Ga eens op de lat zitten in plaats van hem steeds hoger te leggen!

Gebruikerswaardering: 5 / 5

Ster actiefSter actiefSter actiefSter actiefSter actief
 

Maleachi - inleiding van Stuart Allen

Bestanden:
De kleine profeten door Stuart Allen - uitgewerkte studies POPULAIR
(0 stemmen)
Dit bestand bevat alle uitgewerkte preken van Stuart Allen over 'de kleine profeten'.

Stuart Allen was 25 jaar leidinggevende in "the Chapel of the Opened Book" waar hij een bediening als prediker, leraar en auteur had. Zijn doel was om de Schrift te openen voor hen die geen theologische opleiding hadden. Zowel zijn boeken als zijn preken zijn eenvoudig te volgen, maar met zijn preken boorde hij altijd de diepten van de Schrift aan. Veel mensen getuigen ervan dat zij veel vreugde en zegen hebben ontvangen van zijn geschreven werken en preken voor meer dan 40 jaar lang.
Stuart Allen werd in 1998 bevorderd tot heerlijkheid.
Datum 2015-02-26 Bestandsgrootte 1.51 MB Download 339 Download


De naam Maleachi betekent Mijn bode of boodschapper. Er worden 5 boodschappers genoemd.

Mal 1:1

Een last, het woord van de HEERE tot Israël, door de dienst van Maleachi.

Mal 2:7

Voorzeker, de lippen van een priester moeten kennis bewaren, uit zijn mond moet men onderwijs in de wet zoeken, want hij is een gezant van de HEERE van de legermachten.

Mal 3:1

Zie, Ik zend Mijn engel, die voor Mij de weg bereiden zal. Plotseling zal naar Zijn tempel komen die Heere, Die u aan het zoeken bent, de Engel van het verbond, in Wie u uw vreugde vindt. Zie, Hij komt, zegt de HEERE van de legermachten.

Mal 4:5

Zie, Ik zend tot u de profeet Elia, voordat de dag van de HEERE komt, die grote en ontzagwekkende dag.

Maleachi, betekent mijn bode.

De priester in het Oude Testament deed meer dan offeren, hij was een leraar, een gezant, boodschapper van de Heere.

Mijn engel verwijst naar Johannes de Doper, de Engel van het verbond is de Heere Zelf.

De profeet Elia is ook een boodschapper.

Boden wordt gebruikt voor engelen, dienende geesten. De Heer is de Heer der heerscharen, dat zijn miljoenen engelen, ontelbaar.

En het wordt ook gebruikt voor mensen, boodschappers van de Heer.

Dit Bijbelboek komt uit de tijd 470-460 voor Christus. De tempel was af en de tempeldienst hersteld.

Bij Ezra moesten ze de tempel nog herbouwen, dus dit boek is daarna.

Nehemia ging over huwelijk en scheiding.

Neh 13:23

Ook zag ik in die dagen Joden die Asdoditische, Ammonitische en Moabitische vrouwen bij zich hadden doen wonen.

Neh 13:27-28

27 Zullen wij dan naar u luisteren door al dit grote kwaad te doen door onze God ontrouw te zijn door uitheemse vrouwen bij u te doen wonen? 28 Een van de zonen van Jojada, de zoon van Eljasib, de hogepriester, was een schoonzoon van Sanballat, de Horoniet. Daarom joeg ik hem bij mij weg.

Jozua en Zerubbabel hebben dit geregeld, meestal duurde een hervorming of opleving niet langer dan dertig jaar, het ging op en neer. Gods volk luistert en dan weer niet.

Na Jozua en Zerubbabel vallen ze weer terug.

En God heeft zo veel geduld, met ongelovigen, maar zeker met Zijn volk.

Ze waren afvallig, d.w.z. opzettelijk van de waarheid afkeren, moedwillig afstand nemen. En dit gold vooral de priesters en leiders, maar ook het volk.

