracht, maar ze moesten gereinigd worden door de Heer en dienen met Zijn kracht.
Wij kunnen ook niet in eigen kracht iets doen, maar in de kracht van de Heer. Wij hebben geen excuus, want Hij zal ons alles geven wat we nodig hebben in Zijn dienst in het lichaam van Christus.
De kronen (vers 11) zijn voor de priesters, ze zullen een koninklijk priesterschap zijn. Ze moeten het volk leiden als het gereinigd is. En ze hebben spullen nodig om de tempel te herbouwen.
In vers 11 krijgt de hogepriester Jozua meerdere kronen, vergelijk Openbaring 19 vers 11 en 12, waar over diademen in meervoud wordt gesproken. Dit koning/priesterschap is tijdens de tempel van Ezechiël. We zagen het ook al bij Melchisedek.
Gods koninkrijk kan pas komen als de zonde weg is, dus als Christus priester en koning is.
Zefanja had zijn huis geopend en dat werd beloond.
Als de tempel klaar is, zullen de heidenen daarin komen en met hun welvaart meedoen aan het in stand houden van de tempel (Jes. 60:10 en 11).

Na de visioenen komen we bij het volgende deel van dit Bijbelboek en dat bestaat uit vier boodschappen van de Heer.
Deze boodschappen beginnen met: het Woord van de Heer kwam tot Zacharia. Ze staan in 7:1 en 8 en 8:1 en 18.

Alle vier de boodschappen hebben met de problemen van Israël te maken. Na 70 jaar ballingschap komt er een tijd van herstel en herbouw van Jeruzalem en de tempel. Maar er zijn veel ontmoedigingen. God stuurt Zacharia en Haggai om het volk te bemoedigen. Het herstel duurde 16 jaar en in het boek Ezra kunnen we lezen dat het klaar is.

Zacharia 7:1-7
Het huis van God in vers 2 is de plaats Bethel.
Mannen gaan naar de priesters met de vraag: "Moet ik in de vijfde maand blijven treuren en afzonderen?" Gedurende de ballingschap had het volk gevast en nu ze terug waren in het land vroegen ze zich af of ze dat nog steeds moesten doen. Dan geeft God antwoord. Hij vraagt: deed u het voor Mij? Er is geen opdracht in de wet die zei dat ze moesten vasten. Ze hadden het zelf bedacht, ze treurden voor zichzelf en God vraagt voor wie deed je dit, want je hebt het zelf ingesteld en in vers 6 zien we dan: 'deed je dit niet voor jezelf?' We doen dingen die we graag zelf willen, die ons aanspreken, maar we vragen niet wat God wil. Je kan God alleen dienen op de manier zoals Hij het zegt. Want dan is er vrede en kunnen ze gerust wonen (vers 7).

Jesaja 1:14
14 Uw nieuwemaansdagen, uw feestdagen haat Ik met heel Mijn ziel; ze zijn Mij tot last; Ik ben het moe om ze te dragen.

Maar aan de andere kant deden ze niet wat wel in de wet stond.

Zacharia 7:8-14
Ze dachten dat als ze zich aan de rituelen hielden dat ze verder konden doen wat ze wilden.
Ze waren oneerlijk, dus zegt de Heer: vel een betrouwbaar oordeel. En ze waren slecht voor de weduwen en wezen. Ze keerden zich af van God en altijd heeft door de profeten het woord geklonken: bekeer u en Ik keer mij tot u. Maar ze stopten hun oren toe. Het gaat hier niet om heidenen, maar om Gods eigen volk.
Ze maakten hun hart hard als diamant (vers 12), zie ook Jeremia 17. Aan het einde van Handelingen zien we hetzelfde volk en dezelfde reactie, ze stopten hun oren dicht en maakten hun hart zwaar. En nog steeds is dit volk doof en hard van hart. Maar als het Nieuwe Verbond van kracht zal worden, dan zal God Zijn hart in hun binnenste geven en zal hun hart van steen vervangen worden door een hart van vlees. Als ze de Heere Jezus Christus zullen zoeken.

Ezechiel 11:19-20
19 Ik zal hun één hart geven en een nieuwe geest in uw binnenste geven. Ik zal het hart van steen uit hun vlees wegdoen en hun een hart van vlees geven, 20 zodat zij in Mijn verordeningen gaan en Mijn bepalingen in acht nemen en die houden. Dan zullen zij Mij een volk zijn, en zal Ík hun een God zijn.

