Wat is een mens zonder De Mens?

Gebruikerswaardering: 0 / 5

Ster inactiefSter inactiefSter inactiefSter inactiefSter inactief
 
uit: AMEN 66, pagina 8 Jb. Klein Haneveld (1918 -1988)
Het profetisch Woord beslaat een groot deel van de Bijbel vormt een bron van hoop en verwachting. Bestudering ervan heeft zonder twijfel invloed op ons leven, ons karakter en ons gedrag.

'En terwijl Hij met mij sprak, werd ik gesterkt' (Daniel 10:19). Met deze woorden beschrijft Daniel de uitwerking, die een profetische openbaring op hem gehad heeft.
Daniel had 'in boeken' (Daniel 9:2), waarschijnlijk in de profetieeen van Jeremia en Ezechiel, gelezen, dat de Babylonische ballingschap spoedig zou eindigen. Hij trachtte door gebed en smeking en door belijdenis van zonden van zichzelf en van zijn volk, en door verootmoediging voor de Here, meer te weten te komen over de toekomst van Israel. Dan wordt de engel des HEREN tot hem gezonden, om hem inzicht te geven in de zaak, die hij wenste te weten. En als onmiddellijk resultaat vermeldt de profeet dan, dat hij versterkt werd. Ons onderwerp is nu na te gaan, welke invloed de profetische waarheid heeft op ons karakter en ons gedrag. Het is nauwelijks nodig er op te wijzen, dat een waarheid alleen effect kan hebben, als die waarheid ook werkelijk geloofd wordt. Daniel werd versterkt door een profetische openbaring.

KARAKTER EN GEDRAG

Nu moeten wij eerst een korte verklaring geven van de woorden 'karakter' en 'gedrag'. Karakter is wat wij zijn. Gedrag is wat wij doen. Veel mensen denken, dat reputatie en karakter dezelfde begrippen zijn, maar dat is niet waar. Reputatie is wat men over ons zegt. Karakter is wat wij zijn. Ik geloof, dat karakter, reputatie en gedrag op de lange duur in volkomen harmonie zullen komen. Het is mogelijk, dat onze reputatie voor een tijd slechter is dan wij werkelijk zijn; maar als wij recht staan tegenover God, dan behoeven wij ons dat niet aan te trekken: op Zijn tijd zullen wij gerechtvaardigd worden. Anderzijds kan men ons ook hoger aanslaan dan wij werkelijk zijn.

Er zijn drie dingen, die op den duur ons karakter vormen:

  • Onze vertrouwelijke omgang met anderen heeft ongetwijfeld invloed op ons karakter. Hier geldt het spreekwoord: 'Zeg mij met wie je omgaat en ik zal zeggen, wie je bent'. Maar ook is van toepassing: 'Soort zoekt soort!'
  • Ook kennis heeft invloed op ons karakter. Wie geen kennis opdoet zal niet tot vorming van zijn karakter komen.
  • Verder wordt ons karakter beinvloed door onze verwachting van de toekomst. Zowel het uitzicht op een blijde toekomst als de vrees voor hetgeen dreigt te komen, werken mede aan de vorming van ons karakter.
Wij willen nu nagaan hoe deze drie genoemde dingen: omgang, kennis en toekomstverwachting samenwerken in hun invloed op het karakter van hem of haar, die de profetieen bestudeert.