De priesters hadden grote invloed en ze volharden in offeren van oude of gebrekkige dieren. Ze pleegden overspel en fraudeerden.

Mal 3:5

Ik zal naar u toe komen voor het oordeel. Ik zal een snelle Getuige zijn tegen de tovenaars, tegen de overspelers, tegen hen die valse eden afleggen en tegen hen die het loon van een dagloner met geweld inhouden, die het recht van weduwe, wees en vreemdeling ombuigen, en Mij niet vrezen, zegt de HEERE van de legermachten.

Ze hielden zich niet aan de religieuze wetten, waren profaan.

Ze hielden zich niet aan de burgerlijke wetten.

Ze hielden zich niet aan de sociale, morele wetten, m.b.t. tot hun familie, overspel.

Ze hielden zich niet aan de materiële wetten, ze roofden van God, gaven niet de tienden.

Er worden vragen gesteld in dit boek: waarin, waarom, waardoor.

Mal 1:2

Ik heb u liefgehad, zegt de HEERE, maar u zegt: Waarin hebt U ons liefgehad? Was Ezau niet de broer van Jakob? spreekt de HEERE. Toch heb Ik Jakob liefgehad,

Mal 1:6

Een zoon eert zijn vader en een slaaf zijn heer. Als Ik dan een Vader ben, waar is de eerbied voor Mij? En als Ik een Heer ben, waar is de vrees voor Mij? zegt de HEERE van de legermachten tegen u, priesters die Mijn Naam verachten. Maar u zegt: Waardoor verachten wij Uw Naam?

Mal 1:7

Doordat u onrein brood op Mijn altaar brengt. En u zegt: Waardoor maken wij U onrein? Doordat u zegt: De tafel van de HEERE, die is verachtelijk.

Mal 2:14

Dan zegt u: Waarom? Omdat de HEERE Getuige is tussen u en de vrouw van uw jeugd, tegen wie ú trouweloos handelt, terwijl zíj toch uw metgezellin en de vrouw van uw verbond is.

Mal 2:17

U vermoeit de HEERE met uw woorden, toch zegt u: Waarmee vermoeien wij Hem? Doordat u zegt: Iedereen die kwaad doet, is in de ogen van de HEERE goed, Híj is hen genegen. Of: Waar is de God van het oordeel?

Mal 3:7

Sinds de dagen van uw vaderen bent u afgeweken van Mijn verordeningen, en hebt u ze niet in acht genomen. Keer terug naar Mij, en Ik zal naar u terugkeren, zegt de HEERE van de legermachten. Maar u zegt: In welk opzicht moeten wij terugkeren?

Mal 3:8

Zou een mens God beroven? Werkelijk, u berooft Mij! En dan zegt u: Waarvan beroven wij U? Van de tienden en het hefoffer!

Mal 3:14

U zegt: God dienen is nutteloos! Wat voor nut heeft het dat wij onze taak ten behoeve van Hem vervullen en dat wij in het zwart gaan voor het aangezicht van de HEERE van de legermachten?

Steeds maar vragen, het volk is zich totaal niet bewust.

De heidenen hadden ontzag voor de Naam van de Heere, maar het volk niet.

Mal 1:6

Een zoon eert zijn vader en een slaaf zijn heer. Als Ik dan een Vader ben, waar is de eerbied voor Mij? En als Ik een Heer ben, waar is de vrees voor Mij? zegt de HEERE van de legermachten tegen u, priesters die Mijn Naam verachten. Maar u zegt: Waardoor verachten wij Uw Naam?

Mal 1:11

Want vanwaar de zon opkomt tot waar hij ondergaat, zal Mijn Naam groot zijn onder de heidenvolken; in elke plaats zal aan Mijn Naam een reukoffer gebracht worden, en een rein graanoffer. Voorzeker, Mijn Naam zal groot zijn onder de heidenvolken, zegt de HEERE van de legermachten.