Doordat het volk niet wilde luisteren, ontstaat er grote verbolgenheid bij de Heer en zien we in vers 13 dat omdat zij niet luisterden, God niet naar hen luistert.
Wat een rijkdom voor ons dat we mogen weten dat God altijd naar ons luistert.

Zacharia 8:1-17
De herbouw was gestokt door tegenwerking, maar God wil ze bemoedigen: Hij zal in Jeruzalem wonen; oude mensen en kinderen op het plein zijn een beeld van vrede, rust en veiligheid.
De Heer vraagt: zou iets te wonderlijk zijn? Net als toen aan Sara een zoon beloofd werd. We hebben te maken met de Almachtige. Deze kracht staat ook achter ons, de opstandingskracht. Deze geweldige God gaat Israël helpen.
De verzen 7 en 8 zijn in de tijd van Zacharia maar gedeeltelijk vervuld. Maar ze waren wel een bemoediging, net als vers 9: Grijp moed.
Als ze ongehoorzaam zijn, gaat alles mis. De Joden zijn een vloek geweest onder de heidenvolken, maar als ze gehoorzamen, zal alles voorspoedig worden.

Zacharia 8:18-23
Het vasten zal vreugde worden, want als het Koninkrijk aanbreekt, is er geen verdriet meer. Welke hoogtijdagen waren het dat er gevast werd in de vierde, vijfde, zevende en tiende maand. Het gaat om droevige gebeurtenissen, nationale rampen, zoals:
  1. De vierde maand - de belegering van Jeruzalem door Nebukadnessar
  2. De vijfde maand - het in ballingschap gevoerd worden
  3. De zevende maand - de vernietiging van de tempel
  4. De tiende maand - de moord op Gedalia
Jeremia 41:1-2
1 Het gebeurde echter in de zevende maand dat Ismaël, de zoon van Nethanja, de zoon van Elisama, iemand van koninklijken bloede, en de bevelhebbers van de koning en tien mannen met hem, naar Gedalia, de zoon van Ahikam, in Mizpa kwamen. Samen gebruikten zij daar de maaltijd in Mizpa. 2 Toen stond Ismaël, de zoon van Nethanja, op, met de tien mannen die bij hem waren, en zij sloegen Gedalia, de zoon van Ahikam, de zoon van Safan, dood met het zwaard. Zo bracht hij hem ter dood die de koning van Babel over het land had aangesteld.

Maar er zal een tijd komen dat de volken zullen optrekken naar Jeruzalem.

Micha 4:1-2
1 Het zal echter in het laatste der dagen geschieden dat de berg van het huis van de HEERE vast zal staan als de hoogste berg van de bergen, en dat hij verheven zal worden boven de heuvels, en dat de volken ernaartoe zullen stromen. 2 Vele heidenvolken zullen op weg gaan en zeggen: Kom, laten wij opgaan naar de berg van de HEERE, naar het huis van de God van Jakob; dan zal Hij ons onderwijzen aangaande Zijn wegen, en zullen wij Zijn paden bewandelen. Want uit Sion zal de wet uitgaan en het woord van de HEERE uit Jeruzalem.

Deze profetie is het tegenovergestelde van de situatie vandaag. Dan willen ze Gods waarheid leren. Als alle volken God gaan gehoorzamen, zal de aarde er heel anders uit gaan zien.
Israël zal in zijn positie hersteld worden en getuigen van God (vers 23). God heeft alles onder controle. Want het zondeprobleem is opgelost door de ware Hogepriester, Die ook zal regeren als Koning, de Heere Jezus Christus.

