Lees de bijbel niet als een notaris, maar als een erfgenaam

Gebruikerswaardering: 0 / 5

Ster inactiefSter inactiefSter inactiefSter inactiefSter inactief
 
uit: AMEN 61, pagina 28 Ronald Lammers

In deze drie-delige serie gaat het over zegen, zegenen, gezegend zijn, zegen en vloek en de zegeningen van het geloof.
'Waarom spreken jullie aan het einde van een eredienst geen zegen uit, zoals gebruikelijk is in veel kerken en gemeenten?'.
'Als er geen zegen wordt uitgesproken aan het einde van een eredienst, mis ik dat' De dienst lijkt niet af. Wat is er op tegen?'.
Deze twee vragen zijn aanleiding geworden tot deze studie.

1. De Here zegene en behoede u

De twee bovengenoemde vragen worden gesteld vanuit drie gedachten die op de achtergrond leven:
1. Wij zijn het zo gewend in de kerk of gemeente waaruit we zijn voortgekomen. Het is een gewoonte vanuit de Rooms-Katholieke en Protestantse traditie. Een gewoonte die we ook terugvinden in veel baptistenkerken en evangelische gemeenten. Alleen in de Vergadering van gelovigen wordt de zegen consequent uitgesproken.
2. Van een eredienst gaat pas werkelijk een zegen uit wanneer er ook daadwerkelijk een zegen wordt uitgesproken. We ervaren pas Gods zegen als die ook wordt doorgegeven!
3. In het geven van Gods zegen ligt de verwachting dat God met ons zal zijn in de week die voor ons ligt.
Toen in veel Protestantse kerken een discussie werd gevoerd of kinderen gedurende de preek niet in een aparte kindernevendienst onderwezen moesten worden in Gods Woord, werd er gezegd dat ze wel aan het einde van de dienst terug moesten zijn en wel in het bijzonder wanneer de dominee Gods zegen uitsprak. Kinderen moesten immers ook delen in de zegen van God!
Wanneer we kijken naar een voorbeeld van een zegenbede die in veel kerken gebruikt wordt, kunnen we ons voorstellen dat deze zegen verwachting wekt. Het is de bekende passage uit Numeri 6:24-26:


De Here doe Zijn aangezicht over u lichten
en zij u genadig;
De Here verheffe zijn aangezicht over u
en geve u vrede.

Wij hebben behoefte aan Gods bescherming in een wereld die steeds losser van God komt te staan. Wij hebben behoefte aan een God die aan ons denkt en ons onze schuld vergeeft vanuit Zijn genade. Wij hebben behoefte aan innerlijke vrede in een wereld die voor veel onrust zorgt. Een onrust die ook vaak in ons eigen gezin of ons eigen hart zit.
In het beluisteren en ontvangen van deze zegen ligt de geruststelling dat God ons in de komende week zal beschermen, genadig zal zijn en ons vrede zal geven.
Wanneer deze zegen dan niet wordt uitgesproken dan missen we deze geruststelling en hebben we het gevoel dat er iets ontbreekt.
Met andere woorden: we kunnen heerlijk hebben gezongen tot Gods eer. We kunnen een fijne aanbiddingstijd hebben gehad. We kunnen aangeraakt zijn door de prediking en door de getuigenissen die in de dienst werden gegeven. Maar als we het gebed om Gods zegen niet hebben gehoord, dan missen we die. Is dat reeel?

In een boek over liturgie las ik dat het gebruik om de prediking of de dienst af te sluiten met deze zegenbede pas in zwang is geraakt vanaf het jaar 1526. In de eerste 1000 jaar van het christendom was de zegen als afsluiting van de dienst zelfs nog niet gebruikelijk.
Luther heeft de zegenbede uit Numeri 6 ingevoerd in de eredienst vanuit het idee dat dat de woorden waren die Jezus uitsprak bij Zijn Hemelvaart toen Hij afscheid nam van Zijn discipelen (Lukas 24:50).
Hoewel er ook andere tekstgedeelten als zegenbede werden en worden uitgesproken, bijv. 2 Korinthe 13:13 en Filippenzen 4:7 bleef de zegenbede uit Numeri 6 de meest gebruikte. In sommige kerken zelfs de enige zegenbede die mag worden doorgegeven.
Hoewel de zegenbede uit Numeri 6 verwachtingen wekt en in die verwachting voor ons ook de betekenis ligt van de zegen zelf, moeten we kijken naar de betekenis die de Bijbel geeft aan het woord 'zegen'.