Mal 1:14

Ja, vervloekt is de bedrieger die een mannetjesdier in zijn kudde heeft, en een gelofte doet, maar aan de Heere offert wat geschonden is! Voorzeker, Ik ben een groot Koning, zegt de HEERE van de legermachten, en Mijn Naam is ontzagwekkend onder de volken.

Mal 2:2

Als u niet luistert en als u het niet ter harte neemt om Mijn Naam eer te geven, zegt de HEERE van de legermachten, zal Ik de vloek onder u zenden en uw zegeningen vervloeken. Ja, Ik heb ze al vervloekt, want u neemt het niet ter harte.

Mal 3:16

Dan spreken zij die de HEERE vrezen, ieder tot zijn naaste: De HEERE slaat er acht op en luistert. Er is een gedenkboek geschreven voor Zijn aangezicht, voor wie de HEERE vrezen en wie Zijn Naam hoogachten.

Mal 4:2

Maar voor u die Mijn Naam vreest, zal de Zon der gerechtigheid opgaan en onder Zijn vleugels zal genezing zijn; en u zult naar buiten gaan en dartelen als kalveren uit de stal.

De boodschap van het boek:

God is boos omdat ze het slechte offeren. We moeten Hem het beste geven van wat we hebben.

Mal 1:8

En als u een blind dier ten offer brengt: Dat is niet erg! En als u een kreupel of ziek dier ten offer brengt: Dat is niet erg! Bied het maar eens aan uw landvoogd aan. Zou hij u goedgezind zijn of u ter wille zijn? Dit zegt de HEERE van de legermachten.

Een kreupel dier zou je niet aanbieden aan de landvoogd maar ze geven het wel aan God.

Mal 1:10

Was er ook maar iemand onder u die de deuren zou sluiten, dan zou u niet zonder reden Mijn altaar aansteken. Ik heb geen welgevallen in u, zegt de HEERE van de legermachten, en een graanoffer uit uw hand aanvaard Ik niet.

Ze zouden beter de deuren van de tempel kunnen sluiten, want geen offerdienst is nog beter dan iets slechts offeren.

Mal 1:12-14

12 Maar u ontheiligt hem, wanneer u zegt: De tafel van de Heere, die is onrein, en wat zij oplevert, haar voedsel, is verachtelijk. 13 Verder zegt u: Zie, wat een vermoeienis! Maar u zou het kunnen wegblazen, zegt de HEERE van de legermachten. U brengt wat geroofd, kreupel en ziek is. Als u dat graanoffer brengt, zou Ik dat uit uw hand aanvaarden? zegt de HEERE. 14 Ja, vervloekt is de bedrieger die een mannetjesdier in zijn kudde heeft, en een gelofte doet, maar aan de Heere offert wat geschonden is! Voorzeker, Ik ben een groot Koning, zegt de HEERE van de legermachten, en Mijn Naam is ontzagwekkend onder de volken.

Ze vinden het vermoeiend, ze halen hun neus er voor op (wegblazen).

Mal 2:1

Nu dan, tot u komt dit gebod, priesters!

Het is gericht aan de leiders, de priesters.

Mal 2:2

Als u niet luistert en als u het niet ter harte neemt om Mijn Naam eer te geven, zegt de HEERE van de legermachten, zal Ik de vloek onder u zenden en uw zegeningen vervloeken. Ja, Ik heb ze al vervloekt, want u neemt het niet ter harte.

I.p.v. zegen die volgt op gehoorzaamheid komt er de vloek.

Mal 2:4

Dan zult u weten dat Ik dit gebod tot u gezonden heb, opdat Mijn verbond met Levi blijven zou, zegt de HEERE van de legermachten.

Num 25:11-13

11 Pinehas, de zoon van Eleazar, de zoon van de priester Aäron, heeft Mijn grimmigheid over de Israëlieten afgewend, doordat hij zich in hun midden met ijver voor Mij heeft ingezet, zodat Ik de Israëlieten niet in Mijn na-ijver vernietigd heb. 12 Zeg daarom: Zie, Ik geef hem Mijn verbond van vrede: 13 hij, en zijn nageslacht na hem, zullen het verbond van het eeuwige priesterschap hebben, omdat hij zich voor zijn God heeft ingezet en verzoening voor de Israëlieten heeft gedaan.