Het laatste deel van het boek Zacharia bestaat uit twee lasten (hoofdstuk 9-11 en 12-14). De eerste gaat over de eerste komst van de Heere Jezus, de tweede over de tweede komst van de Heere Jezus Christus.
Dit gedeelte bevat veel moeilijkheden, maar als we de grote lijnen kunnen begrijpen, is dat al geweldig.
De eerste last gaat over Syrië.
In vers 8 zegt God dat Hij als een wacht rond Zijn huis is. Vaak is er een gedeeltelijke vervulling in de tijd dat de profetie werd uitgesproken (Alexander de Grote heeft Jeruzalem niet veroverd) en een volledige in de toekomst (Armageddon).
In de geschiedenis hebben velen geprobeerd de Joden uit te roeien, maar Gods plan moest nog doorgaan, dus het is niet gelukt.
In vers 7 het bloed wijst op offers.
Vers 9 is vervuld in Mattheüs 21:1-9. Hij kon rijden op een dier wat nog niet eerder bereden was, normaal word je er dan afgegooid, maar de Heer niet. Hij is zachtmoedig, zo'n koning zag je nooit eerder. Paulus zegt het ook in de brief aan de Filippenzen: Hij dacht aan anderen, laat die gezindheid in u zijn!
Wanneer de Heere Jezus Christus Koning zal zijn, is er vrede (vers 10). De wereld wil vrede en probeert van alles om het te bewerkstelligen, maar het is er niet. Maar als Hij Koning is, zullen alle problemen worden opgelost.

Psalm 72:7-8
7 In zijn dagen zal de rechtvaardige tot bloei komen; er zal grote vrede zijn, tot de maan er niet meer is. 8 Hij zal heersen van zee tot zee, van de rivier de Eufraat tot de einden der aarde.

Deze tekst is gedeeltelijk vervuld bij Salomo, maar zal volledig vervuld worden bij de wederkomst van Christus.
De put waar geen water in is, heeft betrekking op Babel, van waaruit het volk vrijgelaten was. Nu moesten ze terugkomen en de stad herbouwen.
Uiteindelijk zullen ze schitteren als edelstenen, want God houdt van Zijn volk, zowel het aardse als het hemelse.

Hoofdstuk 10 gaat over de leiders, de herders. Ze moeten vragen om regen en dit is letterlijk, want dat hadden ze nodig. De afgodsbeelden in vers 2 is de vertaling van het Hebreeuwse terafim. Het kan zijn dat daarmee de borstplaten van de hogepriester worden bedoeld, ze waren een voorwerp van afgoderij geworden en zijn toen vernietigd. Verder wordt het woord ook gebruikt voor afgodsbeelden in zijn algemeen.
Uit Juda zal de hoeksteen komen. En een tentpin is om dingen aan op te hangen, je kunt eraan hangen/rusten.
Vers 5 ze zullen strijden, maar niet in eigen kracht, de Heere zal met hen zijn.
Ze waren verstoten, maar zullen zijn als niet verstoten.
Vers 8 God zal ze als een herder naar Zich toe fluiten.
Vers 9 Ze zullen terugkeren, er komt herstel.

Micha 7:15
15 Als in de dagen toen u uit het land Egypte trok, zal Ik het wonderen doen zien.

God zal het nog één keer doen. Hij zal Zijn volk terug brengen.

Hoofdstuk 11 is een heel moeilijk hoofdstuk. Van Libanon tot de Jordaan komt er een Romeinse invasie. Zacharia moet een herder zijn over 'slacht'schapen, want er komt een oordeel.

Hosea 1:6
6 Zij werd opnieuw zwanger, en zij baarde een dochter. Daarop zei Hij tegen hem: Geef haar de naam Lo-Ruchama, want Ik zal Mij voortaan niet meer ontfermen over het huis van Israël, want ik zal hen zeker wegvoeren.

Maar er is altijd een gelovig overblijfsel.
In vers 7 wordt gesproken over twee stokken: lieflijkheid (genade) en samenbinding (eenheid). Maar beide stokken worden door de Heere verbroken.

Ezechiel 37:16-19
16 En u, mensenkind, neem een stuk hout voor uzelf en schrijf daarop: Voor Juda, en voor de Israëlieten, zijn metgezellen. Neem dan een ander stuk hout en schrijf daarop: Voor Jozef, het stuk hout van Efraïm, en van heel het huis van Israël, zijn metgezellen. 17 Breng ze dan bij elkaar, het ene bij het andere, tot één stuk hout, zodat ze in uw hand één worden. 18 Als dan uw volksgenoten tegen u zeggen: Wilt u ons niet vertellen wat deze dingen voor u betekenen? 19 Spreek dan tot hen: Zo zegt de Heere HEERE: Zie, Ik zal het stuk hout van Jozef nemen, dat zich in de hand van Efraïm bevindt, en van de stammen van Israël, zijn metgezellen, en Ik zal het bij het stuk hout van Juda voegen, en Ik zal ze tot één stuk hout maken. Ze zullen in Mijn hand één worden.