2. Het woord 'zegen'

In onze taal is het woord 'zegen' afgeleid van het Latijnse signum. Het Griekse woord is eulogia dat letterlijk 'goed spreken' betekent. Het Hebreeuwse woord is barache, waarvan de wortel 'knielen' betekent. Dit in verband met het feit dat zegenen ook wordt toegepast op God. De mens zegent God in de betekenis van lofprijzing. Hij spreekt goed van God, over God en tot God! Het knielen laat een houding zien waarin dit gebeurt of de innerlijke houding van nederigheid van de kleine mens t.o.v. de grote God.
Als wij echter nadenken over het woord zegen, denken we meer aan de wijze waarop het in ons taalgebruik voorkomt. In uitdrukkingen als: iemand zijn zegen geven of op dat werk rust geen zegen of zij is in gezegende omstandigheden. Wanneer wij iemand onze zegen meegeven willen wij dat het de ander goed gaat. Als wij zeggen dat er op het werk geen zegen rust, betekent dit dat er geen winst wordt gemaakt en de zaken achteruitgaan. En als iemand in gezegende omstandigheden is, is zij zwanger, al ligt zij misschien zeven maanden in een ziekenhuis.
Zegen verbinden wij in ons gevoel het meest met voorspoed en geluk. En daar is Bijbels gezien best wel wat voor te zeggen.

Om werkelijk te ontdekken wat 'zegen' betekent in de Bijbel, moeten we het gebruik van dit woord in de Bijbel onderzoeken. Van daaruit kunnen we dan lijnen gaan trekken naar ons dagelijks leven en naar het gemeenteleven.

3. Zegenen in onze gemeenten

Het geven van een zegen als afsluiting van de eredienst, is, zoals eerder gezegd, een gebruik in Rooms-Katholieke en Protestantse kerken. En ook in veel diensten van baptisten-, pinkster- en andere evangelische gemeenten komt dit gebruik voor.
Er worden kinderen opgedragen en Gods zegen gevraagd over hun leven. Dit gebeurt ook wanneer een stel gaat trouwen. Het huwelijk wordt in het gemeentehuis gesloten. In de gemeente van God wordt in een samenkomst Gods zegen gevraagd over het bruidspaar in hun verdere leven. De gemeente zingt daarbij vaak ook een zegenbede. Daarnaast worden oudsten en diakenen 'ingezegend', vaak door gebed met handoplegging. Het zegenen in de gemeenten komt dus zeer regelmatig voor. Bovendien wensen wij elkaar ook vaak Gods zegen toe.
Maar als dit zegenen dan toch zijn plaats heeft in het gemeenteleven, waarom wordt er in allerlei gemeenten dan geen zegenbede uitgesproken aan het einde van de dienst? Die vraag wordt beantwoord aan het einde van deze studie. Eerst gaan we in op het eerste gebruik van het woord 'zegen' in de Bijbel en gaan we ontdekken in hoeverre wij leven onder Gods zegen!

4. Gods zegen in de schepping

God is het die zegent. En Hij doet dat al vanaf het begin van Zijn scheppingswerk. In Genesis 1:22 zegent hij de vissen en de vogels en in vers 28 man en vrouw! Die zegen houdt vruchtbaarheid in. Het is gekoppeld aan de woorden: Weest vruchtbaar en wordt talrijk op het moment dat deze zegen wordt uitgesproken is daarvan nog niets zichtbaar. God staat er echter zelf garant voor dat mens en dier zich gaan vermenigvuldigen. Gods zegen ontsluit de toekomst voor mens en dier en dat is typerend voor Gods zegen. Want een gezegend leven is een leven dat in de ware zin van het woord door God ontsloten wordt en dat zich daardoor tot zijn volheid ontplooien en ontwikkelen kan . Een mens kan dus tot ontplooiing komen onder Gods zegen. Later in de Schrift wordt die zegen verbonden met gehoorzaamheid. De zegen zelf is geen magische formule tot succes, maar door God uitgesproken een garantie voor het goede dat Hij wil uitwerken. Het tegenovergestelde is de vloek die meerdere malen in de Schrift wordt genoemd. De vloek heeft ook geen magische kracht, maar is het gevolg van ongehoorzaamheid aan de wil van God. Als gevloekte kan een mens niet vruchtbaar zijn. Een gevloekt leven is een bestaan dat niet verder kan komen dan tot het stukslaan van de vuisten op die deuren die niet open kunnen.
Gods zegen is het goede van God dat tot de mens komt.