Er was een verbond met Levi, de priesters moeten onderwijzen en rechtspreken.

Deut 17:8-11

8 Als bij de rechtspraak een zaak voor u te moeilijk is, bij geschilpunten binnen uw poorten met betrekking tot bloedvergieten, rechtsvordering of geweldpleging, dan moet u opstaan en naar de plaats gaan die de HEERE, uw God, zal uitkiezen. 9 Dan moet u naar de Levitische priesters gaan, en naar de rechter die er in die dagen is, en hen raadplegen. Zij zullen dan een gerechtelijke uitspraak voor u doen. 10 En u moet handelen overeenkomstig de uitspraak die zij u bekendmaken, vanuit die plaats die de HEERE zal uitkiezen. U moet nauwlettend handelen overeenkomstig alles wat zij u leren. 11 Overeenkomstig de wetsregel die zij u leren, en overeenkomstig het vonnis dat zij voor u uitspreken, moet u handelen. U mag van de uitspraak die zij u bekendmaken, niet afwijken, naar rechts of naar links.

God houdt de leiders verantwoordelijk voor de fouten van het volk.

Mal 2:11

Juda handelt trouweloos en er wordt een gruweldaad gedaan in Israël en in Jeruzalem. Want Juda ontheiligt het heilige van de HEERE, dat Hij liefheeft: hij is met de dochter van een vreemde god getrouwd.

Adam had één vrouw tot zijn dood, dat was de bedoeling. Bij scheiding krijgt satan een kans. In Nehemia zien we dat de vrouwen buiten het volk afgoderij brengen, daarom moeten ze binnen het volk trouwen.

Salomo eindigt met afgoderij omdat hij vrouwen uit de omringende volken trouwde.

Mal 2:14-16

14 Dan zegt u: Waarom? Omdat de HEERE Getuige is tussen u en de vrouw van uw jeugd, tegen wie ú trouweloos handelt, terwijl zíj toch uw metgezellin en de vrouw van uw verbond is. 15 Heeft Hij er niet maar één gemaakt, hoewel Hij nog geest over had? En waarom die ene? Hij zocht een goddelijk nageslacht. Daarom, wees op uw hoede met uw geest, en handel niet trouweloos tegen de vrouw van uw jeugd. 16 Want de HEERE, de God van Israël, zegt dat Hij het wegsturen van de eigen vrouw haat, hoewel men het geweld bedekt met zijn gewaad, zegt de HEERE van de legermachten. Wees dus op uw hoede met uw geest en handel niet trouweloos.

God maakte één vrouw voor Adam, en Hij haat scheiding. Hij had goddelijk nageslacht voor Zijn plan in gedachten. Satan wilde dat nageslacht verpesten. Er is strijd tussen het nageslacht van Eva en dat van satan. Het 1e kind was niet van God, Kaïn was van de satan. Hij was uit de boze. Hoe dat is gegaan, weten we niet. Eva dacht dat ze een kind van God had. Dat dit de verlosser zou zijn. Vanaf dit moment zijn er twee zaden.

God begon opnieuw bij Noach. We weten niet altijd hoe dingen gaan. God wil Zijn nageslacht bewaren, dus moesten ze binnen het volk trouwen en niet scheiden.

De Heere Jezus moest steeds demonen uitdrijven, satan zal steeds proberen het plan van God te dwarsbomen.

Mal 2:17

U vermoeit de HEERE met uw woorden, toch zegt u: Waarmee vermoeien wij Hem? Doordat u zegt: Iedereen die kwaad doet, is in de ogen van de HEERE goed, Híj is hen genegen. Of: Waar is de God van het oordeel?