In Ezechiël worden twee stukken hout weer één, maar dat gaat over de toekomst.

Wie de drie herders zijn uit vers 8 is niet duidelijk, er zijn wel meer dan 40 verklaringen, dus kies maar uit, maar ik weet het niet.
Met het breken van de stok Lieflijkheid wordt het verbond verbroken.
De Heer krijgt als loon dertig zilverstukken, in Exodus 21:32 kunnen lezen dat dat de prijs is van een slaaf.

Mattheus 27:6-10
6 De overpriesters pakten de zilveren penningen en zeiden: Het is niet geoorloofd die in de offerkist te leggen, omdat het bloedgeld is. 7 En nadat zij beraadslaagd hadden, kochten zij daarvan de akker van de pottenbakker als begraafplaats voor de vreemdelingen. 8 Daarom wordt die akker tot op de dag van vandaag bloedakker genoemd. 9 Toen is vervuld wat gesproken is door de profeet Jeremia: En zij hebben de dertig zilveren penningen genomen, de waarde van de Geschatte, Die zij geschat hadden uit de Israëlieten, 10 en zij hebben die gegeven voor de akker van de pottenbakker, zoals de Heere mij bevolen heeft.

Het is ook het bedrag dat Judas kreeg voor het verraden van de Heere Jezus.
Het woord dat in vers 13 wordt vertaald met pottenbakker is eigenlijk een algemeen woord voor werker. Het is afhankelijk van de grondstof of hij een houtbewerker, pottenbakker of zilversmid of iets dergelijks is. In dit geval lijkt het beter als het een zilversmid is, want je geeft hem terug wat hij gemaakt heeft.
Mattheüs zegt 'door de profeet Jeremia', terwijl Zacharia het zegt, dit kan zijn omdat in het boek Jeremia de profetie van Zacharia is opgenomen, maar we hoeven niet voor alles een verklaring te hebben.
In de verzen 15-17 wordt dan een slechte/dwaze herder beschreven, die niet om de schapen geeft.
In 2 Thessalonicenzen wordt hetzelfde monster beschreven in verband met het einde der tijden. Daniël zegt hierover dat hij eerst goed zal doen en dan een gruwel wordt. Maar de heerlijkheid van de Heer zal dit overwinnen.

2 Thessalonicenzen 2:5-10
5 Herinnert u zich niet dat ik u deze dingen zei, toen ik nog bij u was? 6 En u weet wat hem nu weerhoudt, opdat hij op zijn eigen tijd geopenbaard wordt. 7 Want het geheimenis van de wetteloosheid is al werkzaam. Alleen is er iemand die hem nu weerhoudt, totdat hij uit het midden verdwenen is. 8 En dan zal de wetteloze geopenbaard worden. De Heere zal hem verteren door de Geest van Zijn mond en hem tenietdoen door de verschijning bij Zijn komst; 9 hem, wiens komst overeenkomstig de werking van de satan is, met allerlei kracht, tekenen en wonderen van de leugen, 10 en met allerlei misleiding van de ongerechtigheid in hen die verloren gaan, omdat zij de liefde voor de waarheid niet aangenomen hebben om zalig te worden.

In hoofdstuk 12 gaat het over de tweede last. De tweede last is toekomst voor ons, het gaat over de wederkomst van de Heer op de Olijfberg. Als Hij terugkomt, zal het Koninkrijk komen.
Het gaat dus over Israël in de eindtijd. Het is eigenlijk geschiedenis die vooruit geschreven is.
Alle volken zullen optrekken tegen Jeruzalem, dit is het echte Armageddon. Sommigen zeggen dat de Eerste of de Tweede Wereldoorlog Armageddon was, maar hier wordt het ware Armageddon beschreven en dat ligt nog in de toekomst. Alle volken worden verzameld om ze te vernietigen. Alles gaat naar een climax.
De bedwelmende beker uit vers 2 is een gifbeker. Jeruzalem is een bedwelmende beker en een steen. De volken zullen zich bezeren aan Jeruzalem.
Het probleem van het Midden-Oosten kan nooit door de heidense volken worden opgelost. God heeft een plan met de volken rondom Jeruzalem. Je ziet aan de ene kant wat de volken willen en aan de andere kant wat Gods plan is.
De volken zullen zich bezeren aan Jeruzalem, want ze kunnen het probleem niet oplossen.