5. De zegen van Abraham

Het woord 'zegen' als zelfstandig naamwoord komt voor het eerst voor bij Abraham in Genesis 12:2,3. We gaan dit gedeelte bestuderen in het commentaar dat Paulus geeft in zijn brief aan de Galaten.
In Galaten 3:9 staat: . In de daaraan voorafgaande woorden wordt die zegen ´evangelie´ genoemd. Wie was Abraham? Hij was een 'rechtvaardige', omdat Hij op God vertrouwde en niet op zijn eigen kracht. Hij kon geen kinderen meer verwekken, maar vertrouwde, geloofde God dat toch uit hem een nageslacht zou voorkomen. Dat was Gods zegen.
Feitelijk zou de zoon van Abraham letterlijk geboren worden als door de dood heen, want Abraham was al impotent.
Zo is het ook met ons geloof. Wij zijn niet in staat uit eigen kracht iets goeds voort te brengen. Wij kunnen God vanuit onszelf niet behagen. Maar wij leren te vertrouwen op God in geloof dat Hij ons zal zegenen door Zijn eigen Zoon die voor ons de dood is ingegaan en levend is geworden. De zegen van God komt tot ons in de Here Jezus Christus.
Dit geloof in Christus maakt ook van ons rechtvaardigen. D.w.z. mensen die recht staan t.o.v. God. Mensen bij wie hun schuld is weggedaan. Letterlijk genageld aan het kruis. Wij waren gevloekten, onvruchtbaar, want wij waren niet in staat Gods wil volmaakt te doen (Galaten 3:10,11). Maar doordat Christus zelf voor ons een vloek is geworden, heeft hij ons losgemaakt van de vloek.
En dan staat er in vers 14: "Zo is de zegen van Abraham tot de heidenen gekomen in Jezus Christus, opdat wij de belofte des Geestes ontvangen zouden door het geloof".

De ware kinderen van Abraham zijn niet zijn letterlijke nakomelingen. De ware kinderen van Abraham staan in hetzelfde geloof als Abraham. Alleen zij, die uit het geloof zijn, zijn kinderen van Abraham. En ontvangen dus de zegen van Abraham, d.w.z. de zegen van God die aan Abraham is gegeven.

Hier gaat het niet om een zegen aan de gemeente of aan het volk Israel gegeven. Hier gaat het om mensen, of het nu Joden of heidenen zijn, die door geloof in de rechte verhouding tot God zijn komen te staan. De zegen is hier namelijk de rechtvaardigmaking.
Als wij erkennen dat wij voor God onvruchtbaar zijn, niet in staat Hem tevreden te stellen met al onze woorden en daden, als wij erkennen dat wij Jezus nodig hebben die, zoals een bekend lied zegt 'in onze plaats ging staan' en de straf heeft gedragen die wij hadden verdiend, dan worden wij door dat geloof rechtvaardig gemaakt.

De zegen is dus ook tot ons gekomen in Jezus Christus.

Deel deze pagina via

Darwin

Darwin: een aanhanger van Johannes van Helmond?Johannes van Helmond leefde rond begin 1600 en schreef een recept voor het maken van muizen: als je oude lappen en graan in een vat stopt en wegzet op een zolder of in een schuur, dan zullen na verloop van tijd vanzelf muizen ontstaan. Het was een wetenschappelijk experiment en herhaalbaar met telkens hetzelfde resultaat. Ook vandaag de dag kan je hetzelfde experiment herhalen met nog steeds dezelfde resultaten.  Het was Louis Pasteur die drie eeuwen later, aan het einde van de 19e eeuw, aantoonde dat het spontaan ontstaan van muizen (en leven), onzin was... totdat de evolutietheorie de kop op stak, met haar bewering dat in een ver verleden spontaan leven ontstaan is uit een levensloze massa... Ik denk dat Darwin een aanhanger was van Johannes van Helmond ... ;) (overgenomen uit Bijbelvast onderwijs)                       

Even een vraag

Fake nieuws:

Volg ons via twitter @egkaleo

Amen

Veel bijbelstudies op onze site
komen van bijbelmagazine Amen.
Meer weten over dit unieke blad
kijk dan snel op amen.nl

Abonneer je op Amen

Agenda

  • 26 11 2017
    samenkomst met Hoite Slagter 10:00 tot 11:30

Recente preken

Loading Player...

Vers van de dag

Psalmen 145:8-8
Cheth. Genadig en barmhartig is de HEERE, lankmoedig en groot van goedertierenheid.