Het volk zegt: God oordeelt toch niet, dus doe wat je wil.

Mal 3:1

Zie, Ik zend Mijn engel, die voor Mij de weg bereiden zal. Plotseling zal naar Zijn tempel komen die Heere, Die u aan het zoeken bent, de Engel van het verbond, in Wie u uw vreugde vindt. Zie, Hij komt, zegt de HEERE van de legermachten.

2 Maar wie zal de dag van Zijn komst verdragen? Wie zal bij Zijn verschijning standhouden? Want Hij is als vuur van een edelsmid, en als zeep van de blekers.

Johannes de doper en de Heere Jezus zijn engelen, boodschappers. Elke Jood verwacht de Messias. Hij zal oordelen met vuur en zeep.

Zach 13:9

Ik zal dat derde deel in het vuur brengen en het louteren, zoals men zilver loutert. Ik zal het beproeven, zoals men goud beproeft. Het zal Mijn Naam aanroepen en Ík zal het verhoren. Ik zal zeggen: Dit is Mijn volk; en zij zullen zeggen: De HEERE is mijn God.

Dan 11:35

Van de verstandigen zullen er struikelen, om hen te louteren, te reinigen en zuiver wit te maken tot de tijd van het einde, want het wacht nog tot de vastgestelde tijd.

Dan 12:10

Velen zullen gereinigd, zuiver wit gemaakt en gelouterd worden. De goddelozen echter zullen goddeloos handelen en geen enkele van de goddelozen zal het begrijpen, maar de verstandigen zullen het begrijpen.

In Jacobs benauwdheid zal het volk gereinigd en gered worden.

Mal 3:5

Ik zal naar u toe komen voor het oordeel. Ik zal een snelle Getuige zijn tegen de tovenaars, tegen de overspelers, tegen hen die valse eden afleggen en tegen hen die het loon van een dagloner met geweld inhouden, die het recht van weduwe, wees en vreemdeling ombuigen, en Mij niet vrezen, zegt de HEERE van de legermachten.

Ze vrezen God niet dus doen alles wat niet mag.

Mal 3:6

Want Ík, de HEERE, ben niet veranderd, ú, kinderen van Jakob, bent daarom niet omgekomen.

God verandert niet.

Mal 3:7

Sinds de dagen van uw vaderen bent u afgeweken van Mijn verordeningen, en hebt u ze niet in acht genomen. Keer terug naar Mij, en Ik zal naar u terugkeren, zegt de HEERE van de legermachten. Maar u zegt: In welk opzicht moeten wij terugkeren?

Als ze zich bekeren, komt de zegening. Er is altijd de oproep, bekeer u. Maar ze vragen in welk opzicht?

Wij behoren Hem toe, ons lichaam, ons bezit, onze tijd.

Mal 3:10-12

10 Breng al de tienden naar het voorraadhuis, zodat er voedsel in Mijn huis is. Beproef Mij toch hierin, zegt de HEERE van de legermachten, of Ik niet de vensters van de hemel voor u zal openen, en zegen over u zal uitgieten, zodat er geen schuren genoeg zullen zijn. 11 Ik zal ter wille van u de kaalvreter bestraffen, zodat hij de vrucht van de aardbodem bij u niet te gronde richt, en de wijnstok op het veld bij u niet zonder vrucht zal blijven, zegt de HEERE van de legermachten. 12 Alle heidenvolken zullen u gelukkig prijzen, want u zult een aangenaam land zijn, zegt de HEERE van de legermachten.

God wil ze zegenen. Hij zegt: beproef Mij. Maar Hij moet lang wachten.

Mal 3:14

U zegt: God dienen is nutteloos! Wat voor nut heeft het dat wij onze taak ten behoeve van Hem vervullen en dat wij in het zwart gaan voor het aangezicht van de HEERE van de legermachten?

Ze vonden God dienen nutteloos.