1. ONZE OMGANG

Vooral het profetisch gedeelte van de Schrift kan ons brengen tot 'verborgen omgang' met God. De studie van de profetische waarheden d.w.z. het ontvangen van Gods openbaringen betreffende Zijn plannen met de wereld en met ons, gelovigen, brengt ons in een bijzondere intieme verhouding tot God zelf. Christus zegt: 'Ik heb u vrienden genoemd, Ik heb u geen dienstknechten genoemd'. Wat is het bewijs, dat Hij ons in deze verhouding als van vrienden heeft gebracht? Dit: 'Want alles wat Ik van Mijn Vader heb gehoord, heb Ik u bekend gemaakt'. Vriendschap is een intieme relatie, die vertrouwelijke mededelingen impliceert. Abraham werd een vriend van God genoemd, 'En de Here zeide: zal ik voor Abraham verbergen wat Ik ga doen?' Welnu, als God ons een profetie geeft, dan neemt Hij ons op in een wonderbare vertrouwelijke sfeer. Laten wij dus ingaan op Gods uitnodiging, om deelgenoot te worden van Zijn wonderbare toekomstplannen en ons nederzetten in de hemelse gewesten, om gewillig de gezegende invloed te ondergaan van de intieme omgang met de Here Zelf. Ik moet bekennen, dat er een tijd geweest is in mijn leven als christen, dat ik weinig waardering had voor de profetie. Ik dacht, wat heb ik daaraan? Wat ik wil weten, is hoe ik verlost kan worden, hoe ik gezegend kan worden, hoe ik in de hemel kan komen. Wat doet er toe, wat God van plan is met Israel te doen? Wat geeft het, wat Zijn plannen zijn met de wereld? Hij zal op Zijn tijd alles wel in orde brengen. Waarom zou ik bijzondere aandacht wijden aan wat Hij met Israel gaat doen? Ik ben toch geen Israeliet! Nu zie ik, dat deze houding mij verhinderd heeft in intieme gemeenschap te komen met de Here.

2. ONZE KENNIS

Ook de kennis, die wij bij het onderzoeken van de profetie opdoen, heeft een onmisbare invloed op ons karakter. Er opent zich voor de student een heel nieuw onafzienbaar veld van onderzoek, een prachtig panorama van de toekomst der volken. God licht als het ware een sluier op en gunt ons een blik in de toekomst. Aileen door de profetie weten wij iets van wat er na deze bedeling geschieden zal. Wij zien in een open hemel 'het doel van ons begeren' maar ook iets van de verschikking van de hel. In de profetie mogen wij de plannen van God zien met zijn oude uitverkoren volk; maar ook mogen wij een blik slaan in de toekomstige bedeling van het duizend-jarig rijk, wanneer de Zoon van God Zelf de regering over de aarde op Zich zal nemen.
De kennis van het profetische woord kan ons boven het alledaagse verheffen door haar wijdse visie op het heden en de toekomst.

3. ONZE VERWACHTING

Wij willen nu overdenken, hoe ook de toekomstverwachting vormend kan inwerken op ons karakter.
Hebt u wel opgemerkt bij uw Bijbelstudie, dat meer dan drie kwart van de profetie nog onvervuld is? En dat er in het gehele plan van God, zoals Hij dat in de profetie ontvouwt, niets is, dat niet op de een of andere wijze to maken heeft met ons als christenen?

Veronderstel eens, dat wij niets wisten over de toekomst en dus geen hoop of verwachting zouden hebben, hoe verschrikkelijk arm zou dan ons leven als christen zijn. Zelfs in de gewone dingen van het dagelijks leven worden wij beinvloed door wat wij voor de toekomst verwachten. Neem iemand al zijn hoop af, wat moet hij dan beginnen? Hij is tot geen enkele positieve daad meer in staat. Als wij hem echter veel hoop kunnen geven, dan zal hij weer moed en kracht hebben tot actief optreden.
Welnu, in de profetie liggen de grote waarheden, die God aan Zijn kinderen wil openbaren. Hij ontvouwt daarin een prachtige toekomst, waarin wij zelf betrokken zijn en het kennisnemen van die toekomstverwachting werkt vormend op ons karakter. Als Hij ons bijvoorbeeld zegt, dat wij in de toekomst met Christus zullen heersen, dan zal de overdenking van die koninklijke toekomst vanzelf in ons begrip opwekken voor de heerlijke plaats, die wij dan als koningen zullen innemen in het Rijk van God.