We zien in deze laatste hoofdstukken elke keer de woorden 'op die dag' (vs. 3, 4, 6, 8, 9, 11, 14; 13:1; 14:4, 8, 9 en 13). Het gaat dus om een bepaalde tijd. God zal de volken wegvagen. Alles draait om Jeruzalem, de stad van God. Degenen die dit vergeestelijken of beweren dat de duizendjaren al zijn begonnen, kunnen hier zien dat het letterlijk is. Ook het feit dat Zijn voeten zullen staan op de Olijfberg.
Er zijn er ook die beweren dat deze profetie al gedeeltelijk vervuld is, maar hij zal nog een keer volledig vervuld moeten worden. Het zal allemaal nog gaan gebeuren.

In vers 4 en 7 zien we dat de Heere Zijn volk eerst zal verlossen en beschermen omwille van de vaderen. God heeft een plan met Zijn volk. Ze zullen tot Hem worden teruggebracht.
Ze zijn doof en blind en dat zal veranderd moeten worden, anders zijn ze onbruikbaar. Maar als ze Hem zien die ze hebben doorstoken, zullen hun ogen open gaan. Er zijn al heel veel individuele Joden tot geloof gekomen, maar dan zal het volk als geheel geloven.
In vers 10 komt de godheid van Christus naar voren, want God spreekt hier en zegt ze zullen Mij zien die ze doorstoken hebben. Sommige vertalingen hebben Hem zien i.p.v. Mij zien. Het lijkt wel of alle teksten waarin de godheid van Christus naar voren komt, ter discussie staan vanwege verschillen in de grondteksten en het lijkt of satan ook op dit terrein strijd voert met God.

Het volk moet echt berouw krijgen en zich bekeren. Toen ze Christus kruisigden, kruisigden ze hun Redder, Koning-priester. Maar vers 10 zegt dat ze bitter zullen klagen, ze zullen echt berouw hebben en zich bekeren. Ieder geslacht afzonderlijk.

Daarna komt de reiniging (13:1).

Ezechiel 36:24-29, 33
24 Ik zal u uit de heidenvolken halen en u uit alle landen bijeenbrengen. Dan zal Ik u naar uw land brengen. 25 Ik zal rein water op u sprenkelen en u zult rein worden. Van al uw onreinheden en van al uw stinkgoden zal Ik u reinigen. 26 Dan zal Ik u een nieuw hart geven en een nieuwe geest in uw binnenste geven. Ik zal het hart van steen uit uw lichaam wegnemen en u een hart van vlees geven. 27 Ik zal Mijn Geest in uw binnenste geven. Ik zal maken dat u in Mijn verordeningen wandelt en dat u Mijn bepalingen in acht neemt en ze houdt. 28 U zult wonen in het land dat Ik uw vaderen gegeven heb, u zult een volk voor Mij zijn en Ík zal een God voor u zijn. 29 Ik zal u verlossen van al uw onreinheden. Ik zal roepen tegen het koren en Ik zal het veel doen worden: Ik zal u geen hongersnood opleggen 33 Zo zegt de Heere HEERE: Op de dag dat Ik u reinig van al uw ongerechtigheden, zal Ik de steden doen bewonen en zullen de puinhopen herbouwd worden.

Ze zullen gereinigd worden met rein water, het hoort bij het Nieuwe Verbond, als ze Gods Geest en wet in hun binnenste zullen hebben. Er staat steeds 'Ik zal', God zal het doen, ze kunnen het niet zelf.
Hij zal de noodzakelijke reiniging doen, de afgoden moeten weg en ook de valse leiders moeten weg. Net als Maleachi zegt in zijn profetie. God weet wie in mogen gaan en wie niet. Niemand kan op eigen kracht ingaan, God zal schiften.

Vanaf vers 7 in hoofdstuk 13 gaat het over de noodzakelijke dood van de Herder. Mijn Metgezel, is eigenlijk die het meest naast is, Zijn Zoon. De kleinen zijn letterlijk de nederigen.