Mal 3:16-18

16 Dan spreken zij die de HEERE vrezen, ieder tot zijn naaste: De HEERE slaat er acht op en luistert. Er is een gedenkboek geschreven voor Zijn aangezicht, voor wie de HEERE vrezen en wie Zijn Naam hoogachten. 17 En zij zullen voor Mij, zegt de HEERE van de legermachten, op de dag die Ik maken zal, een persoonlijk eigendom zijn. Ik zal hen sparen, zoals een man zijn zoon spaart die hem dient. 18 Dan zult u opnieuw het onderscheid zien tussen een rechtvaardige en een goddeloze, tussen wie God dient en wie Hem niet dient.

Maar er is altijd een gelovig overblijfsel.

Mal 4:1

Want zie, die dag komt, brandend als een oven. Dan zullen alle hoogmoedigen en allen die goddeloosheid doen, stoppels worden. En de dag die komt, zal ze in vlam zetten, zegt de HEERE van de legermachten, Die van hen wortel noch tak zal overlaten.

Bij de wederkomst zal er oordeel zijn over de hoogmoedigen en de goddeloosheid. Het wordt met vuur verbrand, er blijft niet van over.

Mal 4:4-6

4 Denk aan de wet van Mozes, Mijn dienaar, die Ik hem geboden heb op Horeb voor heel Israël, aan de verordeningen en de bepalingen. 5 Zie, Ik zend tot u de profeet Elia, voordat de dag van de HEERE komt, die grote en ontzagwekkende dag. 6 Hij zal het hart van de vaders tot de kinderen terugbrengen, en het hart van de kinderen tot hun vaders, opdat Ik niet zal komen en de aarde met de ban zal slaan.

Johannes de Doper kwam in de geest van Elia. Hij leek op Elia en leefde als Elia. Hij bereidt de weg. Als je het aanvaardt.

De voorwaarde voor het Koninkrijk was dat het volk het aanvaardde, dan was Johannes Elia geweest.

Maar nu moet "Elia" nog komen.

In Openbaring 11 wordt gesproken over twee getuigen.

1 is Elia die de hemel kon openen.

2 is Mozes die water in bloed kon veranderen.

Elia is opgenomen en Mozes heeft geen graf.

Ze werden beiden gezien op de berg van de verheerlijking.

God verandert niet, Hij is genadig en Zijn beloften komen uit.

Wij moeten de gelegenheden benutten vanwege de genade van God.


Deel deze pagina via

Darwin

Darwin: een aanhanger van Johannes van Helmond?Johannes van Helmond leefde rond begin 1600 en schreef een recept voor het maken van muizen: als je oude lappen en graan in een vat stopt en wegzet op een zolder of in een schuur, dan zullen na verloop van tijd vanzelf muizen ontstaan. Het was een wetenschappelijk experiment en herhaalbaar met telkens hetzelfde resultaat. Ook vandaag de dag kan je hetzelfde experiment herhalen met nog steeds dezelfde resultaten.  Het was Louis Pasteur die drie eeuwen later, aan het einde van de 19e eeuw, aantoonde dat het spontaan ontstaan van muizen (en leven), onzin was... totdat de evolutietheorie de kop op stak, met haar bewering dat in een ver verleden spontaan leven ontstaan is uit een levensloze massa... Ik denk dat Darwin een aanhanger was van Johannes van Helmond ... ;) (overgenomen uit Bijbelvast onderwijs)                       

Even een vraag

Fake nieuws:

Volg ons via twitter @egkaleo

Amen

Veel bijbelstudies op onze site
komen van bijbelmagazine Amen.
Meer weten over dit unieke blad
kijk dan snel op amen.nl

Abonneer je op Amen

Agenda

  • 26 11 2017
    samenkomst met Hoite Slagter 10:00 tot 11:30

Recente preken

Loading Player...

Vers van de dag

Psalmen 145:3-3
Gimel. De HEERE is groot en zeer te prijzen, en Zijn grootheid is ondoorgrondelijk.