Er is in de toekomst niets, behalve de hel, waarbij een christen niet betrokken is. Denk u dat toch eens goed in! Bedenk wat een wereld van gedachten zich voor ons opent bij wat de Schrift ons mededeelt over de hemel, wat daar gebeurt, over de bewoners, waarmede zij zich zullen bezighouden enz. Stel, dat wij daarvan helemaal niets zouden weten, hoe arm zou dan ons leven als christen zijn.

WAT IS ONZE HOOP ?

In dit verband moeten wij ons toch even bezighouden met het Bijbelse begrip 'hoop'. Wat is eigenlijk de hoop van de christen? Vermoedelijk zullen sommigen zeggen: 'Dat wij tenslotte in de hemel zullen komen'. 'Dat wij bij de opening van het Boek des Levens zullen vernemen, dat onze namen daarin staan'. 'Dat wij voor de grote witte troon zullen ontdekken, dat wij verlost zijn'. 'Dat onze zonden zijn vergeven'. Maar, beste broeder of zuster, er staat geen syllabe in de Schrift die zegt, dat de hoop van de christen iets to maken heeft met zijn verlossing. Hoe vaak heb ik aan mensen gevraagd of zij behouden waren en hun antwoord was dikwijls: 'Ik hoop het'. Zij hopen op een uiteindelijke verlossing. Zij hopen, dat Christus hen niet zal loslaten en dat zij in de hemel zullen komen. Ik herhaal: er staat geen woord in de Bijbel, dat grond geeft aan de gedachte, dat wij moeten hopen op een uiteindelijke verlossing. Paulus schrijft aan Titus: 'Want de zaligmakende genade Gods is verschenen aan alle mensen' (Titus 2:11).

Vrienden, onze zaligheid ligt niet ginds verweg bij de hemelpoort, maar bij het kruis! De genade van God, die zalig maakt is verschenen, hier en nu! De Here Jezus geeft zelf een voorbeeld van de reddende liefde van God in de gelijkenis van de barmhartige Samaritaan. Zoals de Samaritaan zich ontfermde over de arme stakker, die half dood aan de weg lag, zo komt God in Zijn genade tot de zondaar, daar waar hij zich bevindt. Het doet er niet toe of hij een grote of een kleine zondaar is, als hij maar het oog des geloofs wil richten op het kruis, dan wordt hij gered!
'De zaligmakende genade Gods is verschenen' zegt Paulus, en 'onderwijst ons, dat wij de goddeloosheid en de wereldse begeerlijkheden verzakende, matig en rechtvaardig en godzalig leven zouden in deze tegenwoordige wereld'. Een verloste zondaar moet matig en rechtvaardig en godzalig leven, omdat hij verlost is. De Schrift zegt niet, dat een goddeloze godzalig moet leven. Dat is een onmogelijkheid. Maar dan gaat de apostel verder: 'Verwachtende de zalige hoop en verschijning der heerlijkheid van de grote God en onze zaligmaker Jezus Christus'. Wat is nu die zalige hoop? Is dat de verwachting van onze uiteindelijke zaligheid? Welnee: de zaligmakende genade van God is immers reeds verschenen. Moeten wij dan streven naar een godzalig leven? Nee, want de genade die ons heeft zalig gemaakt, leert ons godzalig te leven. Wij mogen uitzien naar die zalige hoop van de verschijning van de grote God en van onze Zaligmaker Jezus Christus. Dat is onze gezegende hoop! Nergens, nergens in de Schrift wordt ons de hemel voorgesteld als de plaats, waar wij te weten zullen komen of wij behouden zijn of niet.