Hoofdstuk 14 gaat dan over de toekomst van Jeruzalem. Alle volken zullen tegen Jeruzalem trekken en Jeruzalem zal weer vernietigd worden. Jeruzalem, Jeruzalem … Hoe vaak heb Ik uw kinderen bijeen willen brengen, op de wijze waarop een hen haar kuikens bijeenbrengt onder haar vleugels; maar u hebt niet gewild! De onwil van de mens kan nooit het plan van God dwarsbomen.

In vers 3 staat dat dan de Heere uit zal trekken, wat heeft de mens of welk volk voor kans tegen de Heere? De Christus zal wederkomen, Zijn parousia, en Hij zal staan op de Olijfberg in Israël, niet in Engeland of Amerika. Een aardbeving zal de Olijfberg in tweeën splijten. Dit is letterlijk, als je dit wil vergeestelijken, wat moet je er dan van maken? Dalen zullen omhoog gaan en bergen zullen dalen. Het volk moet vluchten in het dal. Want de Heere komt met Zijn heiligen, dat zijn Zijn engelen. Maar wij weten niet de dag nog het uur.

In vers 6 en 7 staat dat dan de lichten zullen weggaan, zon, maan en sterren zullen geen licht meer geven. Er zal iets bijzonders gebeuren wat grote angst teweeg zal brengen. Maar God zal het licht zijn.
Er komt een rivier vanuit Jeruzalem van de Middellandse Zee naar de Dode Zee naar de golf van Akaba. De Dode Zee zal vruchtbaar worden en Jeruzalem wordt een belangrijke havenstad, waar alle schepen naar het oosten langs moeten. Vergelijk ook Psalm 46 en Ezechiël 47.
We moeten dit niet vergeestelijken.
De tempel zal komen op een hoge plaats.
In vers 9 zien dat het Koninkrijk is gekomen. Het land wordt een vlakte en Jeruzalem hoog erboven. Het land ligt nu heel erg onder zeeniveau, maar het zal veranderen. Jeruzalem is veilig om te wonen, maar de plaag uit vers 12 lijkt wel op de gevolgen van de atoombom.
Men maakt zich zorgen over de overbevolking op deze aarde en plannen steden onder zee of op zee, maar dat zal niet meer nodig zijn. Maar God zal Zijn volk bewaren.

Het Loofhuttenfeest zal gevierd worden tijdens de 1000 jaar. Alles zal heilig zijn. Er zal geen Kanaäniet meer wonen. Alles zal worden geschift. Het gaat heel anders dan de mensen bedenken.
Het lichaam van Christus heeft hier geen deel aan, maar het is wel belangrijk om te weten om een goed zicht te krijgen op Gods plan.
Kom Heer Jezus, kom. Want Hij is de Enige die rechtvaardig kan heersen.

Deel deze pagina via

Darwin

Darwin: een aanhanger van Johannes van Helmond?Johannes van Helmond leefde rond begin 1600 en schreef een recept voor het maken van muizen: als je oude lappen en graan in een vat stopt en wegzet op een zolder of in een schuur, dan zullen na verloop van tijd vanzelf muizen ontstaan. Het was een wetenschappelijk experiment en herhaalbaar met telkens hetzelfde resultaat. Ook vandaag de dag kan je hetzelfde experiment herhalen met nog steeds dezelfde resultaten.  Het was Louis Pasteur die drie eeuwen later, aan het einde van de 19e eeuw, aantoonde dat het spontaan ontstaan van muizen (en leven), onzin was... totdat de evolutietheorie de kop op stak, met haar bewering dat in een ver verleden spontaan leven ontstaan is uit een levensloze massa... Ik denk dat Darwin een aanhanger was van Johannes van Helmond ... ;) (overgenomen uit Bijbelvast onderwijs)                       

Even een vraag

De genderhype:

Volg ons via twitter @egkaleo

Amen

Veel bijbelstudies op onze site
komen van bijbelmagazine Amen.
Meer weten over dit unieke blad
kijk dan snel op amen.nl

Abonneer je op Amen

Agenda

  • 01 10 2017
    samenkomst met Oby Vossema 10:00 tot 11:30

Recente preken

Loading Player...

Vers van de dag

Filippenzen 2:3-4
Doet geen ding door twisting of ijdele eer, maar door ootmoedigheid achte de een den ander uitnemender dan zichzelven. Een iegelijk zie niet op het zijne, maar een iegelijk zie ook op hetgeen der anderen is.