GEVOLGEN VAN DE GENADE

In het vijfde hoofdstuk van de Brief aan de Romeinen staat een wonderbare opsomming van de gevolgen van de genade: 'Wij dan, gerechtvaardigd zijnde uit het geloof, hebben vrede met God door onze Here Jezus Christus'.
Wij behoeven dus niet te hopen op vrede met God. Als wij geloof hebben, zijn wij gerechtvaardigd en hebben wij vrede met God door onze Here Jezus Christus. 'Door welke wij ook de toeleiding hebben door het geloof tot deze genade, in welke wij staan'. Genade is onverdiende gunst. Waar staat dus een gelovige? In de onverdiende gunst van God. Hij verdient niet behouden te worden, maar, prijs de Here, hij is behouden. 'En roemen in de hoop der heerlijkheid Gods'. Waarop hopen wij dus? Niet op de verlossing door God, maar op de heerlijkheid van God.
In de brief aan de Kolossenzen-brief lezen wij, dat wij de heerlijkheid van God zullen ontvangen, wanneer Christus geopenbaard zal worden. De wederkomst in heerlijkheid van onze Here is de hoop van de gelovige. Van al de nog onvervulde profetieeen zal dit de eerste zijn, die in vervulling gaat.

Welnu, als u weet en gelooft, wat Jezus heeft gezegd: 'Waakt dan, want gij weet niet in welk uur de Here komt', gelooft u dan niet dat deze hoop invloed zal hebben op uw karakter en gedrag?

"Indien gij dan met Christus opgewekt zijt, zo zoekt de dingen, die boven zijn, waar Christus is, zittende aan de rechterhand Gods; bedenkt de dingen die boven zijn, niet die op de aarde zijn. Want gij zijt gestorven en uw leven is met Christus verborgen in God. Wanneer nu Christus zal geopenbaard zijn, die ons leven is, dan zult ook gij met Hem geopenbaard worden in heerlijkheid" (Kolossenzen 3:1-14).

Zie, dat is waar wij naar uitzien, dat is onze hoop: de wederkomst van Christus in heerlijkheid. Misschien zegt iemand: wat heeft dat nu to maken met mijn wandel en karakter; dit is toch alleen maar een profetische vermelding. Er staat geen enkele abstracte of theoretische leerstelling in de Schrift. God wil, dat elke waarheid, die Hij ons geeft in Zijn Woord, invloed heeft op ons gedrag. Wij weten en geloven en verwachten, dat wij Hem zullen gelijken als Hij geopenbaard zal worden, dat wij Hem zullen zien zoals Hij is 'en een ieder, die deze hoop op Hem heeft, reinigt zichzelf, zoals Hij rein is'. Het is mogelijk, dat deze leer ons niets doet, maar is het dan wel een hoop? Als die hoop werkelijk in ons leeft, dan zal het een reinigende hoop zijn, zoals het geinspireerde Woord zelf zegt. Die hoop zal een stempel zetten op ons karakter en op onze wandel.

Deel deze pagina via

Darwin

Darwin: een aanhanger van Johannes van Helmond?Johannes van Helmond leefde rond begin 1600 en schreef een recept voor het maken van muizen: als je oude lappen en graan in een vat stopt en wegzet op een zolder of in een schuur, dan zullen na verloop van tijd vanzelf muizen ontstaan. Het was een wetenschappelijk experiment en herhaalbaar met telkens hetzelfde resultaat. Ook vandaag de dag kan je hetzelfde experiment herhalen met nog steeds dezelfde resultaten.  Het was Louis Pasteur die drie eeuwen later, aan het einde van de 19e eeuw, aantoonde dat het spontaan ontstaan van muizen (en leven), onzin was... totdat de evolutietheorie de kop op stak, met haar bewering dat in een ver verleden spontaan leven ontstaan is uit een levensloze massa... Ik denk dat Darwin een aanhanger was van Johannes van Helmond ... ;) (overgenomen uit Bijbelvast onderwijs)                       

Even een vraag

Fake nieuws:

Volg ons via twitter @egkaleo

Amen

Veel bijbelstudies op onze site
komen van bijbelmagazine Amen.
Meer weten over dit unieke blad
kijk dan snel op amen.nl

Abonneer je op Amen

Agenda

  • 26 11 2017
    samenkomst met Hoite Slagter 10:00 tot 11:30

Recente preken

Loading Player...

Vers van de dag

Filippenzen 4:4-4
Verblijdt u in den Heere te allen tijd; wederom zeg ik: Verblijdt u.